Hoe een fatsoenlijke jongen de holocaust in gang zette

Frank Mulder ,

Topnazi Reinhard Heydrich was geen psychopaat, maar een welopgevoede burgerman die geleidelijk radicaliseerde, blijkt uit een nieuwe biografie van Robert Gerwarth.

Nee, het werk van haar man was niet makkelijk voor iemand met zo’n ‘milde inborst’, vond Lina Heydrich. Zelf zag hij zich als ‘belangrijkste vuilnisophaler van het Derde Rijk’, die een onaangename, maar noodzakelijke taak moest verrichten. Toen het Duitse leger door Rusland stormde, in die zwarte dagen van 1941, liet hij zijn ssmoordcommando’s achter het front dagelijks een paar duizend Russische Joden uit de weg ruimen. Het moest meedogenloos gebeuren, maar wel fatsoenlijk.
Heydrich hield van orde. Wie plunderde of verkrachtte, werd stevig aangepakt. Stelen is laag, vond hij. Europa moest netjes worden gezuiverd van zieke elementen, zoals communisten, katholieke geestelijken en Joden. Ook van Polen en Slaven en andere ondermensen, maar die waren voorlopig nog nodig als werkslaven. Toen hij merkte dat het mentaal toch wel wat deed met zijn mannen om rijen vrouwen en kinderen van dichtbij neer te knallen, zocht hij naar een beter systeem. Zo kwamen de gaskamers in beeld. Toen Heydrich in juni 1942, op 38-jarige leeftijd, bij een knullige aanslag om het leven kwam, was hij een van de belangrijkste nazi’s van het Derde Rijk. In een carrière van nog geen elf jaar had ‘de beul van Hitler’, in de woorden van Thomas Mann, drie cruciale functies verworven. Hij was allereerst hoofd van het Reichssicherheitshauptamt (RSHA), het terreurapparaat dat bestond uit de geheime politie en de ss-inlichtingendienst, waar ook de beruchte moordcommando’s in Oost- Europa, de Einsatzgruppen, onder vielen. Daarnaast was hij in 1941 door Hitler benoemd tot Reichsprotektor van Tsjechië, waar hij met keiharde hand regeerde. En ten derde had hij in 1941 de verantwoordelijkheid gekregen voor de ‘definitieve oplossing van het Joodse vraagstuk’. Hij mocht bepalen wat er met de Joden ging gebeuren. Drie topbanen dus, voor Heydrich.

Heel normaal

Hoe kan een welopgevoede burgerman zo in en in slecht worden? Talloze films, artikelen en boeken hebben die vraag onderzocht. Afgelopen jaar deed Laurent Binet het nog met de bekroonde roman HhhH (Himmlers hersens heten Heydrich). Maar volgens Robert Gerwarth, een historicus uit Dublin die nu een tijdje onderzoek doet in Princeton, miste er nog een wetenschappelijke biografie die uitging van recente inzichten over de nazistaat. Aan de hand van nieuwe bronnen, zoals de brieven aan Lina en documenten uit Praag, laat hij zien dat ‘het blonde beest’ en de ‘boosaardige god van de dood’, zoals tijdgenoten hem omschreven, helemaal geen psychopaat was.
Gerwarth: ‘Het is het makkelijkst om hem als pathologisch figuur weg te zetten. Dan hoeven we er niet over na te denken. Maar zijn jeugd was juist heel normaal, welgesteld zelfs. Hij was geen ontspoorde outcast, maar een ambitieuze en succesvolle man. Het blijkt dat hij maar heel geleidelijk radicaliseerde. Het was eigenlijk toevallig dat hij nazi werd.’ Door een affaire werd Heydrich in 1930 ontslagen bij de marine. Hij raakte in een diepe persoonlijke crisis. Hij besloot radicaal te breken met het burgermansbestaan toen hij Lina van Osten tegenkwam, een extreem antisemitisch meisje. Via haar netwerk kon hij een baan krijgen bij het elitaire ss-corps, waar hij voor Heinrich Himmler een inlichtingendienst moest opzetten.
Op zichzelf was het geloof in geweld niet nieuw voor hem, zegt Gerwarth. ‘Als tiener had hij de Eerste Wereldoorlog meegemaakt, en op straat vochten milities tegen elkaar, in 1917, en tijdens de hele jaren twintig. Dat geweld bij politiek hoort, wist hij al. Maar bij de ss werd hij ondergedompeld in een groep jonge, hoogopgeleide mannen die ervan overtuigd waren dat de wereld een bikkelharde strijd is op leven en dood, waarbij elke vorm van zwakheid fataal kan zijn.’

