Zin in Couperus

Katja de Bruin ,

Bas Heijne en Jan Louter geven met hun film over Louis Couperus, 'Niet te stillen onrust', de schrijver hernieuwde aantrekkingskracht.

Nog niet zo lang geleden overwogen we serieus om Couperus weg te doen. De boekenkast moest weer eens opgeschoond worden, en ach, zouden we hem ooit nog herlezen? Zeker, er was een tijd waarin we genoten van Eline Vere, De boeken der kleine zielen, Van oude mensen, De stille kracht, maar dat was toen we in de twintig waren, en nog tijd hadden om de zondagen ongestoord gestrekt door te brengen.

Na het zien van Niet te stillen onrust, de film die Jan Louter en Bas Heijne maakten over Couperus, zijn we blij dat hij nog op z’n plek staat. Want ineens hebben we weer zin in Couperus. En dat was precies de opzet van de makers: ze wilden geen biografische film maken, maar laten zien dat de hoogtepunten uit Couperus’ oeuvre universeel en tijdloos zijn. Het is knap werk, een documentaire maken over iemand van wie welgeteld 23 seconden bewegend beeld bestaan.

Uit Angst en schoonheid, een prachtig lang essay van Bas Heijne dat deze week verschijnt, leren we dat de schrijver een hekel had aan zijn eigen beeltenis: ‘Hij poseerde altijd met tegenzin. Vaak keurde hij publiciteitsportretten af – dan maar liever geen gezicht. Ook over getekende en geschilderde portretten was hij bijna nooit tevreden. Hij keek niet graag naar zichzelf, omdat hij zelden zag wat hij graag had willen zien.’

Vandaar dat die 23 seconden, die pas halverwege de jaren negentig werden ontdekt, voor Heijne voelden als een kleine openbaring. De beelden zijn gemaakt in 1923, enkele weken voor Couperus’ dood. Heijne beschrijft hoe zijn gezicht getekend is door ‘een ironisch soort gelatenheid. Fonkelende, lachende ogen in een mager, afgetrokken doodshoofd.’ Zestig was hij pas, maar hij zag eruit als tachtig.

Louis Couperus had zich geen betere pleitbezorger kunnen wensen dan Bas Heijne, die zowel in de film als in zijn boek, helder en eloquent als altijd, uitlegt wat Couperus tot zo’n weergaloze schrijver maakt. Louter nam drie romans, en daarmee drie locaties, als uitgangspunt: De stille kracht, Orlando en De boeken der kleine zielen. Indië, Italië en Den Haag; nergens was Couperus echt gelukkig, al kwam hij er in Italië dichtbij. In Orlando beschrijft hij hoe hij met zijn mooie, gespierde Italiaanse vriend onder de Toscaanse sterren op een steen voor zich uit zit te kijken: ‘Ik voel mij, bijna, gelukkig. Maar op de grond van mijn ziel blijft iets trillen, een weemoed… en een nooit te stillen onrust…’

Cultura24 zendt deze week de verfilming van zowel Kleine zielen als Eline Vere in zijn geheel uit, elke avond om 20.30 uur. Hieronder kun je de film Louis Couperus - Niet te stillen onrust zien, zoals uitgezonden bij Het uur van de Wolf.