steun vpro

Boeken

Gijsbert van der Wal & Ruben Mersch

In het boek ‘Wijd open ogen’ houdt kunstjournalist Gijsbert van der Wal een pleidooi voor het kijken naar kunst en hoe dat, als je goed kijkt, je leven kan verrijken. En in het boek ‘Oogklepdenken’ maakt de Vlaamse filosoof en bioloog Ruben Mersch ons bewust van veelvoorkomende redeneerfouten. Wim Brands praat met beiden.

In Wijd open ogen houdt kunstjournalist Gijsbert van der Wal een pleidooi voor het kijken naar kunst en hoe dat, als je goed kijkt, je leven kan verrijken. Het goed geïllustreerde boek beperkt zich niet tot de particuliere waarneming van de auteur, het merendeel van de levende kunstenaars wordt ook sprekend opgevoerd – zodat je meer te weten komt over de drijfveren en werkwijzen van de makers.

Het boek begint met een passage uit het verhaal 'Wolk, burcht, meer' van Vladimir Nabokov, waarin een Russische vluchteling een groepsreis maakt. Hij bevindt zich in een vervelend gezelschap en klampt zich vast aan wat hij van de omgeving ziet. Dan opeens is er het uitzicht op een meer en een burcht. Hij wil er voorgoed blijven en besluit een kamer te huren in een herberg met uitzicht op het tafereel.

Het personage in Nabokovs verhaal vindt troost in de schoonheid van dat beeld. Als je in een museum voor een schilderij staat, dan kan je zomaar hetzelfde overkomen. Er zijn schilderijen waar je het liefst je intrek in zou nemen. In de landschapschilderkunst is daar misschien nog wat bij voor te stellen, maar Van der Wal toont in Wijd open ogen aan dat de sensatie zich net zo goed bij stillevens of hedendaagse stadsgezichten kan voordoen. Als je maar aandachtig kijkt, is er in elk onderwerp iets te beleven.

Dat je jezelf in een kunstwerk kunt verliezen, is niet alleen van de voorstelling afhankelijk. Het kan ook met de techniek te maken hebben. Het boek bevat een aaneenschakeling van aanstekelijke voorbeelden. Een voorbeeld: ‘Als de negentiende-eeuwse schilder J.M.W. Turner water wilde suggereren, dan liet hij zijn verfstreken zwieren en opspatten en als golven tegen elkaar klappen’. En bij een stilleven waarop voedsel is afgebeeld: ‘Olieverf kan zo pasteus en smakelijk op een doek staan dat het water je in de mond loopt’. Van der Wal beperkt zich niet tot het penseel van de schilder, vervoering kan evengoed door etsers, tekenaars, beeldhouwers en fotografen worden veroorzaakt.

Wijd open ogen leert je beter kijken naar bekende kunstwerken. Maar ooit gehoord van hedendaagse kunstenaars als Klaartje Esch, Emma van Drongelen, Paul Gorter en Arie Schippers? Na het lezen van dit boek wil je hun werk met eigen ogen gaan zien. En de kans is groot dat je, net als Van der Wal, door die kunst heel anders naar een leeggeruimde woonkamer of een bedrijventerrein gaat kijken.

Denken is niet voor niets een werkwoord, schrijft de Vlaamse filosoof en bioloog Ruben Mersch in zijn boek Oogklepdenken. Maar voortdurend nemen we beslissingen op basis van redeneerfouten. Als we de valkuilen van ons denken willen ontwijken, dan moeten we er wel wat meer moeite voor doen.

Ons denkvermogen is wat ons onderscheidt van alle andere wezens op aarde. Maar we zijn veel minder rationeel dan we denken. De mens is vooral efficiënt. Met een minimum aan gegevens zijn we in staat om snelle beslissingen te nemen, maar we kiezen zelden op basis van zorgvuldig afgewogen argumenten. We zijn blijkbaar zeer selectief in de manier waarop we relevatie gegevens verzamelen en hypotheses testen. We denken vooral: wat is het meest waarschijnlijk?

En als we dan eenmaal ergens van overtuigd zijn, dan zien we alleen die gegevens die ons eerste oordeel bevestigen. We zien heel vaak wat we verwachten te zien, om bepaalde patronen te kunnen waarnemen, maar we vergeten alle keren die niet aan onze verwachting voldeden. Alsof alleen de voltreffers tellen.

Een test: welk van de onderstaande personen lijkt jou het meest sympathiek?
Frank: intelligent, ijverig, impulsief, kritisch, koppig, jaloers
Karel: jaloers, koppig, kritisch, impulsief, ijverig, intelligent

Het is een van de vele voorbeelden uit het boek. Als we overhaast het antwoord kiezen valt de keuze op Frank, terwijl de eigenschappen van beide personen identiek zijn. Zodra we een positieve eigenschap herkennen, dan gaan we er gemakshalve van uit dat het met de rest ook wel goed zit. Het zogenaamde halo-effect.

Oogklepdenken maakt je bewust van veelvoorkomende redeneerfouten, die we - zonder uitzondering - allemaal maken. Mersch legt in het boek uit hoe je de fouten herkent en hoe je ze in de toekomst kan voorkomen.