Vallende sterren

Anton de Goede ,

Er zijn bijna geen redacties meer die een besproken boek niet waarderen met sterretjes. Arjan Peters van de Volkskrant gaf het nieuwe boek van Oek de Jong twee magere sterren. Schieten wij iets op met dat "oordeel"?

Redacties van kranten en tijdschriften die sterren toekennen aan besproken boeken. Een nieuw fenomeen dat bijna overal opduikt terwijl de eerste literair criticus die er dol op is nog moet opstaan. Kranten-uitgevers voeren het niettemin graag in omdat zij redenen hebben om aan te nemen dat lezers zo’n waarderingssysteem op prijs stellen. Arjen Fortuin van NRC-Handelsblad schreef er niet lang geleden openhartig over. Hij was beslist niet voor, maar probeerde er mee te leven.

Het systeem maakt het de lezer makkelijk. Het is waar, je moet wel lijden aan een ernstige vorm van dyscalculie wil je het onderscheid tussen 1, 2, 3, 4, of 5 sterren niet in een oogopslag waarnemen. Handig voor als je snel wilt weten welk boek je al dan niet in huis moet halen. 

De bijbehorende boekbesprekingen lijken intussen, misschien wel als gevolg van die sterrenmachine, aan nuance te verliezen. Kras voorbeeld is de bespreking van Arjan Peters waarin hij dit weekeinde (6/10) de nieuwe ‘grote roman’ Pier en oceaan van Oek de Jong de grond in boort en vernietigend voorziet van slechts twee sterren. Peters vindt het boek van Oek langdradig en vol met herhalingen. Mag Peters vinden. Zeker. Maar wat zegt het werkelijk over de kwaliteit van Pier en oceaan?

Laten we even de Volkskrant van 16 juni van dit jaar erbij pakken. Daarin bespreekt Peters de nieuwe ‘grote roman’ van Leon de Winter getiteld VSV of Daden van onbaatzuchtigheid. Het boek is dan nog niet verschenen maar Peters weet al: ‘Spektakel, geweld, humor en zelfspot, de grote roman van Leon de Winter is zeer onrustbarend, omdat het schokkende niet onrealistisch is.’ Het boek krijgt van Peters het maximum van vijf sterren. Peters wist het in juni zeker, de zomer van 2012 zou ‘de zomer van de Winter’ worden. Wie in de weken na verschijnen andere besprekingen van de Winters VSV las, heeft gezien hoe matig het boek in de ogen van de overige boekenschouwers was.

Hoeveel sterren kreeg de Winter van voornoemde Arjen Fortuin? Het kunnen er niet veel geweest zijn. Zijn bespreking eindigde als volgt: ‘Veel minder dan een geëngageerde roman is het boek de voortzetting van de columnistiek met andere middelen. Het verlangen van De Winter om van alles te beweren over zichzelf, Theo van Gogh en al die bekende mensen en hun rol in de actualiteit (tot en met speculaties over een overgang van presentator Eva Jinek naar Pauw en Witteman) zit het verhaal in de weg. Dus moet hij dat almaar vlottrekken met een nieuwe aanslag of een extra scheut vader-zoondrama. Zodat je aan het eind van het boek achterblijft met het ultieme talkshowgevoel: het was een dolle boel, maar of we nu veel wijzer zijn geworden?’

Zo zijn wij onverminderd nieuwsgierig naar Pier en oceaan van Oek de Jong, die overigens te gast zal zijn in Boeken van 21 oktober.