filmjaar 2016

De wereldse cynicus en de naïeve non

Ida van Pawel Pawlikowski

Jan Pieter Ekker ,

Polen, begin van de jaren zestig. De jonge, devote novice Anna staat op het punt haar geloften af te leggen bij het nonnenklooster waar ze ooit als wees werd opgenomen. Voor het zover is stuurt moeder-overste haar langs bij haar enige familielid, een tante die nooit naar haar heeft omgekeken en de brieven van het klooster op een na onbeantwoord liet. 'Je blijft zo lang als nodig is,' gebiedt moeder-overste Anna.

Tante Wanda Gruz, een snoeiharde communistische rechter die priesters ter dood heeft veroordeeld, vertelt haar direct dat ze niet Anna heet maar Ida. En dat ze niet rooms-katholiek is maar joods. Het meisje zegt prompt dat ze het graf van haar ouders wil bezoeken. 'Ze hebben geen graf,' antwoordt haar tante . 'Geen enkele jood heeft een graf. Niemand weet waar hun lichamen zijn.'

'Ik vraag wel wat rond,' zegt Ida. 'En wat als je er ontdekt dat God niet bestaat?' riposteert Wanda. De volgende ochtend beginnen de tegenpolen aan een queeste door Polen. Het wordt een ontluisterende reis, langs tal van 'goede christenen', zoals Wanda ze smalend noemt. Onderweg leren de wereldse, cynische , kettingrokende en flink drinkende Wanda en de naïeve, bedeesde Ida niet alleen het ongemakkelijke, onverwerkte verleden van haar vaderland kennen, maar, zoals dat gaat in roadmovies, vooral ook elkaar en zichzelf.

Regisseur Pawel Pawlikowski kwam op zijn twaalfde met zijn familie vanuit Polen naar Groot -Brittannië. Hij volgde er een filmopleiding, werkte als documentairemaker voor de BBC en ging vervolgens fictiefilms maken, zoals het prachtige Last Resort (2000) en My Summer of Love (2004).

Ida is een bevestiging van zijn enorme talent: een indringend, verstild en uitgebalanceerd drama dat niet alleen door de schitterende zwart-witfotografie en uitgekiende shots herinneringen oproept aan het werk van Robert Bresson en – vooral – Carl Th. Dreyer. Met geweldige hoofdrollen van de debuterende Agata Trzebuchowska (Anna/Ida) en Agata Kulesza (Wanda), en goed gekozen muziek, onder meer 'Ich ruf zu dir, Herr Jesu Christ' van Johann Sebastian Bach.

Dit alles maakt Ida tot een ontroerend pleidooi voor het leven – hoe gruwelijk dat soms ook is.