Het echte leven

Tjitske Mussche ,

Toen het schrijven van het script voor haar film 'The Future' even niet lukte, zocht Miranda July haar heil bij inwoners van Los Angeles die hun jas of teddybeer verkochten via het gratis krantje PennySaver. Het werd een boek, 'Het kiest jou'.

Wie over de brede lanen van Los Angeles wandelt, komt zelden iemand tegen. Hier bewegen de bewoners zich in hun auto’s, in een immense stroom die de uitgestrekte stad doorbloedt. Zo ook het lommerrijke Silverlake, de hippe kunstenaarsbuurt. Tussen de bomen duiken af en toe de letters op van het beroemde Hollywood-logo op de berg even verderop. In de pastelkleurige huizen wonen onder anderen Tom Waits, Charlie Kaufman en Beck. En Miranda July. Op de deur van haar huis hangt een briefje: ‘Ben je ziek? Of is iemand in je omgeving ziek? We love you, maar vragen je een andere keer terug te komen. Mike, Miranda & the little one.’ Mike, dat is Mike Mills, maker van videoclips voor Beck en The Beastie Boys, regisseur van de film The Beginners en de echtgenoot van Miranda July. The little one is het zoontje dat ze begin dit jaar kregen. Mike doet open. Als later ook Miranda verschijnt, gekleed in een kort broekje en een vintage-blouse, en ik haar een hand wil geven, stamelt ze wat verontschuldigends en stopt haar hand weg. Ik denk aan het briefje op de deur. Oké, dit is Amerika, ze heeft net een baby en tot nu toe was iedereen die ik hier tot nu toe ontmoette en het zich kon veroorloven geobsedeerd door health en health food. Zo raar is dit dus misschien ook weer niet. We zitten in een tot werkkamer omgebouwde garage. ‘Hier werkt Mike,’ vertelt July. Zelf vertrekt ze elke morgen, direct na het voeden van haar baby, naar haar kantoor even verderop in de wijk Echopark, om te werken aan haar eerste roman. Ze grinnikt: ‘Dan heb ik precies drieënhalf uur tot de volgende fles. Dat is mijn leven nu.’

Navelstaarderig
Miranda July is schrijver, filmmaker, actrice en performancekunstenaar. July: ‘Ik wissel het af, na een film heb ik zin om te schrijven, en na het schrijven misschien weer in een performance voor tien mensen.’ Ze begon haar carrière met radicale performances in het punkcircuit van Berkeley, maakte een serie korte films en het internetproject Learning to Love You More (2002-2009). In 2005 brak ze bij een groter publiek door met de film Me and You and Everyone We Know. Daarna volgde de verhalenbundel No One Belongs Here More Than You (2008) en de film The Future (2011).
Je vindt haar of fantastisch, vanwege haar eigenzinnigheid, haar absurde en grappige dialogen en haar magischrealistische stijl. Of je vindt haar ergeniswekkend navelstaarderig en naïef. Te veel Amélie Poulain. ‘Tja,’ zucht ze. ‘Ik denk dat het komt door hoe ik er uitzie, hoe ik me kleed. Nu is dat meisjesachtige even “in”, dat brengen ze dan ook in verband met mij. Soms denk ik: zie je dan niet wat ik doe? Maar het is ook goed, want mensen komen eerder terecht bij een boek dat ze aan Amélie doet denken dan bij een weird art project.’ Dan, feller: ‘En navelstaarderig? Ach, ik ken nauwelijks kunst waar niets van de maker in zit. Op de een of andere manier wordt dat bij mannen altijd minder erg gevonden dan bij vrouwen.’

Miranda July: ‘Ik ben blij dat ik me heb laten leiden door toeval. Eerst voelde het als tijd verspillen, maar nu denk ik dat het het beste was wat ik gedaan kon hebben.’

