nieuwe site?

Minder dan de som der delen

Metro Manila van Sean Ellis

Sven Gerrets ,

Het lijkt de laatste jaren populair bij regisseurs: eerst films maken in je eigen land en vervolgens vertrekken naar Aziatische oorden. David Verbeek maakte onder andere How to Describe a Cloud in China, Gareth Evans filmde zijn succesvolle The Raid in Jakarta, en nu komt Sean Ellis met Metro Manila, een op de Filipijnen gemaakt migrantendrama dat transformeert in een duistere misdaadthriller.

Oscar ( Jake Macapagal) en zijn vrouw Mai ( Althea Vega) kunnen niet meer rondkomen in de rijstvelden van Banaue en besluiten om met hun twee kinderen te verhuizen naar de metropool Manila. Het overleven in de verdorven krochten van de stad blijkt echter een nog grotere uitdaging dan het armzalige maar gemoedelijke boerenleven. Terwijl Mai werk aan moet nemen in een louche bar, waar ze zelf op de kaart blijkt te staan, gaat Oscar aan de slag bij een beveiligingsbedrijf, waar hij uiteindelijk voor de keuze komt zijn ziel te verkopen of door te modderen in misère. 

Ellis vangt met losjes geschoten beelden, sterk acteerwerk van de lokale acteurs en een minimum aan armoedeclichés moeiteloos de van wanhoop en penoze zwangere sfeer van de miljoenenstad, waar morele integriteit een zwakte lijkt. Oscars baas Ong ( John Arcilla) lijkt de personificatie van Manila; zijn sympathieke voorkomen is slechts een façade voor duistere praktijken, een gelaagdheid die de doorgewinterde Arcilla feilloos weet over te brengen. 

Het eerste uur à anderhalf is de film door zijn sociaal-realistische stijl haast een documentaire. Op zichzelf is dat uiterst fraai. Maar omdat de climax meer die van een genrefilm is, lijkt het nu vooral alsof de actie heel traag op gang is gekomen. Daarbij voelt de verhaallijn van Oscars vrouw Mai opeens volkomen overbodig tussen alle oplopende spanningen. En dat is jammer, want de rest van de finale, onverbiddelijk en bruut, zit op zichzelf ook weer prima in elkaar. Het geheel is in dit geval helaas wat minder dan de som der delen.  

Ondanks die mankementen blijft de Britse inzending voor de Oscars (de film haalde uiteindelijk de shortlist niet) een intrigerende mengeling van maatschappijkritiek en vermaak.