filmjaar 2016

Boeddha langs de feministische meetlat

Regisseur Pan Nalin over zijn Samsara

Gerhard Busch ,

Het duurde zeven jaar voordat zijn eerste speelfilm van de grond kwam. Geldschieters stonden niet in de rij om een film te realiseren van een debutant, een film ook waarin amper een woord zou vallen en waarin vooral niet-professionele acteurs zaten. Of Samsara een geslaagde film is, weet regisseur Pan Nalin ook niet, maar 'het is de film die ik wilde maken'.

De Indiase regisseur Pan Nalin*) leefde als kind tussen de treinrails, waar hij een zakcentje verdiende met het verkopen van thee aan de reizigers. Hij ontsnapte aan die armzalige jeugd door zichzelf het vak van filmmaker te leren, had even een bescheiden succes als maker van commercieel werk, maar vond daarin geen voldoening en vertrok naar Europa. Maandenlang leefde hij uit zijn rugzak, om vervolgens terug te keren naar India en maandenlang door de Himalaya te trekken. Daar, in het afgelegen hooggebergte, ontstond het idee voor zijn eerste speelfilm, Samsara.

'Een film,' zo vertelde de bevlogen regisseur tijdens het afgelopen filmfestival in Rotterdam, 'over geloof en liefde. Niet over geïnstitutionaliseerd geloof, want de meeste ellende op aarde wordt veroorzaakt door religies. Ik wilde laten zien dat religie en spiritualiteit steeds verder uit elkaar zijn komen te liggen. En dat we alsmaar onze verlangens achterna lopen, ons niet kunnen ontworstelen aan de complexiteiten van samsara (in het boeddhisme is samsara de aardse cyclus van wedergeboorten, in de praktijk vaak gebruikt als het hier en nu, de wereld om ons heen - GB).'

Hoofdpersoon in Samsara is de monnik Tashi. Als de film begint wordt hij, meer dood dan levend , aangetroffen in een afgelegen hutje hoog in de bergen van het Indiase Ladakh. Hij heeft net drie jaar in totale afzondering gemediteerd. Zijn haar en baard zijn decimeters lang, zijn nagels krullen al. Andere monniken nemen hem mee terug naar het klooster, waar het hoopje mens wordt geknipt en geschoren. Onder al het haar blijkt een jonge man te zitten.

Al vanaf zijn vijfde zit Tashi in het boeddhistische klooster. Zijn hele leven is erop gericht geweest de aardse verzoekingen af te zweren. De drie jaar eenzame meditatie zouden de bekroning moeten zijn, maar als Tashi eenmaal op krachten is, blijkt dat er nog verlokkingen te overwinnen zijn. Hij wordt regelmatig wakker met een erectie.

Maar had prins Siddhartha niet ook een vrouw en zoon voordat hij op zijn 29ste het fysieke voor het geestelijke verruilde? Tashi verlaat het klooster, wordt verliefd, trouwt en krijgt een zoon. De parallellen met de Boeddha zijn duidelijk.
Maar de regisseur heeft niet alleen oog voor Tashi's eenzame zoektocht naar verlichting. In zijn film vraagt hij nadrukkelijk aandacht voor de positie van de achterblijvers: Tashi's vrouw Pema en zoon Karma. Tashi's zoektocht naar verlichting krijgt daardoor iets verwends en egoïstisch.

Nalin: 'Pema is veel wijzer dan Tashi. Veel praktischer en beter opgewassen tegen de wereld. Zij wacht niet op nirvana, het moment dat de verlichte uit samsara stapt, maar leeft in het hier en nu. Zij is de echte held van de film en haar visie is ook heel erg de mijne.'

Samsara was een belangrijke film voor de regisseur. Het duurde maar liefst zeven jaar voor hij het project van de grond kreeg. 'Producenten schrokken terug voor het feit dat dit mijn eerste speelfilm zou zijn. Dat de opnamen zouden plaatsvinden in Ladakh, op ruim 5000 meter hoogte, waar het zo koud wordt dat je slechts drie à vier maanden per jaar kan filmen. En dat er in de film maar heel weinig gesproken zou worden. In de eerste drie kwartier zitten misschien zo'n zeven regels dialoog. En dan wilde ik ook nog met overwegend niet-professionele acteurs werken.'

