filmjaar 2016

Recensie: Of Horses and Men

Het ros in ons

Karin Wolfs ,

Ongenaakbaar als een grenadier te paard van Napoleons keizerlijke garde. Zo maant de middelbare Kolbeinn (Ingvar Eggert Sigurdsson) zijn kleine IJslander – onder tromgeroffel op de geluidsband – tot het uiterste over een landweggetje, in de karakteristieke tölt-gang. Trots arriveert hij bij Solveig (Charlotte Boving), het object van zijn affectie, die hem met een applausje onthaalt. Alle overige bewoners van de dunbevolkte vallei kijken van een afstand toe naar het tafereel, door hun verrekijkers.

Het hele gehucht ziet zo dus ook hoe Kolbeinn na de koffie op zijn merrie huiswaarts keert, achterna gezeten door de losgebroken hengst van Solveig. Die bestijgt de schimmel ondanks de berijder, waarna Kolbeinn beschaamd en blootshoofds de aftocht blaast. Alsof hij persoonlijk is aangerand, vernederd door de natuur. Zijn verloren pet markeert als stille getuige de plaats delict.

Elk shot en elke observatie is raak in Of Horses and Men (de IJslandse titel Hross í oss laat zich vrij letterlijk vertalen als 'het ros in ons'), het speelfilmdebuut van de IJslandse auteur, theaterregisseur en acteur Benedikt Erlingsson, die een bijrol had als tolk in Lars von Triers The Boss of It All ( 2006).

Hoewel Erlingsson opgroeide in het centrum van Reykjavik, kent hij het ruige, uitgestrekte platteland van Noord-IJsland als zijn broekzak sinds hij er als tiener een zomer op een boerderij doorbracht. Hij raakte verslingerd aan de paarden en het buitenleven en heeft nu zelf vijf IJslandse paarden. Dat is te merken. Want zoals het prikkeldraad zingt en de gammele rasterpaaltjes vallen, dat is de poëzie van een oog dat zijn omgeving door en door kent.

Het romantische lied dat Kolbeinn in de openingsscène zingt, over paarden en het goede leven, raakt al gauw overstemd door de weerbarstige praktijk. Daarbij vallen de nodige slachtoffers – zowel aan mensen - als paardenkant.

Het paardenoog dient als spiegel voor de mens in diens naïef-arrogante verhouding tot de natuur. Met zijn zwartkomische, naar surrealisme neigende moderne western bewijst Erlingsson zich als een IJslandse Alex van Warmerdam, die de grenzen van de beschaving verkent in een land van windbuksen, verrekijkers, snuiftabak en flaconnetjes sterke drank. Hij legt daarbij een verbluffende verbeeldingskracht aan de dag, die weinig woorden nodig heeft om wonderbaarlijke situaties te scheppen waar je mond ongemerkt van open zakt. Een prima start van filmjaar 2015.