Arnon Grunberg

Wim Noordhoek ,

Arnon Grunberg treedt samen met vriend en VPRO-radiomaker Wim Noordhoek op. Grunberg en Noordhoek spreken elkaar wekelijks op maandag in het radioprogramma De Avonden.


We spreken elkaar elke maandag, op de radio, al meer dan tien jaar, meestal om twee uur, maar het kan ook tien uur 's ochtends zijn of zes uur in de namiddag. Het wordt dan ’s avonds uitgezonden.
Ik zit in een Amsterdamse studio, hij op een hotelkamer, in een vertrekhal of kleedkamer. Soms in een rijdende trein. Hij blijft maar bewegen, van congres naar festival of voorstelling. Toch is zijn beweging een vorm van stilstand. Hij doet me denken aan de marconist die uitlegde dat zeeschepen eigenlijk stilliggen. De wereld trekt aan ze voorbij.

We zien mekaar hoogst zelden, soms bij een gelegenheid of presentatie. Eigenlijk bestaan we uit stem. Aan een stem is alles af te horen. De Arnon die uit z'n stem oprijst is een ander dan die welke ik soms in levende lijve zie. Zijn stem is zeer nabij en vertrouwd ik ken elke aarzeling. De levende man is afwachtend, gedistantieerd, ook omdat er veel mensen om hem heen zijn.

Het voornaamste doel van ons praten is praten. Een vorm van musiceren. Een geïmproviseerd stuk muziek voor twee stemmen dat we tot een eind moeten brengen, met halverwege een lange solo voor hem, omdat hij de solist is en ik de begeleider.

Vooraf spreken we af wat de opnametijd kan zijn. Ook daarbij nemen we vaste rituelen in acht, zoals de formule dv., als god het wil, of zijnerzijds 'inshallah'. We zijn niet gelovig, maar we kennen onze plaats. En we hechten aan onze wekelijkse afspraak. Liefst niet onderbroken door feest- of vakantiedagen die het ritueel verstoren.

We praten kort vooraf om na te gaan of 'alles werkt' en de ontvangst goed is, liefst 'alsof je naast me zit', zoals men dat bij verbindingen met Nederlands-Indië wel zei. Soms is z'n petekind op de achtergrond hoorbaar.
De afspraak is dat ik alles vragen mag en dat hij naar vermogen antwoordt. Het is geen interview, eerder een vraaggesprek. Dat begint met een vraag naar aanleiding van z'n weblog of een stukje, dan leest hij z'n kroniek en stel ik nog een vraag. Samen duurt het twaalf á dertien minuten.

Onze voornaamste, misschien enige luisteraar is Arnons moeder.