steun vpro

Boeken

Wim Kayzer & Pauline Micheels

Wim Kayzer, vooral bekend als maker van VPRO televisieseries, vertelt over zijn nieuwste roman 'De laatste tafel'. Historica Pauline Micheels schreef in haar eerste oorlogsnovelle 'Vandaag' over het leven in het doorgangskamp Westerbork.

Wim Kayzer, vooral bekend als maker van VPRO televisieseries, vertelt over zijn nieuwste roman De laatste tafel.

Kayzer maakte legendarische VPRO-televisieseries als Een schitterend ongeluk, Nauwgezet en Wanhopig en Van de schoonheid en de troost. Hij schreef ook ‘verpletterende’ romans zoals in 1988 Onfatsoenlijke herinneringen en in 2004 De waarnemer en werd in België vergeleken met schrijvers als Proust en Flaubert.

In zijn nieuwste boek ziet een fysicus, die een groot deel van zijn leven wijdde aan het bestuderen van het raadsel van de donkere materie in het universum, zich onverhoeds geconfronteerd met het einde. Wat gebeurt er als je hoort dat je waarschijnlijk nog maar bitter weinig tijd  hebt?

De laatste tafel speelt zich in de laatste twee etmalen voor de spoedoperatie: het enige alternatief voor een aneurysma in zijn hersenstam, maar de kans dat hij die ingreep overleeft is klein. De fysicus schrijft en schrijft om te ontsnappen aan de angst die hem voortdurend dreigt in te halen. Minutieus doet hij verslag van zijn leven, zijn liefdes, zijn twijfel, zijn blik op de natuur der dingen.

Historica Pauline Micheels schreef in haar eerste fictieboek, de nuchtere maar indringende oorlogsnovelle Vandaag,  over het leven in het doorgangskamp Westerbork.

Zijn lievelingsboek Max und Moritz, een rood schrift, een vulpen en drie tennisballen. Het is het belangrijkste bezit van de ik-figuur in kamp Westerbork: een jongen van bijna twaalf jaar. Hij schrijft in zijn dagboek, maar de datum weet hij niet. Daarom schrijft hij elke dag bovenin de bladzijde ‘vandaag’ of ‘de zoveelste dag’. De dagen zijn inwisselbaar.
 

Het is nog maar een kind, maar hij houdt zich groot. Zijn voornaamste zorg is zijn moeder, die voortdurend boos is. Hij krijgt er buikpijn van. “Gisteravond laat zijn we hier aangekomen. Het was een lange reis met de trein en ik was heel moe. Het ging allemaal snel. Moeder is woedend. ‘Die rotzakken’ zegt ze steeds.”

Pauline Micheels miste in haar werk als historicus de kans om in een verhaal meerdere lagen op te nemen. Middels fictie kan het onvoorstelbare iets dichterbij komen – want je werkelijk voorstellen hoe het is om uit je huis gehaald te worden, alles achter te moeten laten, mensen te zien verdwijnen en voortdurend in angst te moeten leven, dat gaat ons voorstellingsvermogen te boven.