Wachten in het sterfhok

Maurice Woestenburg ,

Schrijver Frans Pointl vierde onlangs zijn 80ste verjaardag. Tegelijkertijd kwam zijn bundel 'De laatste kamer' uit. Verhalen en gedichten die hij tussen de muren van het verpleeghuis schreef.

Frans Pointl is veroordeeld tot een rolstoel. Hij lijdt aan het Guillain-Barré-syndroom, een spierziekte die zich vier jaar geleden openbaarde. Sindsdien woont hij in het Sarphatihuis, een verpleeghuis in Amsterdam, waar hij zijn tijd in zijn 'laatste kamer' uitzit. Wachten op de dood. 'Elke avond voor het slapengaan hoop ik dat ik weg mag schuiven in de eeuwigheid', schrijft hij in De laatste kamer.

'Het is een klein hokje. Ik noem het mijn 'sterfhok'. Mijn bed staat naast het raam. Dan is er een klein boekenkastje van IKEA. Iemand heeft een aantal boeken voor me bewaard, veel te weinig, en er staat een klein ladekastje met nog een stapeltje boeken erop. Een tafeltje van Wehkamp, waar ik precies met mijn rolstoel onder kan om te gaan typen. En er staat een grammofoonmeubel, dat is helaas kapot gegaan met het vervoer, maar dat gebruik ik als kastje om cd’s op en in te zetten. That’s it.'

Hij zit aan een tafeltje in de tuin van het Sarphatihuis als hij zijn kamer beschrijft. De recorder loopt. Het is waarschijnlijk de laatste keer dat we hem op de radio horen. Het typen op de schrijfmachine valt hem zwaar, zegt hij. Pijnlijk zelfs, vanwege zijn versleten schouders. Fysiek mag het dan behelpen zijn, hij is nog altijd zeer scherp van geest.

Pointl is de schrijver die op 57-jarige leeftijd met De kip die over de soep vloog doorbrak. Een bundel met korte verhalen over zijn jeugd. Het vaste decor is een kamer driehoog-achter in Amsterdam. Daar moest de jonge Pointl voor zijn 45 jaar oudere moeder zorgen. Hij verpleegde haar tot ze overleed.

Zijn moeder, een joodse pianiste, was door de oorlog zwaar getraumatiseerd geraakt. 'Ze was altijd in paniek, door alle mensen die ze was kwijtgeraakt,' zegt Pointl. Hij hoefde zelf maar vijf minuten ergens te laat te verschijnen of de politie werd gealarmeerd. Zijn moeder beschermde hem, uit angst dat hij bij verkeerde mensen terechtkwam. 'Haar wil was wet', verzucht hij.

Zijn moeder is alom tegenwoordig in zijn werk. Ook in De laatste kamer is er een rol voor haar weggelegd. Het is zijn nieuwe boek, na jaren van stilte, maar tevens zijn laatste. Een grafsteentekst heeft hij al vastgelegd: Van mensen eindelijk verlost.

Luister naar het gesprek dat Wim Brands met Pointl in het Sarphatihuis voerde, zoals uitgezonden in Brands met Boeken.