Liefde en loyaliteit

Maarten van Bracht ,

Hun beloofde land van Ian Buruma is een eerbetoon aan zijn grootouders van moederszijde, kinderen van Duits-Joodse immigranten in Londen.

Nooit meer slapen
Donderdag 24 maart, NPO Radio 1, 0.00-2.00 uur

VPRO Boeken
Zondag 27 maart, NPO 1, 11.20-12.00 uur

Ian Buruma is een internationaal vermaard essayist en Azië-expert die vooral veel over het moderne Japan publiceerde. Hij schrijft over uiteenlopende historische, politieke en actuele onderwerpen, in onder meer The New Yorker, The New York Review of Books en NRC Handelsblad. Intussen is zijn eigen familiegeschiedenis minstens zo interessant. Speelt in zijn voorlaatste boek 1945. Biografie van een jaar zijn vader Leo, inmiddels hoogbejaard, een prominente rol, in Hun beloofde land, onlangs in vertaling verschenen, gaat het over zijn Britse grootouders van moederskant, Bernard en Win. In het inleidende hoofdstuk vertelt Buruma (1951) hoe hij vanaf zijn zesde met zijn ouders vanuit Den Haag per auto en boot naar opa en oma in St. Mary Woodlands in Berkshire reisde, ten westen van Londen, om daar met de hele familie – er waren vijf kinderen, plus huispersoneel – op intens Britse wijze kerstmis te vieren, dat wil zeggen met een overdaad aan eten en drinken, cadeautjes, een uitbundig versierde kerstboom extra large, luide conversatie en ook veel klassieke muziek. Dit jaarlijkse verblijf in die landelijke omgeving, door hem ervaren als een jongensidylle, deed de opgroeiende Ian beseffen dat zijn Britse familie een bijzondere was.

Bernard Schlesinger en Winifred Regensburg waren kinderen van Duitse Joden die rond 1880 in Londen waren neergestreken en als effectenmakelaars tot welstand raakten. In 1915 leerden de tieners Bernard en Win elkaar kennen. Ze waren door beide wereldoorlogen jarenlang van elkaar gescheiden maar bleven tot hun dood, respectievelijk in 1984 en 1986, bij elkaar. Toen ook hun zoon John Schlesinger was overleden (de filmregisseur bekend van onder meer Midnight Cowboy), ontdekte Buruma in de schuur van diens landhuis in Sussex honderden brieven van Bernard en Win in metalen dozen vol muizenkeutels. Een ware schatkist, deze uitgebreide correspondentie uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog, toen Bernard het vaderland vrijwillig diende als ziekenbroeder en arts in Frankrijk, op de Balkan, in het Nabije Oosten en later Brits-Indië. In die brieven betuigen Bernard en Win elkaar hun liefde en houden elkaar op de hoogte van de ontwikkelingen aan het (thuis)front.

Engelse idylle

In Hun beloofde land. Mijn grootouders in tijden van liefde en oorlog citeert Buruma boeiende passages, vat hun correspondentie samen en plaatst de particuliere ervaringen in de context van de historische gebeurtenissen, wat zowel een mooi portret van een liefhebbend echtpaar als een enerverend tijdsbeeld oplevert. Zelf heeft Buruma het over ‘een soort briefroman’, met de auteur als ‘een soort Grieks koor’. Hij probeert te begrijpen waarom een Joods echtpaar uit de hoge bourgeoisie, tweede generatie Duits-Joodse immigranten, zich in veel opzichten als Britser dan Brits betoont en zich als ware patriotten – ook Win wordt vrijwillig verpleegster – inzet voor Engeland, ondanks een samenleving die niet vrij is van heimelijk en zelfs openlijk antisemitisme.

