Joris Voorhoeve over nieuw NIOD-rapport: ‘Conclusies sterker aangezet’

Hannah Kooy ,

Vorige week presenteerde het NIOD de conclusies van onderzoek naar nieuw beschikbaar gekomen bronnen over de val van Srebrenica. Deze bronnen gingen voornamelijk over de vragen: was er voorkennis bij de grote Westerse inlichtingendiensten én was er een geheime afspraak over het uitsluiten van luchtsteun?

Onderzoeksprogramma Argos presenteerde in de zomer van 2015 bewijzen voor een dergelijke geheime afspraak in de VPRO/HUMAN-televisiedocumentaire ‘Waarom Srebrenica moest vallen’. Na de recente bronnenverkenning concludeert het NIOD juist dat hiervoor geen bewijs is.

Vandaag vertelden Wichert ten Have, ad interim-directeur van het NIOD ten tijde van het onderzoek en projectleider Koos van der Bruggen over het verloop van het recent afgeronde onderzoek en hun conclusies.

Geheime Amerikaanse documenten

In 2002 publiceerde het NIOD een groot rapport na jarenlang onderzoek te hebben gedaan naar de val van Srebrenica. Een duizenden pagina’s tellende studie was het resultaat. Vorig jaar kreeg het onderzoeksinstituut opdracht van de regering om te gaan kijken naar bronnen die sindsdien beschikbaar zijn gekomen. Dit naar aanleiding van nieuwe informatie die naar voren kwam in de televisiedocumentaire van Argos en in een boek van Joris Voorhoeve, toenmalig minister van Defensie. Beiden baseerden zich deels op honderden -voorheen geheime- Amerikaanse documenten, onder andere van de CIA, vrijgegeven door de Clinton Presidential Library in 2013. Deze interne documenten uit de regering van president Bill Clinton ten tijde van de Joegoslavische Burgeroorlog zijn nu ook door het NIOD onderzocht.

Ten Have benadrukt wel dat het recent afgeronde onderzoek een verkenning was en geen opdracht tot het houden van een allesomvattende studie van bronnen. “Het was een verkenning om te kijken of er, sinds dat vorige NIOD-rapport uit 2002, nog gegevens zouden zijn te vinden die weer aanleiding zouden zijn voor een echt degelijk langdurig onderzoek.”

‘Bill had geen tijd’

Gevraagd of het gelukt is om bij dit nieuwe onderzoek hoofdrolspelers, zoals president Clinton, te pakken te krijgen antwoordt Van der Bruggen: “Via de ambassade zijn pogingen gedaan om Clinton te benaderen. Gegeven de verkiezingscampagne op dat moment hadden we weinig illusie dat dat zou lukken. Maar het is wel geprobeerd.” Ten Have grapt: “Bill had geen tijd.”

Ook andere kopstukken uit de Clinton-regering, zoals de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken en vice-president Al Gore, en ook de hoge Franse generaal Janvier zijn benaderd maar dit leidde helaas niet tot reactie vertelt Van der Bruggen: “Het is teleurstellend, maar het is ook weer niet onverwacht.”

‘Het kan nog vele jaren duren’

Joris Voorhoeve is blij met het nieuwe NIOD-rapport en noemt het een mooi stuk werk. Maar hij constateert wel dat de conclusies die worden getrokken aan het einde van het rapport vaak harder zijn dan de genuanceerde analyse in de tekst. De voormalige minister van Defensie denkt dat dit komt omdat men niet een rapport met open einden wilde uitbrengen. “Open einden leiden weer tot heel veel vragen. Daarom heeft men eigenlijk, concluderend dat die vragen niet te beantwoorden zijn, die conclusies wat sterker aangezet om dat een beetje dicht te schroeien.”

Voorhoeve vindt dat er nog veel vragen over blijven, vooral ook omdat veel belangrijke inlichtingendiensten en hoofdrolspelers geen medewerking hebben willen geven aan het onderzoek. Voorlopig zal de zoektocht naar de waarheid over de val van Srebrenica dus niet verder komen.  “Het kan nog vele jaren duren voordat de archieven opengaan. Als ze ooit opengaan.”