Aftelkroniek #49

Jeroen van Kan ,

Dat stuk van Frank Heinen, daar zou ik het eigenlijk mee eens moeten zijn. In mijn omgeving heb ik de afgelopen dagen diverse mensen instemmend gewag horen maken van de column. Of ik het al gezien had?

Uiteraard, ik heb het stuk gelezen. Geestig opgeschreven, ingenomen stelling met verve verdedigd, en toch kan ik het er maar niet mee eens zijn. Dat heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat deze site hoort bij een programma dat boeken wel serieus neemt. Wim Brands wordt in het stuk van Heinen niet genoemd, maar in het bijbehorende reactieforum memoreert ene Adri: ‘Alles goed en wel, helemaal eens Frank, maar er is wel een dappere strijder aan het tv-boekenfront: Wim Brands. Vorige zondag nog was Cees Nooteboom te gast en het ging helemaal over zijn boeken. Een beetje een kwelling, dat wel, maar chapeau voor Wim!!’
 
Dat ‘dappere strijder’ zint me niet helemaal, en dat ‘een beetje een kwelling’ evenmin, maar niettemin: Adri, bedankt! De Nederlandse televisie heeft een programma waar iedereen die wil dat het boek serieus wordt genomen heen kan vluchten. Wie zich beklaagt over de deerniswekkende rol die de auteur in overige programma’s dient te spelen, die lijkt nog het meest op een Michellin-rapporteur die zich vervoegt bij snackbar Het Vijvertje in Zoetermeer om na nuttiging van een hamburgertje met joppiesaus mismoedig te constateren dat het culinaire einde der tijden nabij is.
 

En altijd is daar weer de Van Dis-reflex. Inderdaad, dat was een goed programma. En voor mijn tijd heeft ook Gomperts nog literaire programma’s gemaakt die het aanzien waard waren, en er was ook ooit een tijd dat documentairemakers als Hans Keller epische films konden maken over Giorgio Bassani en Cesave Pavese. Maar dat laat overlet dat er een verleden geconstrueerd wordt dat nooit heeft bestaan, zoals we in ons restauratieve tijdsgewricht wel vaker doen. De auteur die vroeger bij Mies of Duys mocht aanschuiven, werd die serieuzer genomen dan de auteur die nu bij Van Nieuwkerk of Pauw & Witteman iets mag komen vertellen over hoe pijnlijk echt gebeurd het allemaal is? Bij Duys zat de schrijver tussen een leguaan en een zangeres in die op de drempel van haar Amerikaans doorbraak stond, bij Mies mocht je op een bruinlederen bank vragen beantwoorden als ‘wintersport of zomervakantie? Nee, je moet kiezen Godfried!’ Ook de kijker van gisteren leefde niet in het arcadië van de inhoudelijke televisie. Zo is het met de televisie nu eenmaal gesteld. Gelukkig werd de uitvinding van de beeldbuis voorafgegaan door die van het boek.