filmjaar 2016

Prettige metahumor

21 Jump Street van Phil Lord en Chris Miller

Sven Gerrets ,

De beste parodie wordt gemaakt als er een liefde voor het bronmateriaal in doorklinkt. Dat bleek uit films als Shaun of the Dead en Hott Fuzz en dat blijkt ook nu met 21 Jump Street.

Van de originele serie, een tienerpolitiedrama, blijft enkel het uitgangspunt over nadat Jonah Hill en consorten het onder handen nemen, in deze knipooghommage die tevens dienst doet als stoner-komedie, vis uit het water-drama en buddy cop- avontuur.

Vijfentwintig jaar nadat de serie voor het eerst te zien was, is deze vooral nog bekend als de doorbraak van Johnny Depp. Zonde, want de wekelijkse tienerpolitieperikelen boden veel meer. Inmiddels groeien er generaties op die de serie nooit gezien hebben, getuige de vele tweets over hoe willekeurig het cameo-optreden van Depp in de film wel niet is.

Jonah Hill, die met het idee kwam voor de film en meeschreef aan het scenario, heeft de serie duidelijk wél gezien, net als talloze andere series en films in dit genre. Hij distilleerde hieruit een aantal iconische elementen en schreef er een nieuw verhaal omheen. De sterke punten worden geëerd, met de clichés en conventies wordt gespeeld.

Hill en Channing Tatum zijn twee tegenpolen die vriendschap sluiten om de politieacademie door te komen. Omdat ze hun eerste arrestatie als agenten verknallen én omdat ze een stel ‘Justin Bieber and Miley Cyrus lookin’ muthafuckas’ zijn, worden ze teruggestuurd naar de middelbare school om daar undercover een drugsbende op te rollen.  

Dat Hill, samen met regisseurs Phil Lord en Chris Miller (C loudy With a Chance of Meatballs), het oorspronkelijke materiaal serieus neemt en zichzelf allesbehalve, levert een constante stroom van originele humor op. Of de grappen nu flauw, droog of absurd zijn, steeds is er een zelfbewuste draai om ze fris te houden. Daarbij is Channing Tatum met zijn timing en gezichtsuitdrukkingen een komische openbaring.

Lord en Miller spelen met montage, muziek en special effects, waardoor de stijl luchtig aandoet, maar als het nodig is zwakken ze de humor wat af en krijgen thema’s rondom angsten, onzekerheden en identiteit de ruimte. Het levert een verrassende diepgang op en tevens een heel aardige sociologische doorsnede van het ecosysteem dat het voortgezet onderwijs is. Ook de actie wordt naadloos in het geheel geweven en is vaak grappig en solide tegelijk. Het lukt de makers om alle verschillende elementen en stijlen perfect in elkaar over te laten vloeien, met een prettige metafilm als resultaat.