filmjaar 2016

Somber, maar niet wanhopig

Interview met Lucas Belvaux over 38 Témoins

Gerhard Busch ,

38 mensen zijn getuige van een moord en niemand grijpt in – echt gebeurd, in 1964 in New York. De Waalse filmmaker Lucas Belvaux verplaatste de actie naar Le Havre voor zijn 38 Témoins.

‘Het begin van de film is een boek van Abe Rosenthal, Thirty-Eight Witnesses : The Kitty Genovese Case, gebaseerd op een gebeurtenis in New York in 1964. Kitty Genovese, serveerster in een nachtcafé, werd toen onderweg naar huis vermoord. Die moord was bijzonder gruwelijk en duurde ook opvallend lang. Wel twintig minuten van het begin van de aanval tot haar dood. Waarom die moord beroemd is geworden en de reden waarom dat boek is geschreven, was omdat er 38 getuigen waren van die moord… 38 mensen die iets gehoord of gezien hadden… 38 mensen die begrepen moeten hebben dat er iemand werd aangevallen. En niemand die iets heeft gedaan. Niemand belde de politie, niemand rende de straat op om te kijken wat er gebeurde. Niemand riep: STOP!’



De Waalse filmmaker Lucas Belvaux kan zich er nog steeds over opwinden. Hij is begin dit jaar in Rotterdam, waar zijn film 38 Témoins (38 getuigen) het filmfestival opent. De plaats van handeling werd verplaatst van New York naar Le Havre, maar de basis bleef het zelfde: 38 mensen zijn getuige van een moord en niemand grijpt in.

Is duidelijk geworden waarom destijds niemand ingreep ?
‘Het was een groot schandaal in de Verenigde Staten. Toen is ook het noodnummer 911 ingesteld. En er werden allerhande sociale en psychologische studies in het leven geroepen. De conclusie was, dat hoe meer getuigen er zijn, hoe minder het individu zich verantwoordelijk voelt en hoe minder snel mensen dus zullen ingrijpen. Want Kitty Genovese had gered kunnen worden. Als iemand zijn raam had geopend en om aandacht had geschreeuwd, was ze gered. Maar niemand deed iets en dus ging ze dood.’

Veroordeelt u de mensen die niets gedaan hebben?
(glimlacht) ‘Bien sûr. Ik weet zeker dat ik, als ik daar was geweest, iets had gedaan. Gebeld, tussenbeide gekomen, wat dan ook. Ik ben nooit met iets zó ergs geconfronteerd, maar als ik iets zag gebeuren greep ik altijd in. We leven in een tijd waarin de jeugd steevast roept: Waarom oordeel je over mij? Wat geeft je het recht? Bemoei je met jezelf! Ik oordeel, omdat dat normaal is in een maatschappij. Het zijn altijd de daders die bang zijn voor een oordeel. In de film stel ik me de morele vraag wat er moet gebeuren met die 38 mensen die niets hebben gedaan. Ik vind dat ze op hun acties aangesproken moeten worden, gestraft zelfs, want het is ieders verantwoordelijkheid iets te doen.’

Hoe verplaatst u zich in iemand die niets doet, terwijl u zelf altijd wel heeft ingegrepen?
‘ Het gaat mij in de film niet zozeer om de vraag waarom niemand heeft gereageerd . Dat weet ik niet en zal ik waarschijnlijk ook nooit weten. Misschien dat die mensen daar zelf pas na tien jaar psychoanalyse achterkomen. Wat mij interesseert, is wat er daarna gebeurt. Hoe de getuigen daarmee leven en wat de gevolgen zijn voor hun directe omgeving en de gemeenschap waarin ze leven.’

We zien de moord niet…
‘In de eerste versie van het script zie je die moord wel. Maar het probleem was dat als ik het aan de kijker laat zien, dat die dan meer weet dan de getuigen. En dat wilde ik niet.’

De camera blijft ook op afstand, waarom?
‘Is dat zo? Ik heb wel regelmatig twee mensen in beeld en ben dan iets meer op afstand, maar dat is vooral omdat ik het ritme van de gesprekken niet wilde onderbreken. Als je ze alle twee in één shot ziet hoef je niet steeds over te schakelen. Ik geloof niet dat ik verder vaak op afstand ben.’

Misschien voelde dat zo, omdat u emotioneel op afstand van de personages blijft…
‘Ik wil de emoties van mijn personages inderdaad niet per se doorgeven aan mijn kijkers. We leven in een tijd waarin alles draait om emoties. Moord, verkrachting? Alles wordt vanuit de emotie bekeken. Ook in kranten en op televisie. Maar emoties zijn intiem, privé. Kunst moet verder gaan dan het intieme, omdat je een menigte probeert te bereiken. Juist door afstand te houden toon ik mijn betrokkenheid.
Een voorbeeld: de doodstraf. Ik ben ertegen, omdat ik het barbaars en onmenselijk wreed vind. Maar ik begrijp de vader of moeder die de verkrachter of moordenaar van hun kind dood wil wel. En daar schrik ik ook niet van. Maar het is belangrijk dat niet zij over de dader kunnen oordelen. Dat moet iemand doen die emotioneel meer afstand heeft. Als een film te veel de emoties aanspreekt wordt het manipulatie.’



Denkt u dat deze film mensen zal veranderen?
‘Nee, ik denk niet dat een film ooit een mens zal veranderen. Die pretentie heb ik niet. Wel dat elke film iets in beweging kan brengen. Net als literatuur en filosofie kan film problemen in kaart brengen. Ik denk dat de mensheid de afgelopen duizend jaar minder gewelddadig is geworden. En wellicht zijn we over duizend jaar weer een beetje beschaafder. En misschien , heel misschien heeft mijn film daar dan een beetje aan kunnen bijdragen.’

Terwijl het toch een heel sombere film is.
‘Somber, maar niet wanhopig. Omdat de film zegt dat mensen uiteindelijk zelf verantwoordelijk zijn voor hun daden. En dat is toch een optimistische gedachte.’