nieuwe site?

De stiekeme pamfletten van Eddy Terstall

Eddy Terstall over Simon, Amsterdam en de links, libertijnse samenleving

Gerhard Busch ,

Openingsfilm van het Nederlands Film Festival in Utrecht is Simon van Eddy Terstall. Simon is het eerste deel van een drieluik waarin Terstall wil laten zien 'hoe wij hier in Nederland omgaan met de dood, seksualiteit en de rechtstaat.' Daarna stopt hij met filmen en gaat de politiek in.

De voortekenen zijn gunstig. Simon, de zevende film van Eddy Terstall ( Amsterdam, 1964), is zowel openingsfilm in Utrecht als de Nederlandse inzending voor de Oscar voor beste niet-Engelstalige Film. En hoewel de flegmatieke Terstall zijn opwinding niet snel zal tonen, heeft hij nog twee redenen om optimistisch te zijn.

In zijn stamcafé De Kat in de Wijngaert in de Amsterdamse Jordaan vertelt hij dat hij meer dan bij vorige films mailtjes en sms-jes krijgt van mensen die de film goed vinden. Eén recensent stuurde het geruststellende bericht: 'Prachtige film. Recensie volgt.'

Bovendien was de waardering voor Simon bij een testscreening (Terstall: 'Het Filmfonds hamert op die dingen') extreem hoog. Alleen American Beauty scoorde ooit hoger, maar het testpubliek vond Simon beter dan bijvoorbeeld Lost in Translation.

Iets anders is het zogenaamde aanraadquotum, dat aangeeft hoeveel mensen de film aan anderen zullen aanraden. Ook dat was hoog, maar niet zo hoog als de waardering. Dat zou, denkt Terstall, wel eens met het thema te maken kunnen hebben: 'Het is toch een film over de dood, en het is maar de vraag of mensen dat ook op de vrijdagavond kunnen hanteren. Hoewel... Turks fruit.'

Simon gaat inderdaad over de dood, maar is daarmee nog geen sombere film. Er valt, zoals in de eerdere films van Terstall (HUFTERS & hofdames, De Boekverfilming, Rent-a-friend) veel te lachen.

Bijvoorbeeld om Simon (Cees Geel), een vrolijke hasjdealer met een grote bek en een klein hartje, die in 1988 - het jaar van het EK voetbal in Duitsland - vriendschap sluit met student tandheelkunde Camiel (Marcel Hensema) uit Oud-Zuid. Camiel is homo, maar dat is voor Simon hooguit een goede reden om grappen te kunnen maken.

Tijdens een bezoek aan Thailand wordt hun vriendschap zodanig op proef gesteld, dat de twee elkaar uit het oog verliezen. Als ze elkaar veertien jaar later toevallig weer tegenkomen, blijkt Simon doodziek te zijn.

Simon is het eerste deel van een drieluik. Terstall: 'Ik wil daarin onze seculiere, stedelijke samenleving optekenen, omdat het de beste samenleving is die ik ken. Ik wil laten zien hoe wij hier omgaan met de dood, seksualiteit en de rechtstaat. Onze seculiere maatschappij kent geen dogma's en wordt daarom door religieuze landen vaak afgedaan als heidens. Met Amsterdam als het moderne Sodom en Gomorra. Altijd weer die hoeren en drugs.

Maar als ik Amsterdam vergelijk met Londen of Parijs, leven we hier in Disneyland. Ik reis veel, maar ben nog nooit een samenleving tegengekomen die op het zelfde niveau is als de onze. Het is onzin dat alle culturen gelijk zijn, dat is een denkfout die is ingegeven door schuldgevoel over het kolonialisme. Sommige culturen zijn door economische achterstand nogal gevoelig voor het fascistoïde en het aanverwante religieus fundamentalisme.

Mijn films zijn niet uitgesproken politiek, maar hebben iets stiekem pamfletterigs. Ik wil laten zien dat het homohuwelijk, euthanasie en het drugsbeleid hier vanzelfsprekend zijn.'