Steeds blijkt de naam Schlesinger voldoende om deuren gesloten te houden, waardoor Bernard in 1938, als gekwalificeerd arts met ruime ervaring, een aanstelling bij het gerenommeerde ziekenhuis St. Thomas’ misloopt. ‘The old, old story,’ verzucht hij in een brief. Het echtpaar loopt vanwege dit oude liedje – ook Win wordt nog in 1940 als vrijwilligster afgewezen door het Rode Kruis – dan ook niet te koop met zijn Joodse komaf. Hun codewoord voor Joods is ‘45’, overigens zonder dat ze hun eigen achtergrond verloochenen. Anders dan veel andere Duits-Joodse immigranten, wensten de Schlesingers hun achternaam niet te verengelsen. Maar belangrijker dan een Joodse identiteit is voor hen ‘Engeland’, ‘hun beloofde land’, een veilig thuis in familieverband, met klassieke muziek inclusief hun favoriet Wagner. ‘Hun Engelse idylle,’ schrijft Buruma, ‘die tot uitdrukking kwam in haar passie voor tuinieren en zijn gedagdroom boven Country Life, haar geloof in Engelse kostscholen en het zijne in frisse lucht en lichaamsbeweging en hun aanbidding van het landschap van Berkshire. Dat was, misschien hun ware “godsdienst”.’

grondige ontduitsing

Ian Buruma: Hun beloofde land. Mijn grootouders in tijden van liefde en oorlog (oorspr. Their Promised Land: My Grandparents in Love and War, vertaling Arthur Wevers, uitgever Atlas Contact)

Het weerhoudt Bernard en Win er niet van om, overigens kort na de afwijzing door het St. Thomas’, maar nog voordat in Duitsland de ‘Kristallnacht’ plaatsvindt en de zogeheten Kindertransporte op gang komen, twaalf Joodse kinderen uit Berlijn naar Engeland te halen, te huisvesten en bovendien met hulp van derden zorg te dragen voor hun onderhoud en opleiding. Voor de goede orde: Engeland nam toen geen vluchtelingen op, tenzij particulieren borg voor hen stonden. Intussen had het echtpaar vijf eigen kinderen groot te brengen, onder wie voornoemde John, en Wendy, Buruma’s moeder. Ook wanneer Duitsland in 1940 Engeland dreigt te veroveren, houdt de familie zich kranig tijdens de ‘Blitz’, al maakt Win zich geen illusies over hun lot als de nazi’s daadwerkelijk het eiland zouden innemen, en wordt er nog even overwogen om naar Canada te emigreren. Dat de Schlesingers ondanks alles in 1946 twee Duitse krijgsgevangenen thuis uitnodigen om kerstmis te vieren – uiteraard een zeer ongemakkelijke situatie – zegt wel iets over hun instelling.

Valt er dan niets op hen aan te merken? Met name Win gaf soms blijk van afkeuring ten opzichte van ‘onaangepaste’ Joodse vluchtelingen; het dedain van veel geassimileerde Duitse Joden jegens lotgenoten afkomstig uit Oost-Europa. Buruma: ‘Een minimum aan 45, in combinatie met een grondige “ontduitsing”, waren van cruciaal belang om haar goedkeuring te krijgen.’ Maar hij ziet ook scherp hoe zijn grootouders zelf altijd relatieve buitenstaanders bleven, wat mogelijk verklaart waarom ze goed konden opschieten met katholieken en vrijgezellen, die er in de Britse klassenmaatschappij ook niet helemaal bijhoorden. Dat Win zich zorgen maakte over John, volgens haar lui, opstandig en verwijfd, en nog niet besefte dat hij homo was, rekent Buruma haar niet aan. Hij sluit Hun beloofde land en daarmee ook zijn eigen familiegeschiedenis af met een bezoek aan de eenvoudige graven van Bernard en Win in Willesden, Noordwest-Londen, vroeger een immigratiebuurt voor Joden. ‘Dit is mijn manier om een steen op hun graf te plaatsen.’

Ian Buruma is te gast in:

Nooit meer slapen
Donderdag 24 maart, NPO Radio 1, 0.00-2.00 uur

VPRO Boeken
Zondag 27 maart, NPO 1, 11.20-12.00 uur