nieuwe site?

Ouderwetse feelgood-film

Happy Feet 2 van George Miller

Sven Gerrets ,

Hield vorige week in The Thing nog een kwaadaardig buitenaards wezen bloederig huis op Antarctica, deze week zijn de ijsvlaktes het decor voor een blijmoediger tafereel: tapdansende en zingende animatiepinguïns.

Regisseur George Miller gebruikt alles wat zijn eigen Happy Feet in 2006 zo’n succes maakte en voegt daar wat geslaagde elementen aan toe. Dat mondt uit in een ouderwetse feelgood-film voor het hele gezin.

Ditmaal draait het niet om de vocaal beperkte pinguïn Mumble, maar om zijn zoon Erik. Die heeft ook een probleem, met choreografie. Wijze lessen over anders zijn en je innerlijke stem vinden zijn wederom speels aanwezig, zonder moraliserend te worden. En natuurlijk is er een plekje voor de dreiging die de mensheid heet – vorige keer in de vorm van overbevissing, nu als veroorzaker van de smeltende poolkappen.

Inmiddels zijn we vijf jaar verder en zijn de animatietechnieken tot een hoger niveau gestegen. Waren de beelden van Antarctica in het origineel al verbluffend mooi, ditmaal zijn ze, mede dankzij de 3D, adembenemend. Scènes waarin sneeuwstormen over het land razen of ijsbergen afbreken en vloedgolven veroorzaken, zouden zo uit de natuurdocu Frozen Planet kunnen komen. Naast overzichtshots van immense vlaktes en natuurgeweld, is er ook aandacht voor de al even prachtige micro-ecosystemen onder het ijs.

Daar vinden we tevens de allerbeste aanvulling van Miller: het duo Will en Bill the Krill, twee garnaalachtige beestjes met de stemmen van Brad Pitt en Matt Damon. De twee zijn partners, ‘but no hanky-panky’,  en verruilen de veiligheid van de zwerm voor het grote avontuur, op zoek naar antwoorden op existentiële vragen. Schreeuwend, gillend en zingend stelen Pitt en Damon nipt de show van Robin Williams, die met zijn personages Ramon en Lovelace maniakaal op dreef is. En van Hank Azaria, die als The Mighty Sven, een vliegende pinguïn met moddervet Zweeds accent, een even ontroerende als grappige verhaallijn toevoegt.

Natuurlijk is er weer een serie popliedjes omgetoverd tot musicalnummers. Die schieten regelmatig net wat te ver door richting het zoetsappige, maar ze zijn redelijk gedoseerd en de kleintjes zullen er vast niet over vallen.

De climax, en de weg daar naartoe, is een stuk rechtlijniger dan in deel een, dat richting het einde begon te zwalken. Netjes komen alle lijntjes bij elkaar in een groots laatste muziekspektakel, waarbij alle beesten, van massieve zeeolifanten tot het nietige krill, moeten samenwerken om het happy end te bereiken.