Er zitten uiteindelijk drie professionele acteurs in de film, van wie er twee nog niet eerder aan een speelfilm hadden meegewerkt. Neelesha BaVora, die de rol van de verleidster Sujata speelt, komt uit Berlijn en speelde in de tv-soap Gute Zeiten , slechte Zeiten; Shawn Ku (Tashi) had zelfs nog nooit iets voor televisie gedaan, hij is een professionele danser uit New York. Alleen Christy Chung (Pema ) was eerder in films te zien. In thuisland Hongkong speelde ze in een twintigtal, voornamelijk vechtfilms. Opvallend is dat geen van drieën uit India kwam.

'Ik kon in India geen gezichten vinden, want ik zocht gezichten, geen acteurs. De meeste professionele acteurs zijn goed als ze teksten kunnen uitspreken of zich moeten bewegen, maar voor mij was dat niet het belangrijkste . Er zitten veel momenten in mijn film waarin de personages niets doen of zeggen , alleen maar zijn. Dat moest ik allemaal in hun gezichten terugvinden. Toen ik geen acteurs kon vinden richtte ik mij op choreografen en dansers, vanwege hun gratie. Zo kwam ik bij Shawn. Hij hoefde geen screentests te doen, maar moest voordat we met de opnamen begonnen wel iets van honderdvijftig alledaagse taken verrichten. Leven in een klooster, tussen de boeren in Ladakh, enzovoort.'

'Christy wilde ik aanvankelijk niet eens in mijn film hebben. In Hongkong smeren de actrices veel te veel make-up op hun gezicht. Maar haar agent bleef aandringen en toen ik haar ontmoette en zij haar make-up wegpoetste zag ik Pema . Ik heb haar wel het acteren moeten afleren. Dat geldt trouwens ook voor Shawn . Telkens als hij mij vroeg hoe hij iets moest spelen zei ik: "Doe niets. Kijk voor je uit en probeer niet met je ogen te knipperen." Overacting zou mijn film om zeep hebben geholpen. Vandaar dat ik voor de opnamen lessen in hoe níet te acteren heb gegeven.'

In de zeven jaar die Nalin moest wachten voor zijn film van de grond kwam, werd hem steeds duidelijker hoe de film eruit moest gaan zien. En hoe hij moest klinken. 'Geluid is heel belangrijk in Samsara. Na iedere opnamedag gingen we met de bandrecorder op zoek naar nieuwe geluiden, want niets in Ladakh klinkt als in het westen. We namen geluiden op van stromend water, kwetterende vogels en het waaien van de wind. We hadden uiteindelijk wel zo'n tweehonderd verschillende soorten wind. In het klooster waait een koude, harde wind, terwijl beneden in het dorp de wind warm en sensueel blaast. De geluiden moeten de actie en personages ondersteunen. Elke keer als Pema opkomt, klinkt dezelfde wind.'

Kleur is ook heel belangrijk. 'Het eerste groen dat Tashi ziet na het klooster is een enkel blad. Naarmate hij verder afdaalt naar het dorp ziet hij steeds meer groen, eerst een boom, dan hele velden. Met het groen komt ook het geluid van de vrouwen, van dieren, van gezang. Groen is de kleur van het leven. Na het huwelijk van Tashi en Pema wordt alles steeds geler . Het wordt herfst. Dat is voor de boeddhisten een metafoor voor verlichting, omdat alles in de herfst verdrinkt in licht.'

'Het is allemaal heel bewust gedaan, maar niet zo dat het per se moest opvallen. Het is net als in de wereld om ons heen, waarbij iets heel indrukwekkend kan zijn zonder dat je het gelijk kan decoderen. Ik wist ook van tevoren niet of het allemaal zou werken, maar ik vertrouwde op mijn gevoel. Wat kan je ook anders? Als het mislukt, mislukt het. Ik zeg niet dat het een perfecte film is geworden, maar het is de film die ik wilde maken. Alle fouten die er in zitten zijn van mij. Niet van de acteurs, crew of wie dan ook. Alleen ik ben verantwoordelijk.'

*) Omdat we nergens zijn geboortejaar konden vinden, mailden we met Pan Nalin. Dit was zijn reactie :

It is bizarre, my parents never knew my exact date of birth (it is very normal in India, people just do not care as much about birth or birthdays).
Thus I have several. According to my school it is 18th March 1963 (this could be right!), according to my passport it is 18th March 1960, according to my family it should have been 18th March 1965.
Personally when people ask me how long is my life?
I say: "Life is but a breath"