Miranda July

Kleingeld
July is vriendelijk, lacht veel en formuleert ferm; eigenlijk is ze veel minder ‘vreemd’ dan ik had verwacht. Aanleiding voor mijn bezoek is haar laatste boek Het kiest jou (Bezige Bij), dat net in Nederlandse vertaling is uitgekomen. Ze schreef het toen ze werkte aan The Future, een film over de dertigerscrisis van een jong stel, Jason en Sophie. Ze zijn van plan een kat te adopteren, die over dertig dagen zal komen. Een kat is een soort baby, en ze zijn doodsbang om hun vrijheid te verliezen. Sophie: ‘Over vijf jaar zullen we veertig zijn.’ Jason: ‘Veertig is bijna vijftig, en na vijftig is de rest alleen maar kleingeld.’ Sophie: ‘Kleingeld?’ Jason: ‘Net niet genoeg om te krijgen wat je echt wilt.’ Ze besluiten de dertig dagen te gebruiken om te doen wat ze echt willen. Jason gaat bomen verkopen, Sophie wil een dansvideo maken, maar eindigt uiteindelijk bij een andere man in bed. Het schrijven van het scenario ging niet van een leien dakje. In Het kiest jou beschrijft July hoe ze de dagen doorbrengt op YouTube en blogs en steeds neerslachtiger wordt. July: ‘Ik zat er te dicht op, het essentiële stukje ontbrak. Ik had een uitnodiging nodig om uit huis te gaan, bij mijn computer vandaan, weg van het verslavende internet.’ Ik denk weer aan die eindeloze straten en de auto’s hier. Om Miranda July onder de mensen te krijgen was de PennySaver nodig, een gratis krantje met advertenties dat elke dinsdag bij iedere LA-bewoner in de bus valt. July verslond dat krantje. ‘Ik dacht: er is geen wet die zegt dat ik deze mensen niet mag bellen, eigenijk willen ze juist dat ik bel. Zou ik niet gewoon bij ze langs mogen komen, om over wat dan ook te praten?’

Vijftig dollar
Hoeveel pennysavers ze precies gebeld heeft, weet ze niet meer. ‘Ik denk dat op elke vijf belletjes één persoon ja zei. Als het er minder waren geweest, had ik het waarschijnlijk opgegeven, I am not that tough.’ De eerste was Michael, die een leren jas van tien dollar verkocht. July: ‘Een man van rond zestig deed open. Hij had een roze blouse aan, met borsten en roze lipstick. Hij vertelde dat hij een transformatie onderging en heel gelukkig was. Toen dacht ik: dit verzin ik niet. Dit is geen fictie, dit is het echte leven, dit is echte pijn, blijdschap en verwardheid. Het waren de beste blogs die ik in tijden gelezen had, maar ik moest er naar toe rijden.’
July raakte er van overtuigd dat mensen die ze bezocht de sleutel konden zijn tot het voltooien van het script. Na Michael kwam Beverly met jonge luipaardkatjes, Andrew met kikkervisjes en Dina met een dertig jaar oude föhn. In Het kiest jou zijn de interviews met de stuk voor stuk fascinerende Angelenos te lezen, geïllustreerd met foto’s. De geïnterviewden zijn opmerkelijk open over hun leven. ‘Misschien deden ze het voor het geld, ik betaalde ze vijftig dollar. Al vond bijna iedereen het ongemakkelijk om dat aan te nemen na ons gesprek. Sommigen wilden gewoon iemand hebben om mee te praten, denk ik. Ik was echt geïnteresseerd, misschien was dat het. Iedereen vindt zijn eigen verhaal belangrijk, dus hoe aandachtiger ik luisterde, hoe meer ze wilden praten.’

