Prijsschieten

'Aan de rivier' is geen ecoroman, maar er zwemmen wel vissen voorbij met vreemde tumoren en rafelige vinnen. Liefdevol schildert Campbell het leven langs de oevers van deze rivier.

Als je als Amerikaanse schrijver je roman niet in de stad situeert, maar ergens op het ruige platteland, loop je algauw kans door de critici te worden weggezet als ‘regionaal’, zoals ook hier de term ‘provinciaal’ niet direct een positieve connotatie heeft. Gelukkig zijn er schrijvers zoals Bonnie Joe Campbell, die zich daar niets van aantrekken en hun lezers de rivier mee opnemen. De Stark, die door Michigan loopt, waar tijgersalamanders en bijtschildpadden huizen, maar waar ook metaalfabrieken hun giftige afval lozen in het water.

Aan de rivier is geen ecoroman, maar er zwemmen wel vissen voorbij met vreemde tumoren en rafelige vinnen. Liefdevol schildert Campbell het leven langs de oevers van deze rivier. Hier groeit Margo Crane op, die vijftien is als we kennis met haar maken. Margo kan met een schot een hert door z’n hart schieten, waarna ze eigenhandig de poten eraf zaagt en het vilt. Maar als het nodig is, schiet ze ook zo de lul van een belager eraf. En dat is nodig, want Margo is beeldschoon en dat blijft niet onopgemerkt. Ruig en kwetsbaar tegelijkertijd, dat geldt voor de onvergetelijke Margo, maar ook voor deze roman.