nieuwe site?

'Ik heb minder geduld voor critici'

Interview met Michiel Vos

Arianne Hinz ,

Michiel Vos presenteert zondagavond 30 januari 'De Grote VPRO Avond van het Filmfestival Rotterdam'. Eerder was hij te zien als gastheer bij de VPRO thema-avond rondom het IDFA. Wie is Michiel Vos en wat heeft hij met film?

Afgestudeerd als meester in de rechten, had Michiel weinig tot niets met film . Totdat hij op het IDFA-festival de Amerikaanse Alexandra Pelosi tegen het lijf liep. Zij maakte de documentaire Journeys with George waarin ze George W. Bush volgde tijdens zijn presidentiële campagne van 2000. De twee kregen een verhouding en in 2003 verhuisde hij naar Amerika om met haar te gaan samenwonen . Zij was toen net bezig met een nieuwe film over de presidentsverkiezingen in 2004. Deze keer reisde ze mee met John Kerry en de democraten. Michiel ging met haar mee. 'Eerst als avontuur, maar op een gegeven moment wordt het je baan', meent hij nu. 'Ineens werkte ik als filmer, producer en schrijver van het verhaal. Want het is wel een documentaire, maar het is ook een verhaal wat je wilt vertellen.'

Maar presenteren is iets anders dan een documentaire maken.

'Op een gegeven moment kwamen de Nederlandse media erachter dat een Nederlander, ik dus, wel eens in een bus zat met John Kerry. Of in een vliegtuig met Howard Dean. Omdat ik niet voor een Nederlands maar voor een Amerikaans medium werkte konden we heel dichtbij komen. Op een gegeven moment werd ik gebeld met de vraag of ik persoonlijk verslag wilde doen op de radio. En later ook op televisie. Naar aanleiding van een uitzending van Buitenhof waar ik in zat, schijnt iemand van de VPRO te hebben gezegd: 'Kan die jongen niet iets presenteren?'. Dat iets werd eerst de thema-avond van het IDFA. En nu wordt dat de Grote VPRO Avond van het Filmfestival Rotterdam.'

Je presenteerde op een documentairefestival en nu op een filmfestival. Wat heb jij zelf met films en documentaires?

"In 2000 heb ik samen met Max Westerman een televisiedocumentaire gemaakt voor RTL. En ik had zeer bescheiden journalistieke ervaring. Maar daar moeten we vooral niet moeilijk over doen. Verder ben ik niet echt een film- of een documentairefreak. Maar ik moet wel in alle bescheidenheid zeggen dat als je een keer een documentaire helemaal hebt meegemaakt van het begin tot het einde, van locatie zoeken tot editen, post- productie, festival-gedoe en eventuele prijzen, dan weet je een beetje waar je het over hebt.'

Kijk je nu ook anders naar documentaires?

'Ik ben een soort nerd geworden. Als ik tv zit te kijken zeg ik bijvoorbeeld wel: 'hmmm ... nice shot. Ja, leuk met die camera daar rondgedraaid'. En dat zou ik vroeger nooit gezegd hebben. Ik denk nu meer in beeld. Het belangrijkste is dat ik erachter ben gekomen hoe ongelofelijk veel moeite en tijd het allemaal kost om dat simpele beeldje te krijgen. Negentig procent van de tijd gaat zitten in de voorbereiding. Dat zie je niet en die is ook niet eervol. Maar ik weet nu hoe zwaar het is om een goede documentaire of film te maken. Daardoor heb ik iets minder respect voor critici. Als die het eindproduct even vanaf de bank bekijken en zeggen: 'mwah, ik vond het toch een beetje luchtig', daar heb ik dan minder geduld voor.'

Dat is interessant. Je zou namelijk ook juist kritischer kunnen zijn geworden. Omdat je weet hoe het werkt.

'Ja, tegelijkertijd word ik ook kritischer. Ik weet inderdaad beter hoe het werkt. Wat goed is en wat niet. Wat erin zat. Erin had kunnen zitten. Maar dat durf ik alleen te zeggen over de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Daar weet ik wel een klein beetje wat van. Maar over speelfilms doe ik dat niet, want ik heb nog nooit een speelfilm gemaakt.'

Straks zit je met allemaal filmmakers aan tafel. Hoe bereid je je daarop voor?

'Ik heb me dagen opgesloten in de New York City Public Library. Dagenlang heb ik in fotoboeken van Nan Goldin gekeken. Ook ben zeer goede vrienden geworden met de jongens van mijn videotheek. Die hebben veel Franse films. Van de Franse filmmaker die komt, Benoit Jacquot, had ik nog nooit een film gezien. Die man heeft 50 films gemaakt, dus daar moet ik dan een keuze uit maken. Hij heeft bovendien een heel eigen traditie, waar ik me wel een beetje in moest inwerken. Kijk, een Wim Wenders, daar kent natuurlijk iedereen een paar films van. En ook Nan Goldins werk kende ik al voor een deel. Ik heb ooit een expositie van haar gezien in het Stedelijk. Al die foto's waarop je ziet dat ze in elkaar is geslagen. Die blijven wel hangen, want dat is heel bijzonder. Maar dan staan er alleen al 13 boeken van haar in de Public Library. En die hebben allemaal een voorwoord, waar allemaal intelligente dingen in worden gezegd. Dus ik begon weer even met: 'O ja, het zijn dus snapshots', en dan ga ik erover lezen en verdiep ik me erin en dan gaan die vrienden en familie die ze fotografeert voor me leven. Dan wordt het opeens een wereldje, wordt het interessant. Maar daar moet ik altijd moeite voor doen. Om geïnteresseerd te raken moet ik eerst altijd even een bruggetje over.'

Wat maakt een film voor jou zelf goed?

'Ik vind het altijd leuk als een film iets zegt over de actualiteit. Kijk bijvoorbeeld naar de debuutfilm van Alexander Payne, Citizen Ruth. Die gaat over abortus. In Amerika is dat onderwerp nooit helemaal uit het nieuws. En doordat Bush nu herkozen is, is het helemaal terug op de agenda. Payne heeft die film 10 jaar geleden gemaakt, maar hij is nog steeds actueel.'

'Verder vind ik het leuk als een film over vriendschap gaat. Want dat is toch waar het in het leven om gaat. Intermenselijk gekonkel. Wanneer het echt leuk wordt is als mensen echt een beetje tot elkaar veroordeeld zijn. Dat ze niet anders kunnen. Kijk bijvoorbeeld naar de laatste film van Payne, Sideways. Dat is een verhaal over twee vrienden die heel verschillend zijn. En die nog even een week gaan golfen en wijn drinken voordat een van hen gaat trouwen. Maar dan blijkt dat die jongen die gaat trouwen nog even een week uit de band wil springen. En met heel veel vrouwen naar bed wil. De ander is de vleesgeworden loser. Ze hebben een week afgesproken. Maar de loser heeft het op dag twee al gehad. Ik vind het mooi als er in een film een soort van beperking wordt aangegeven, zoals deze film een week beslaat. Dat geeft een film een begin en een einde. Het zorgt voor spanning.'