Van de eenentwintig dichters die tijdens de Nacht van de Poëzie 2014 voordroegen, liet Nooit meer slapen er vijf aan het woord over het begin van hun schrijfwerk, de obstakels waar ze tegenaan lopen, en de Nacht.

Els Moors houdt erg van poëzie, maar kan het ook maar mondjesmaat verdragen – zo vertelt ze op het terras van Amsterdam. Aanstaande zaterdag leest ze voor weer voor op De Nacht van de Poëzie, ditmaal uit haar tweede bundel, Liederen van een kapseizend paard. Maar hoe is het allemaal begonnen?

In de foyer van het Hotel Americain vertelt Menno Wigman hoe ziekte de poëzie tegenwerkt – en tot poëzie kan leiden.

Met haar zachte stem en verlegen presentatie is Kira Wuck bepaald geen typische slamdichter. Toch won ze in 2011 het NK Poetry Slam. Zij opent de Nacht van de Poëzie 2014. In haar woonkamer in Amsterdam-West vertelt ze over de schrijversacademie en het belang van een goed werkritme.

Hyperactieve podiumdichter Bart Chabot stond in 1980 op het programma van de allereerste Nacht van de Poëzie – nog voor zijn eerste bundel was verschenen. Vele jaren en bundels later staat hij er weer, aanstaande zaterdag, met zijn Greatest Hits.

Marjolijn van Heemstra is theatermaker en dichter. Dankzij haar overtuigende optredens kreeg ze een contract bij De Bezige Bij, en na het verschijnen van Meer hoef dan voet, haar tweede bundel, debuteert ze dit jaar op De Nacht van de Poëzie. Ze vertelt wat haar tegenwerkt en aantrekt in de poëzie, en leest alvast een gedicht voor.