Stef Biemans: 'De verhalen liggen hier op straat'

tekst en foto’s Elja Looijestijn ,

Tien jaar geleden emigreerde televisiemaker Stef Biemans naar Nicaragua. Hij kwam terecht in een hechte gemeenschap waar men het hart op de tong draagt. Bij de start van zijn nieuwe serie 'Amor met een snor' ging de VPRO Gids op bezoek.

-----------------------------------------------------
Amor met een snor
herhaling vanaf donderdag 21 juli 22.05 uur op NPO 3 (vijf afleveringen)
----------------------------------------------------

Coverbeeld van de vpro gids deze week

Nicaraguanen houden niet van katten. Bijna niemand heeft hier dan ook een poes als huisdier. Maar door de binnentuin van casa Biemans-Sanchez sluipt een slanke donkerbruine poes: Frijol. Ze is vernoemd naar de hoeksteen van het Nicaraguaanse menu, de zwarte boon. De vijfjarige Lucy pakt haar bij de voorpoten en maakt een dansje. ‘Een poes leek me leuk voor de kinderen, dus hebben we deze geadopteerd,’ zegt Stef Biemans. De televisiemaker is de vader van Lucy en haar broer Camilo (6). Die is druk bezig met zijn ridderkasteel.

Bij Biemans loopt alles door elkaar heen: familie en werk, het persoonlijke en het openbare, en Nederland en Nicaragua. Hij woont er nu tien jaar. Een jungle vol dieren, wuivende palmen, elke dag zon, indrukwekkende vulkanen en een kust die de droom van elke surfer is: het is een land om meteen verliefd op te worden. Maar net als de rest van deze regio heeft ook Nicaragua een tumultueus verleden. Jaren van politieke onrust en een flinke portie natuurlijke rampspoed in de vorm van droogte, aardbevingen en vulkaanuitbarstingen hebben ervoor gezorgd dat het een van de armste landen van Latijns-Amerika is.

De bevolking laat het hoofd echter niet hangen. De Nicaraguanen zijn behulpzaam en altijd in voor een praatje. Op elke straathoek klinkt muziek. Het tempo van leven is aangepast aan de temperatuur. Het is de heetste tijd van het jaar en dat betekent dat het ’s middags makkelijk 37 graden wordt. Als om zes uur de zon onder gaat, koelt het maar weinig af.

Fietsen

Biemans’ woonplaats Masaya ligt op een half uurtje rijden van de hoofdstad Managua. Op de weg is het oppassen dat je niet in een gat of over een straathond rijdt. In vrolijke tinten geverfde stenen huizen staan naast houten hutjes waar kippen omheen scharrelen. Kinderen in blauw-witte schooluniformen rennen achter elkaar aan.

Verkopers van gefrituurde bananenchips, kauwgom en sigaretten zoeken verkoeling in de schaduw. De belangrijkste toeristische attractie is de ambachtsmarkt. Daar stoppen busjes met Amerikanen in korte broeken om portemonneetjes en hangmatten te kopen.
Het verkeer bestaat uit rammelende taxi’s, paard en wagens, brommertjes, handkarren en opvallend veel fietsers. In de jaren negentig doneerde Nederland een container fietsen en die worden nog steeds veel gebruikt. Hele families bewegen zich erop voort: mannen op het zadel, vrouwen op de stang en kinderen achterop.

Vanwege deze overeenkomst met Nederland noemde Biemans zijn televisieproductiebedrijf Bicicleta. Nadat hij verliefd was geworden op de Nicaraguaanse Audrey besloot hij te emigreren. Veel van de verwondering die dat met zich meebracht hebben we op televisie kunnen meemaken. Eerst in Brieven uit Nicaragua, waarin hij videobrieven maakte naar aanleiding van vragen van Nederlandse kinderen.

Vervolgens werd hij correspondent en later presentator van buitenlandprogramma Metropolis. Daarin liet hij ons kennismaken met de Nicaraguaanse Michael Jackson, ging mee met de drugspolitie en liet zijn zoontje met een kruidenoplossing beschermen tegen het boze oog. Daarna kwamen de jeugdreisprogramma’s Stefpacking en United Stuff of America.

Twee jaar lang was er ook in Nicaragua een versie van Metropolis te zien. Met zijn zwager maakte Biemans een programma voor de Nicaraguaanse televisie en de bioscoopdocumentaire Mojados, waarin ze net als veel landgenoten proberen illegaal de grens met Costa Rica over te steken.

