steun vpro

Arjen Mulder & Piet Schrijvers

Arjen Mulder & Piet Schrijvers

Essayist en vertaler Arjen Mulder schreef 'De derde jongen', een roman die zich afspeelt tussen 1944 en 1948. De hoofdpersoon begint na de bevrijding een nieuw bestaan in een Italiaans kustdorp aan een nieuw bestaan. Classicus Piet Schrijvers vertaalde 'De rerum natura' van de Romeinse dichter Lucretius en won onder meer voor dit werk de Martinus Nijhoff Prijs 2011.

Het verhaal van De derde jongen, het romandebuut van essayist en vertaler Arjen Mulder, speelt zich af tussen 1944 en 1948. De hoofdpersoon Franz Müll is gemodelleerd naar de Duitse schrijver en anarchist Franz Jung (1888-1963), die in deze periode eveneens in Italië verbleef. Nadat Franz Müll uit het concentratiekamp Bozen in Noord-Italië is bevrijd, begint hij in een Italiaans kustdorp aan een nieuw bestaan. Daar ontdekt hij wat er echt belangrijk is in het leven.

Franz Jung was een voormalig revolutionair, dadaïst, antifascist, communist, spion en schrijver. Na Hitlers machtsovername was hij min of meer vergeten. In 1961, bijna dertig jaar na zijn laatste publicatie, schreef hij zijn autobiografie Der Weg nach unten waarin hij een zeer pessimistisch wereldbeeld schetste. “De maatschappij is ziek,” schreef hij, “aan verbetering valt pas te denken als de mensheid is uitgeroeid.” Eind jaren zeventig werd Jung door de no future-generatie herontdekt als een protokraker of punk avant la lettre.

Aanvankelijk was Arjen Mulder van plan om een essay over Jung te schrijven. Maar zijn levensloop volgde zoveel lijnen dat zelfs zijn biografen er niet in slaagden om er een samenhangend verhaal van te maken. Zijn leven was er een van twee uitersten. Jung als revolutionair die een aaneenschakeling van spektakel meemaakte. De keerzijde, die hij in Der Weg nach unten optekende, is een eindeloze reeks mislukkingen. Waarom mislukte alles? En hoe zijn deze twee uitersten met elkaar te verenigen?

Mulder besloot om Jung in De derde jongen een tweede kans te geven. Na zijn bevrijding uit het concentratiekamp trekt zijn personage Franz Müll bij de mysterieuze Clara in, die samenwoont met de ietwat achterlijke jongen Arnoud. Als Clara komt te overlijden ontfermt Franz zich over Arnoud. Samen beginnen ze een ijstent aan het strand. Franz, die na twee gestrande huwelijken het contact met zijn twee zoons is verloren, ziet in Arnoud (de derde jongen) de kans om alles wat hij in zijn leven verzuimd heeft goed te maken.

Onlangs werd bekend dat de Martinus Nijhoff Prijs 2011 is toegekend aan classicus Piet Schrijvers voor zijn vertalingen uit het Latijn, in het bijzonder voor zijn meest recente en veelgeprezen vertaling van het natuurfilosofische leerdicht De rerum natura van de Romeinse dichter Lucretius (99–55 vC): De natuur van de dingen. In zes boeken, die in totaal 7400 verzen beslaan, beschrijft Lucretius de verschijningsvormen van de natuur en hun ontstaan.

In De rerum natura predikt Lucretius (in didactische poëzie) de leer van de Griekse filosoof Epicurus (341-270 vC), waarmee hij het epicurisme als levenshouding aanvaardbaar trachtte te maken voor de Romeinse intelligentsia. Volgens Epicurus gold het najagen van genot als hoogste goed. Lucretius scherpte dit uitgangspunt aan door duidelijk te maken dat het genot van Epicurus verband houdt met onthechting en zelfbeperking: vrij van angsten en begeertes is de mens het gelukkigst. Met De rerum natura probeerde Lucretius de Romeinen te bevrijden van hun angst voor de goden en de dood. Het werk relativeert ook de plaats van de mens in de kosmos.

Ook al stamt het leerdicht uit de eerste eeuw voor Christus, door de rijkdom en de grote verscheidenheid aan onderwerpen is er altijd wel een bepaalde verhandeling die, tot op de dag van vandaag, de belangstelling oproept. Van atomisme tot magnetisme, van levenskunst tot stervenskunst. Schrijvers: „Ik kan zo tien ethische kwesties en natuurkundige vraagstukken noemen waarover Lucretius eindeloos stof tot nadenken geeft.”

De natuur van de dingen is een tweetalige uitgave. Naast een geredigeerde Latijnse tekst en de Nederlandse vertaling heeft Piet Schrijvers het boekwerk van een nawoord (en inleiding) voorzien, waarin hij de historie van de brede literaire en culturele invloed opsomt die het werk van Lucretius in Nederland heeft gehad.