Radicale daden

Heydrich werkte effectief en bouwde in no time een gevreesde inlichtingendienst op. Hij bleek meedogenloos in het uitschakelen van tegenstanders, of het nu sociaaldemocraten waren of medenazi’s die te sterk dreigden te worden, zoals Ernst Röhm, nota bene de peetvader van zijn kind. Anderen liet hij martelen of opsluiten in een kamp.
Halverwege de jaren dertig leken de nazi’s echter door hun politieke vijanden heen te raken, zegt Gerwarth. Toen begonnen de Joden pas aandacht van Heydrich te krijgen. ‘Hij begon te waarschuwen dat er achter de sociaaldemocraten een veel gevaarlijker vijand schuilt, namelijk de Joden en de priesters die politiek bedreven. Het waren parasieten die uitgeschakeld moesten worden met uiterste hardheid.’ Hij wist zijn terreurorganisatie te presenteren als onmisbaar keurcorps van mannen die zich niet laten leiden door de wet, maar alleen door raszuiverheid en ideologie.
De machtsstructuur van het Derde Rijk zorgde ervoor dat het geweld zichzelf versterkte. ‘Het was een polycratische jungle van elkaar beconcurrerende organen waar mensen initiatief moesten tonen om op te vallen. Radicale daden werden beloond. Heydrich bleek dit spel heel goed te spelen, misschien ook wel om te compenseren voor twijfels die er waren over zijn loyaliteit en zijn late partijlidmaatschap. En voor de geruchten, onjuiste, dat hij Joodse voorouders had. Hij wilde een modelnazi worden, volgens de idealen van de ss: mannelijk, atletisch, hard en pragmatisch.’

Deporteren
De ideologie van het vijanddenken werd nog waanzinniger in het bedwelmende vuur van de oorlog die uitbrak. Heydrich en andere ss’ ers zagen de wereldoorlog als unieke, historische kans om de vijand voorgoed te verwijderen uit het hart van de samenleving. ‘Wat verwijderen betekende, vulde Heydrich nog niet in. Zijn uiteindelijke doel was niet het doden van Joden, maar het uiteenrafelen van de complexe etnische mix van Centraal-Europa. Europa moest zuiver germaans worden. Maar de Joden vormden wel een overzichtelijke groep. Door hen te deporteren kon hij laten zien hoe goed hij Hitlers ideaal kon verwezenlijken. De rest zou na de oorlog wel komen.’
Stapsgewijs veranderde deporteren in uitroeien. Er was niet een vooropgezet plan, weten we tegenwoordig. Het lijkt erop dat lokale massamoorden in 1941 steeds verder geïnstitutionaliseerd werden. Volgens sommige historici ging dat proces bijna vanzelf, als gevolg van oorlogswreedheden en logistieke problemen bij de deportaties. ‘Maar Heydrichs rol was wel degelijk van doorslaggevend belang’, vindt Gerwarth. ‘Als een van de weinigen had hij zowel macht in in het oosten, met zijn moordcommando’s, als in Berlijn, met zijn terreurorganisatie.’ Heydrich schroefde de deportaties steeds verder op en liet tegelijkertijd onderzoek doen naar vergassing – omdat zijn mannen het schieten zo heftig vonden. Samen met Hitler en Himmler moet hij in de eerste maanden van 1942 besloten hebben dat dit de oplossing was voor alle Europese Joden.
Hitlers beul zindert van de slechtheid, die met de pagina toeneemt. Het is het leven van een fatsoenlijke jongen die doelbewust kiest voor terreur, vanuit zijn ideologie van racisme, gecombineerd met een uiterst pragmatisch geloof dat het doel de middelen heiligt, altijd.