Het kantoor van Bicicleta ligt om de hoek van het centrale plein van Masaya. Voor de deur staat altijd een bewaker; er zijn verhalen bekend van gewelddadige gewapende overvallen op tv-bedrijfjes. Maar vandaag wast hij, om iets te doen te hebben, de auto van editor Femke Klein Obbink (34). Zij zit binnen onder de airconditioning met een koptelefoon op achter twee grote schermen. Redacteur José Collado (28) is in de weer met spreadsheets en bonnetjes. Biemans heeft de muren van zijn eigen kantoortje beplakt met isolatiemateriaal. Hier neemt hij zijn voice-overs op.

Het kantoor herbergt ook het Nederlandse schooltje van Masaya. Daar krijgen Lucy en Camilo en nog een paar andere Nederlandse kinderen een middag per week les van juf Marloes. Aan de muur hangen verlanglijstjes en tekeningen.

Direct naast het kantoor woont het gezin. Hun blauw geverfde huis staat er pas drie jaar, maar ziet eruit of het rechtstreeks uit de koloniale tijd komt. Het heeft een binnentuin met hangmatten en tegelvloer, vijvertje met fontein, een statige trap en moderne keuken met kookeiland. Daar gaat Biemans tussen de middag meestal lunchen. De huishoudster maakt vandaag kip met champignonsaus en rijst en salade. ‘Personeel hebben is hier vrij normaal. Als ik thuiskom, kan ik meteen met mijn kinderen gaan spelen. Nederlandse vrienden moeten dan koken en het huishouden doen. Dat ik hier veel tijd met ze door kan brengen, maakt een beetje goed dat ik zo veel op reis ben.’

Sterk water

Casa Biemans-Sanchez

Biemans is een familieman, en dat komt goed uit, blijkt als we ‘een blokje om’ gaan. De grond waar het huis op staat was eerst van een oudtante van Audrey. Het braakliggende terrein ernaast van een oom en tante. Meteen om de hoek is de sportwinkel van oma. ‘Audrey’s opa was sportcommentator bij honkbalwedstrijden,’ vertelt Biemans als we naar binnen gluren.

Verder werkt bijna de hele familie in de geneeskunde. ‘Dat betekent veel onsmakelijke medische verhalen, ook onder het eten.’ We komen langs de tandartspraktijk van een oom en tante en de radiologiekliniek van een zus. Dan is er het gemeentehuis, met daarnaast het huis van Biemans’ schoonouders. Aan de overkant van de straat is de apotheek, waar zijn schoonmoeder achter de balie medicijnen verstrekt. ‘Vroeger, toen ik nog niet zo veel werk had, zat ik hier soms hele middagen. Kijken en een beetje kletsen.’

De spreekkamer van dokter Sanchez, achter de apotheek, is een soort rariteitenkabinet. De houten lambrisering op de muur hangt vol met memorabilia, lijstjes en vlaggetjes. Langs het plafond hangt een pennenverzameling. Die is nog uit de tijd dat Biemans’ schoonvader burgemeester was. Op het bureau en op de grond staan potjes met organen en lichaamsdelen op sterk water.

Aan de deur van de behandelkamer hangt een collage van afschrikwekkende foto’s van allerlei gezwellen en aandoeningen, veel aan de geslachtsdelen. Wacht niet te lang met naar de dokter gaan, is de boodschap. Als patiënten geen geld hebben, hoeven ze niet te betalen in de kliniek.

We gaan een trap op om de vrouw te ontmoeten voor wie Biemans Nederland achterliet. Echtgenote Audrey, tenger met een lieve glimlach, neemt tussen de patiënten door even de tijd om haar praktijk te laten zien. Ze werkt samen met haar vader. ‘Ik ben chirurg, maar behandel ook veel algemene consulten. Grotere operaties doen we in het ziekenhuis.’

Er gaan weleens weken voorbij dat Biemans dit kleine biotoopje niet uit komt. Heel benauwend vindt hij het niet. ‘We komen niet de hele dag bij elkaar over de vloer. Ik vind dat dorpse wel leuk, en het netwerk van de familie heeft me veel gebracht. Wat je ook moet regelen, de loodgieter, werk, alles gaat via via. Zo kom ik ook aan bijna alle verhalen voor mijn programma’s.’

