Prachtig schrijven over vrouwen

Katja de Bruin ,

James Salter is de Styx overgestoken. Reden om hem te herdenken en te herlezen. Of alsnog te ontdekken. Bij het verschijnen van zijn laatste roman, begin 2013, verscheen in de VPRO Gids deze ode aan de oude meester.

Het was maar een enkel regeltje in de krant. Begin april zou er een nieuwe roman van James Salter verschijnen. Voor de meeste mensen is dat geen wereldnieuws, maar voor de enkeling die Salters literaire wandel een beetje gevolgd heeft, is zo’n mededeling reden voor grote opwinding. James Salter is namelijk stokoud en hij schrijft ontzettend langzaam. In juni wordt hij 88 en als je in aanmerking neemt dat hij al decennialang fulltime schrijver is, is de oogst vrij beperkt: een paar romans, verhalenbundels, memoires en een poëziebundel. Werk waarmee hij critici in vervoering bracht, maar nooit doorbrak bij een groot lezerspubliek. Zijn laatste verhalenbundel dateert alweer van 2005.
Het zijn met name de korte verhalen van James Salter die zo ijzingwekkend goed zijn. Net zoals Alice Munro, aan wie zijn werk wel enigszins doet denken, weet hij in weinig woorden een sfeer of situatie op te roepen, of een personage te typeren. Zoals de naamloze tante uit ‘Via Negativa’: Net als veel dikke vrouwen lachte ze vaak. Ze had twee echtgenoten verloren, maar één borrel was genoeg om haar te laten dansen. Of mevrouw Chandler uit ‘Schemering’: Ze was een vrouw die boeken had gelezen, golf had gespeeld, trouwerijen had bijgewoond, een vrouw met mooie benen die stormen had doorstaan, een prachtige vrouw die niemand nu meer wilde.
Een geweldige korteverhalenschrijver dus, deze Salter. En nu zou hij, hoewel hij de negentig nadert, na acht jaar stilte met een nieuwe roman komen. Een roman waarin volgens de uitgever al zijn favoriete thema’s samenkomen: oorlog, liefde, erotiek en het huwelijk. All That Is, zou het gaan heten.
Hongerig googleden we verder en zo kwamen we terecht op Goodreads, een wereldwijd sociaal netwerk voor lezers. Je kunt er bijhouden wat je al hebt gelezen, wat je nu leest, wat je nooit hebt uitgelezen en wat je nog van plan bent te gaan lezen. Deelnemers delen niet alleen sterren uit, maar melden ook wat ze van een boek vonden. Dat levert vaak verrassend aardige mini-recensies op.

Boekhandelaar
Op Goodreads bleek een zekere Adrian White All That Is van James Salter eind januari al te hebben gelezen. Hoe was dat mogelijk? We stuurden Adrian White een berichtje. Hij bleek boekhandelaar te zijn in Wicklow, Ierland, en had zodoende van de uitgever een advanced reading copy gekregen. Groen van jaloezie wensten wij dat we ook boekhandelaar in Ierland waren, zodat we in de rustige ochtenduren, als de winkel net open was en de Ierse regen tegen de ruiten kletterde, op ons gemak de nieuwe James Salter konden lezen.
‘Mail me je adres even, dan stuur ik het op,’ was de laconieke reactie van Adrian White. Twee dagen later al viel er een pakje in de bus, met een mooie Ierse postzegel van vijf pond erop. All That Is, daar was-ie dan. Een roman over de jonge marineofficier Philip Bowman die na de oorlog terugkeert naar Amerika waar hij een baan vindt als redacteur bij een uitgeverij. Bekend terrein, want Salter, die als zeventienjarige naar de militaire academie West Point ging, diende zelf als gevechtspiloot bij de Amerikaanse luchtmacht. Toen hij na twaalf jaar afscheid nam van het leger, veranderde hij zijn achternaam van Horowitz in Salter en begon hij een nieuw leven. Eerst beproefde hij zijn geluk in de filmindustrie, als scenarioschrijver. Toen Robert Redford zijn scenario over de avonturen van een bergbeklimmer niet goed genoeg vond, werkte Salter het verhaal om tot wat zijn eerste roman zou worden: Solo Faces.

Hemingway
In All That Is volgen we het leven van Philip Bowman, vanaf zijn jonge jaren bij de marine totdat hij ergens in de vijftig is. En, laten we gevechtsdat maar gelijk constateren, veel bijzonders gebeurt er niet in dit boek. Het zijn vooral de vrouwen in Philips leven die Salter een voor een de revue laat passeren in al hun al dan niet vergane glorie. Want Salter kan zeldzaam prachtig schrijven over vrouwen. Liefdevol en toch meedogenloos. Ook zijn dialogen zijn briljant in al hun eenvoud. Zo zit Philip met het meisje met wie hij wil trouwen in een restaurant. Zij is nogal zwijgzaam en niet bijster intelligent, maar erg mooi. En ze kan goed luisteren. Hij vertelt enthousiast dat Hemingway in ditzelfde restaurant zijn verhaal ‘The Killers’ heeft gesitueerd, over een stel huurmoordenaars die een Zweed moeten vermoorden die altijd in dit restaurant komt.
‘Did this actually happen?’
‘No, no. He wrote it in Spain.’
‘It’s just made up.’
‘You don’t believe it’s made up, reading it. That’s what’s so incredible, you absolutely believe it.’
‘And they kill him?’

Hij legt uit hoe het afloopt, en daarna bestellen ze een uitsmijter, maar wij weten dankzij deze dialoog met verpletterende zekerheid dat dit huwelijk gedoemd is te mislukken.
James Salter lees je niet vanwege zijn plots, want die ontbreken. Je leest hem vanwege zijn gepolijste zinnen, zijn poëtische beelden en zijn rake typeringen. Het ontbreekt aan geen van deze drie ingrediënten, maar toch wil All That Is niet echt een geslaagde roman worden. Daarvoor zijn deze schetsen uit een onopmerkelijk leven te willekeurig. Je ziet er prachtige korte verhalen doorheen schemeren. In dat genre toont Salter zijn echte meesterschap.
Wie hem wil ontdekken, heeft geluk: voor vijf euro koop je in de ramsj een prachtige verzamelbundel.