Muizenangst

Jeroen van Kan ,

‘Wat ik tegenover muizen voel is banale angst,’ schrijft Franz Kafka op 4 december 1917 aan zijn goede vriend max Brod. Vervolgens wijdt de schrijver maar liefst vier kantjes aan zijn muizenangst. De brief wordt aanstaande vrijdag geveild.

Naar schatting moet de brief zo’n 42.000 euro opleveren, schrijft de Frankfurter Allgemeine Zeitung. De muizenbrief zal waarschijnlijk bij een particuliere verzamelaar terecht komen. Het Literaturarchiv in Marbach, dat over een uitgebreide collectie brieven en manuscripten beschikt van de auteur, heeft al laten weten niet over voldoende geld te beschikken om mee te bieden.
 
Kafka heeft geen idee waar zijn angst vandaan komt, maar dat weerhoudt hem er niet van toch een flinke passage te wijden aan een mogelijke oorzaak: ‘Net als de angst voor ongedierte hangt hij (de angst dus, jvk) beslist samen met het onverwachte, ongevraagde, onvermijdelijke, tot op zekere hoogte stomme, verbeten, met geheime bedoelingen geladen verschijnen van deze dieren, met het gevoel dat ze de muren aan alle kanten om je heen honderdvoudig doorgraven hebben en daar zitten te loeren, dat ze zowel door de nachttijd die hun toebehoort als door hun nietigheid zo ver van ons staan en daardoor nog minder grijpbaar zijn.’
 
Bovenstaand citaat is afkomstig van het weblog van de Vlaamse schrijver Piet de Moor, die eind vorige maand een mooi stukje schreef over de brief.
 
De muizenbrief van Kafka duikt vaker op. Het is een van de weinge brieven van de schrijver die niet in handen zijn van het Literaturarchiv of de Bodleian Library in Oxford. Max Brod gaf de brief ooit aan zijn secretaresse, die hem na zijn dood te koop aanbood. Voor het eerst dook de brief op een veiling op in 1981, en vervolgens weer in 1997. Aangezien de waarde van originele Kafka-teksten blijft stijgen, zijn er regelmatig verzamelaars die weer afstand doen van hun bezit om de winst op te kunnen strijken.
 
Brod adviseert Kafka overigens om muizenvallen neer te zetten. Kafka vindt dat geen goed idee. Muizenvallen trekken muizen aan.

Op dinsdag 4 december 1917 schrijft Kafka een brief van vier kantjes aan Max Brod en beschrijft daarin hoe hij door omstandigheden de muizenvangverplichtingen van zijn kat zelf op zich zal moeten nemen.