Iedereen in de provinciestad Masaya kent elkaar en roddelen is een favoriet tijdverdrijf. ‘De verhalen liggen hier echt op straat. De mensen zijn verslaafd aan contact. Ze praten de hele dag met elkaar. Als ze elkaar tegemoet lopen, beginnen ze al te praten en het gesprek gaat nog door als ze elkaar allang voorbij zijn. Zo kan de hele straat ook meegenieten.’ Biemans’ vader woont ook nog in Masaya, drie blokken verderop. Hij ging na zijn vervroegd pensioen vrijwilligerswerk doen. Hij ontmoette een Nicaraguaanse vrouw en is gebleven.

Import-latino

Stefs schoonmoeder

Voor het thema van zijn nieuwe programma hoefde Biemans duidelijk niet ver te zoeken. In Amor met een snor onderzoekt hij als import-latino de liefde van de Latijns-Amerikaanse man. ‘Het ligt er zo dik bovenop hier. Mensen praten heel graag over liefde en relaties. En niet alleen voor de camera. Als ik een winkeltje binnenloop, beginnen ze ook hun liefdesverhaal te vertellen.’

Met deze serie zet de televisiemaker de stap naar de langere reisdocumentaire. ‘Daarom wilde ik heel graag werken met Hans Pool [regisseur en cameraman van onder andere Van Dis in Afrika en de Ruslandseries van Jelle Brandt Corstius]. Hij is de meester in het genre. Ik heb het vijf keer moeten vragen, maar uiteindelijk zei hij ja. Hij heeft aan twee afleveringen meegewerkt.’

Biemans reist door vijf Latijns-Amerikaanse landen, maar begint weer achter zijn eigen voordeur. Hij moest immers als nuchtere Hollander zijn latina Audrey veroveren. Zij vertelt hoe dat ging: ‘Ik wilde eerst alleen vrienden zijn, want ik had het druk met mijn studie. Maar Stef hield vol. Hij gaf me cadeaus, we gingen samen fietsen en dansen, hij legde contact met mijn familie en leerde Spaans. Hij schreef gedichten, hield netjes de autodeur voor me open en bouwde een band op met mijn familie.’

Openhartig

Audrey en Stef Biemans

Amor met een snor is een openhartige serie. In de voice-over vertelt Biemans over zijn leven en zijn huwelijk. Hij onthult dat Audrey hem samen met zijn schoonvader heeft gesteriliseerd. ‘Nu moet je even je oren dichtdoen,’ lacht hij een beetje beschaamd als we samen een aflevering kijken waarin hij zijn favoriete positie in de slaapkamer opbiecht.

De persoonlijke insteek past bij zijn manier van televisiemaken. ‘Een onderwerp als de liefde kun je niet afstandelijk benaderen, vertelt hij als we op het stoepje voor de praktijk de bedrijvigheid in de straat observeren en af een toe een bekende groeten. ‘Ik vraag mijn geïnterviewden het hemd van het lijf, de meest intieme details. Dus ik moet zelf ook iets geven, vind ik. Maar dat kan ook heel ongemakkelijk worden. Het is zoeken naar een goede balans daarin. Sunny Bergman heeft dat heel goed te pakken, net als Frans Bromet.’

Uitgebreid vertellen de latino’s over hun seksleven, vreemdgaan en prostitutie. Ondanks de vertrouwelijke onderwerpen die Biemans zo graag voor de camera bespreekt, krijgen mensen nooit spijt van een interview. Dat komt ook door zijn benadering. ‘Als mensen niet gefilmd willen, doen we het niet, ik ga ze niet overhalen. Maar de meeste mensen hier zijn heel makkelijk. Het begrip privacy speelt niet zo. Men leeft heel dicht op elkaar en bespreekt alles met elkaar.’

Toch zijn er zaken waar Biemans niet over begint. De mensen die in Nicaragua de dienst uitmaken zijn niet altijd even integer en zitten ook niet te wachten op een tegengeluid. Maar die onderwerpen komen in de programma’s van Biemans niet voor. ‘Dat vermijd ik inderdaad een beetje. Ik ben hier te gast, zo zie ik dat, en het is onbeleefd je gastheer te bekritiseren. Bovendien voel ik me meer thuis bij de human interest. Politiek is niet mijn hoek. Ik wil geen onrust stoken, dus hou me op dat gebied een beetje gedeisd.’

