steun vpro

Boeken

Marja Pruis & Laura Starink

In het boek 'Als je weg bent' laat literatuurcritica Marja Pruis zien wat er in het leven en werk van de mystieke schrijfster en filosofe Patricia de Martelaere (1957-2009) te ontdekken valt. En in haar boek 'Duitse wortels' reconstrueert journaliste Laura Starink het lang verzwegen oorlogsverleden van haar familie in Silezië. Wim Brands praat met beide auteurs.

De Vlaamse schrijfster en filosofe Patricia de Martelaere (1957-2009) schreef een veelzijdig en alom geprezen oeuvre, maar wordt gezien als een van de minst begrepen schrijvers in het Nederlandse taalgebied. Literatuurcritica Marja Pruis probeert in het boek Als je weg bent tot haar mysterieuze leven en werk door te dringen.

Het werd Marja Pruis al snel duidelijk dat het Patricia de Martelaere geen recht zou doen om een allesomvattende biografie over haar te schrijven. De Martelaere, die een maand voor haar 52ste verjaardag stierf aan een hersentumor, koos bewust voor een teruggetrokken bestaan. Ze was zeer terughoudend, op het geobsedeerde af, als het ging om belangstelling voor haar persoon en privéleven. Het leek Pruis gepast, in de geest van De Martelaere, om wat meer afstand te bewaren. Bovendien wilde ze een persoonlijk boek schrijven om te laten zien wat er in het werk van de Vlaamse schrijfster en filosofe te ontdekken valt.

Patricia de Martelaere was in het dagelijks leven hoogleraar filosofie in Brussel en vervolgens in Leuven. Meer dan twintig jaar lang doceerde ze taalfilosofie en antropologie. Bij het grote publiek werd ze bekend als schrijfster van romans en essays. Ze was een geboren schrijfster. Op veertienjarige leeftijd debuteerde ze al met het kinderboek Koning der wildernis. Een verhaal, geschreven vanuit het perspectief van een leeuw, dat over het verlangen naar de dood gaat.

De dood zou het centrale thema in haar werk blijven. Ze publiceerde romans als De schilder en zijn model (1989), Littekens (1990) en Het onverwachte antwoord (2007). Tussendoor schreef ze drie essaybundels, waaronder Een verlangen naar ontroostbaarheid (1993). Zowel in haar romans als in haar beschouwende werk schreef ze veelvuldig over de tragiek van het bestaan. Met de dood als verlossing.

In Als je weg bent komen we veel over De Martelaere te weten, maar Pruis roept ook allerlei vragen op. Ze maakt de lezer deelgenoot van haar zoektocht om het mysterieuze werk en leven van De Martelaere te doorgronden. Ze slaagt daarmee in haar opzet om de lezer te prikkelen en tot eigen onderzoek aan te zetten. Het is te hopen dat het werk van De Martelaere wordt heruitgegeven. Laat Als je weg bent hiervoor de opmaat zijn.

De moeder van journaliste Laura Starink leefde in de jaren veertig in nazi-Duitsland. In Silezië, dat na de oorlog tot Pools grondgebied werd verklaard. Miljoenen Duitsers sloegen op de vlucht. Over de oorlog en de periode van ballingschap werd bij Starink thuis nooit gesproken. Pas jaren later keerde ze met haar moeder terug naar de Heimat. In het boek Duitse wortels reconstrueert ze het lang verzwegen verleden van haar moeder, oom en tantes.

Na de ondergang van het Derde Rijk werd de kaart van Europa opnieuw getekend. Duitsland werd bijna een kwart kleiner gemaakt. Op initiatief van Stalin werden de Pools-Duitse grenzen naar het westen opgeschoven. Ter compensatie moest Polen in het oosten land afstaan aan de Sovjet-Unie. Een etnische zuivering volgde, de zogeheten Wilde Vertreibung, waarbij veertien miljoen Duitsers uit hun huizen werden verjaagd. Met honderdduizenden dodelijke slachtoffers als gevolg.

De lotgevallen van de ontheemden bleef een gevoelig onderwerp, ook voor de ontheemden zelf. De Wilde Vertreibung was immers een gevolg van de nazi-misdaden. Hun leed viel daarbij in het niet. Bij de familie van Laura Starink werd daarom niet over het verleden gesproken. Haar moeder, Elinor, groeide op in Silezië, de voormalige Duitse landstreek die nu in zuidwest-Polen is terug te vinden. Ze was 15 jaar toen de oorlog uitbrak. Ze zat in de Arbeitsdienst, kreeg tuberculose en vertrok naar een kuuroord in Zwitserland.

Haar familie bleef in Silezië. Elinors ouders stierven, haar broer en zussen bleven na de oorlog nog vijf jaar in Polen wonen. Ze probeerden als Duitsers het hoofd boven het water te houden. Zonder inkomen, zonder de Poolse taal machtig te zijn. Met de voortdurende dreiging van de Polen, die geen resterende Duitsers wensten. Elinor beleefde de oorlog anders dan haar broer en zussen. Ze trouwde met een Nederlander, kreeg vijf kinderen waar Laura er een van is. Maar hoe verging het de rest van de familie?

Toen aan het communistisch bewind in Polen een einde was gekomen, ging Starink met haar moeder terug naar de Heimat om alle verhalen op te tekenen. In Duitse wortels beschrijft ze de geschiedenis die lange tijd verzwegen bleef. Verhalen over het opgroeien in nazi-Duitsland, de vlucht voor de Russen, de dood van haar ouders en de internering van haar zus in Auschwitz.