Boeken

Chrétien Breukers & Boudewijn van Houten

Zondag 27 juli om 11.20 uur wordt de aflevering met Chrétien Breukers en Boudewijn van Houten herhaald.
Boudewijn van Houten spreekt over zijn nieuwste boek 'Tegengif' waarin zijn mini-essays zijn opgenomen. Chrétien Breukers spreekt over 'Een zoon van Limburg'. Bestaat Limburg echt ? Op deze vraag probeert Chrétien Breukers een antwoord te geven.

Na de herhaling is de aflevering ook hier te bekijken.

Wim Brands,

Een zoon van Limburg - Chrétien Breukers

 

Als ik iets ben, ben ik een Achterhoeker.

Wat betekent dat? Het betekent dat ik een zekere mate van anarchisme toejuich, dat ik crossen over een stoppelveld op een opgevoerde brommer als de hoogste vorm van geluk beschouw en dat ik in alle bescheidenheid denk dat ik Russen beter snap dan de meeste andere Nederlanders omdat Rusland volgens mij bij de IJssel begint.

Maar wat is een Limburger?

Ik denk dat Chrétien Breukers daar pas is achtergekomen toen hij Een zoon van Limburg aan het schrijven was. Toen hij zich bij voorbeeld herinnerde dat je in je nekvel werd gegrepen als je het Limburgse volkslied niet meezong. Maar ook toen hij zich realiseerde dat hij, die de provinciegrens lang geleden overstak, nog steeds een Limburger is.

Eentje van ons. Zo noemen ze dat.

Die zich in het Rijksmuseum - hoe cultureel afgestempeld hij inmiddels ook is - op een bepaald moment altijd weer een provinciaal voelt die niet meetelt en het liefst de middelvinger wil opsteken. Uit een woede die hij dan weer zeer goed kan analyseren. Zonder nostalgisch te worden, want zo'n Limburger wil hij dan ook weer niet zijn. De mijnen zijn gesloten, nietwaar.

Wat is een Limburger?

 

 

Tegengif - Boudewijn van Houten



Probeer het vandaag eens. Zo onopgesmukt mogelijk, zo openhartig mogelijk een dag te beschrijven. Zoals de Franse schrijver Paul Leautaud dat kon, die een broertje dood had aan verbeelding en daarom in een glasheldere dagboekstijl zijn leven beschreef. Zijn boeken zijn nog steeds leesbaar, alsof ze gisteren zijn geschreven. Zoals overigens ook Stendhal nog steeds te lezen valt; door die zeldzame combinatie van goed om je heen kijken, noteren wat je ziet, wat je ervaart.

Boudewijn van Houten kan dat. En we kunnen het weten. Hij schreef boeken over zijn vader, die fout was in de oorlog, over hoe hij met Theo Kars de PTT oplichtte, over zijn erotische avonturen. Over die avonturen schreef hij dagboeken waarin de erotiek overigens niet eens zo'n grote rol speelt. De toon wordt gezet...ja, door wat?...ik denk door een verlangen om zo onbeschroomd mogelijk te schrijven.

Waardoor niet alleen de omgeving in een helder niet altijd aangenaam licht komt te staan maar ook Van Houten zelf. Want evenals Leautaud spaart hij zichzelf niet.

Ik schreef: we kunnen het weten. Maar waarom weten we het niet? Dat Van Houten een bijzondere schrijver is.
 
Wim Brands