Macho's

Zodra we in Nicaragua de deur uitgaan, krijgen we te maken met het Latijns-Amerikaanse machismo. Mannen van alle leeftijden roepen, fluiten en proberen me aan te raken. Alle clichés zijn waar, blijkt in Amor met een snor. De latino’s zijn jaloers, macho en gaan vreemd bij het leven. Geen van Biemans’ Nicaraguaanse vrienden is trouw.

‘Vreemdgaan is hier voor mannen heel normaal. Ze redeneren: de liefde is zoiets moois, waarom zou je het maar voor één vrouw bewaren? Ze praten er ook veel over met elkaar. Vrouwen houden zich over het algemeen van de domme: als ze het niet weten, is het er niet. En als zij zelf een slippertje maken, houden ze het stil. Anders ben je een slet. ’

Ook editor Femke heeft de latino inmiddels leren kennen. Ze is voor de tweede keer een aantal maanden in Nicaragua, nu om deze serie te monteren. ‘Aanvankelijk vond ik ze vooral vervelend. Mannen roepen me de meest obscene dingen na en zitten aan me in de bus. En allemaal gaan ze vreemd. Dat heb ik helaas ook al aan den lijve ondervonden.’

Redacteur José, die door iedereen Chepe genoemd wordt, begint daar niet aan, zegt hij. ‘Sommigen van mijn vrienden hebben twee of drie vriendinnetjes, terwijl ik een al genoeg gedoe vind. Ik ben één keer in een liefdeshotel geweest, dat bezoekt Stef ook in de serie. Je rijdt er met je auto in om een paar uur een kamer te huren om seks te hebben. Mijn vrienden gaan regelmatig, maar ik vind het niets. Het is zo onpersoonlijk.’

In de gevangenis in Bolivia ontmoette Biemans een man die zijn vrouw bijna vermoordde uit jaloezie. Hij vond het jammer dat het niet gelukt was. ‘Dat soort dingen komt hier ook veel voor,’ zegt Chepe. ‘Heel veel vrouwen in Nicaragua krijgen te maken met geweld. Ook zijn er veel tienerzwangerschappen en er wordt heel veel gescheiden. Het is altijd de vrouw die daar het slechtst vanaf komt.’

Romantiek

Maar er is ook een andere kant aan de latino: die van de passie en romantiek. ‘Mannen doen hier echt hun best om je te laten zien dat ze je leuk vinden,’ weet Femke. ‘Ze kunnen goed dansen en zijn heel galant en zorgzaam. Dat is leuk, dat zie je in Nederland echt niet.’

‘Mannen in Nicaragua veroveren vrouwen met bloemen, gedichten en serenades,’ vertelt Audrey. ‘Ze hangen liefdesbriefjes op in de straat, geven cadeautjes en gedragen zich als een heer. Ze houden de deur open, zorgen dat de vrouw niet struikelt of nat wordt in de regen, dragen haar spullen en brengen haar overal heen om te zorgen dat ze veilig is.’

In de zwoele avonden, begeleid door smachtende mariachimuziek, is er weinig meer nodig om verliefd te worden. Geen wonder dat er zo veel interculturele stelletjes in Nicaragua zijn, ook in de vriendenkring van Stef en Audrey. Maar het gaat ook vaak mis. De enige relaties die standhouden zijn die tussen een westerse man en een Nicaraguaanse vrouw, vertelt Biemans in de schommelstoel in zijn binnentuin.

‘Andersom komt ook veel voor, maar dat loopt altijd stuk. Nicaraguaanse mannen vinden een zelfstandige vrouw wel interessant, maar na een tijdje worden ze bezitterig. En de vrouwen knappen af als ze niet uit mogen met vriendinnen en hun man niet helpt in het huishouden.’

‘De Nicaraguaanse vrouwen die ik ken met een Nederlandse partner, waarderen het dat hun man niet zo’n macho is,’ vult Audrey aan. ‘Nederlandse mannen zijn lief, intelligent, creatief en werken hard. Ze zijn niet jaloers en behandelen hun vrouw als gelijke.’ Volgens Audrey heeft haar man veel goede eigenschappen van de latino’s overgenomen. ‘Stef gedraagt zich als een heer en is heel attent. Bovendien kan hij heel goed dansen.’ Een ideale vereniging van twee werelden, hier in het buurtje in Masaya, waar de verhalen op straat liggen.

Op NPO Doc vind je nog een kort interview met Stef: 'Ik dacht, ik kan het wel weer op mijn manier gaan doen, maar ik wilde heel graag bijleren. De natuurlijke, ongeforceerde manier van filmen van Hans Pool sprak me enorm aan.'