Kerstkaarten
Maar Het kiest jou is meer dan alleen een journalistiek-achtig project: July vervlecht de interviews met haar persoonlijke vragen over het huwelijk, sterfelijkheid en geluk en met haar gedachten over de film en haar kunst. Daarmee biedt het boek een interessant kijkje in haar keuken. July: ‘Er is een soort code dat je eigenlijk niet praat over hoe je werkt, maar bij andere kunstenaars lees ik daar graag over, I eat that. Er zijn honderden dingen die me elke dag wakker schudden en maar een paar eindigen in iets wat verteerbaar is voor publiek. Dat is eigenlijk verdrietig, als je geeft om het maakproces en niet alleen om wat het publiek te zien krijgt. Dit boek was een experiment in het zichtbaar maken van dat maakproces.’ Degene die haar uiteindelijk het ontbrekende stukje van de puzzel bracht en haar hielp het filmscript te voltooien, is Joe. Joe is 81 jaar en verkoopt zelfgemaakte kerstkaarten. Hij is al meer dan zestig jaar samen met zijn vrouw, voor wie hij ook kaarten maakt, met daarop schunnige limericks.
July: ‘Ik maakte een film over tijd en hij was daar zo expliciet mee bezig. Letterlijk, hij voerde de laatste reparaties aan het huis uit voor hij dood ging en verkocht zijn kerstkaarten. Dat verschoof mijn 35 jaar-oude perspectief van tijd.’
In Het kiest jou verwoordt ze het zo: ‘Misschien had ik de rest van mijn leven verkeerd ingeschat. Misschien was het geen kleingeld. Of was alles eigenlijk kleingeld.’
Joe kreeg een rol in de film, als zichzelf. ‘Ik heb alleen een paar zinnen toegevoegd, verder is hij het zelf, die improviseert.’

Eindeloze bron
Vreemd genoeg heeft ze niemand van de geïnterviewden een exemplaar van het boek toegestuurd. Joe overleed kort na de filmopnames. ‘Hij wilde niet eens de scènes zien die we met hem schoten.’ De anderen zitten er ook niet op de wachten, denkt ze.‘Ik ben er misschien ook een beetje bang voor. Er was één man, Ron, een ex-gevangene met huisarrest, die echt dubieus was.’ Ze kan zich nu, bijna twee jaar later, ook niet meer voorstellen dat ze zomaar wildvreemden opzocht. ‘Dat gebrek aan angst! Het was een periode in mijn leven waarin ik me bewust was van het feit dat het een eindigend hoofdstuk was. Dat ik waarschijnlijk een kind zou krijgen en dat dat alles anders zou maken. Ik ben blij dat ik toen helemaal ben opgegaan in dat niet-weten, en me heb laten leiden door toeval. Eerst voelde het als tijd verspillen, maar nu denk ik dat het het beste was wat ik gedaan kon hebben.’
Of ze de PennySaver nog steeds leest, op momenten dat het schrijven aan haar roman even niet lukt? Ze lacht: ‘Ja, terwijl ik elke penny wel uit de pennysavers heb gewrongen. Ik heb op Valentijnsdag nog de liefdesbetuigingen uitgeknipt en alle namen vervangen door “Mike”.’ Ze lacht: ‘De PennySaver is echt een eindeloze bron van inspiratie voor me.’
Als ik vertrek, zonder handdruk, wijst Miranda July op een doos bij de deur. ‘Dat zijn fotoboeken van Joe, veertig jaar van zijn leven. Deze fotoboeken zaten in een kluis en toen ook Joe’s vrouw overleed en de kluis niet meer betaald werd, belandden ze bij een opkoper. Laatst kreeg ik een email van een man die ze had gevonden op een vlooienmarkt. Van een willekeurig persoon aan de deur ben ik nu geworden tot degene die hun levens bewaart, dat is heel raar. Ik stuur ze nu naar zijn dochter.’ Of ze niet de neiging heeft om die foto’s te gebruiken voor een nieuw project? ‘Dat voelt verkeerd,’ zegt ze. ‘Of nou ja, misschien scan ik er een paar. Maar ik probeer me nu op mijn roman te richten en niet met verschillende projecten tegelijk bezig te zijn, dat is al moeilijk genoeg.’