Terstall is in zijn films bewust niet confronterend, omdat hij vindt dat een geheven vingertje niet werkt . Dat neemt niet weg dat hij respect heeft voor iemand als Ayaan Hirsi Ali, die met hulp van Theo van Gogh in het aan duidelijkheid niets te wensen overlatende Submission de ongelijkheid van de vrouw in de islam aan de kaak stelt.

' Submission is een heel dappere film. Juist in een emancipatorische beweging is het hard nodig dat mensen een voortrekkersrol vervullen en durven te provoceren . Het is de angst om voor racist uitgemaakt te worden waardoor mensen deze film niet voluit durven te ondersteunen. Maarten 't Hart werd toch ook niet teruggefloten toen hij zich als prominent gereformeerde afvallige presenteerde ?' En ja, als Hirsi Ali naar hem was gekomen en niet naar Van Gogh had hij dat filmpje ook gemaakt.

Terstall grijpt elk interview aan - ook dit - om over zijn ideale, links-libertijnse wereld te filosoferen. Voor hem is een interview een platform voor zijn politieke ideeën. 'Eenderde van mijn interviews gaan over zaken die in mijn films helemaal niet aan orde komen.'

Politiek is zijn ware passie, en hij zegt dat hij na het drieluik stopt met films maken. Al is dat moeilijk te geloven. 'Ja, voor mij soms ook, maar op een gegeven moment heb je verteld wat je wil vertellen. Als filmer kijk je van buiten naar binnen, terwijl je als beleidsmaker van binnenuit dingen echt kan veranderen.'

Mocht Terstall echt kiezen voor de politiek, dan verliest de Nederlandse film een eigenzinnig talent, dat getuige zijn films beter en beter wordt. Die progressie zit met name in zijn scripts. Iets wat Terstall onderschrijft: ' HUFTERS & hofdames zakt in het derde kwart in, Babylon heeft leuke dingen maar de structuur rammelt, en Rent-a-friend heeft een prima idee, maar het script is niet goed genoeg en dat hebben we nooit kunnen overwinnen. De boekverfilming (de film verscheen voor Rent-a-Friend, maar het script van die film schreef Terstall nog voor dat van De boekverfilming - GB) is mijn beste film, die gaat heel duidelijk van A naar Z.'

Net als Simon. Dat even strak en helder geschreven is als De boekverfilming, maar in het moeilijke thema meer ambitie toont.

Zoals alle andere films van Terstall speelt Simon zich af in Amsterdam. De reden daarvoor is simpel. 'Ik kom uit Amsterdam, ben geboren in de Jordaan en ging naar school in Oud-Zuid. Ik ken die subculturen goed, en dat moet ook om goede, geloofwaardige dialogen te kunnen schrijven. Ik had het er laatst nog over met Daan Ekkel (een van de handvol acteurs met wie Terstall regelmatig samenwerkt - GB). Er worden momenteel verschillende films gemaakt over spectaculaire misdaden. Die zijn volgens ons gedoemd te mislukken, omdat de makers niet kunnen weten hoe die mensen praten. Dat kan alleen als je er tussen bent opgegroeid. Alleen dan tref je de juiste toon, ken je het soort grappen dat gemaakt wordt.

Als je niet uit de Jordaan komt denk je dat iedereen hier matjes heeft en Sjonnie heet. Maar ik ken niemand met een matje en maar een paar Sjonnies. De jongens hier heten Marco, Marcel of Michel. Zoals ze in Zuid Tim en Pim heten, of Joris en Floris. Ze imiteren de verkeerde clichés.'

Om die reden zal Terstall ook niet snel geweld in zijn films laten zien. 'Hoe vaak zie je nou geweld in Amsterdam? Misschien twee, drie keer per jaar. En als je het al laat zien, moet je er ook iets mee doen, want geweld is voor mij geen entertainment. Ik was laatst op de filmacademie en een meisje vroeg me waarom er zo veel bloot in mijn films zit. Een beetje rare vraag. In Amerika mag je geen lul op tv laten zien, maar wel een pistool. Dus niet iets wat leven geeft, maar wel iets wat het leven wegneemt. Hoezo te veel tieten in mijn films? Ik heb liever een paar tieten tegen mijn hoofd dan een pistool.'