filmjaar 2016

Recensie: Homies

Nogal een zootje

Jelle Schot ,

'Het is een vrij chaotisch verhaal.' Hoofdrolspeler Robert de Hoog biecht het eerlijk op in de openingsmonoloog van de komedie Homies. Al had hij misschien beter kunnen zeggen: 'Iedereen die een doordacht plot en logica verlangt, stop met kijken.'

Homies is het regiedebuut van de 29-jarige acteur/muzikant/producent Jon Karthaus, vooral bekend van zijn rol in jeugdserie ZOOP en de televisieprogramma 's (onder andere Fans!) die hij samen met collega Ewout Genemans produceerde. Voor zijn dertigste moest en zou hij zijn eerste speelfilm schrijven én regisseren, en dat is bij dezen gelukt.

Het begint allemaal met gladde handelaar Sebas (wie anders dan Manuel Broekman), die door een wel heel ongelukkige samenkomst van omstandigheden door een aantal gangsters met 22 kilo cocaïne wordt opgezadeld. Binnen enkele dagen moet hij de harddrugs, met een straatwaarde van 950.000 euro, zien te slijten. Lukt dat niet, dan staat de Russische maffia — met in hun gelederen een boos kijkende Victoria Koblenko — paraat om hem een kopje kleiner te maken.

Sebas, die normaliter zijn dagen masturberend op de bank doorbrengt, vraagt zijn drie huisgenoten om hulp : neuroot Felix (Gijs Naber), oorlogsveteraan Mark (Tibor Lukács) en ongelukkige sukkelaar Timo (De Hoog), die het hele gebeuren in een alomaanwezige voice-over aan elkaar praat. Ze bedenken een (niet al te ingenieus) plan, maar al snel gaat het van kwaad tot erger.

Aanvankelijk is dat best leuk . De vaart zit er goed in, de op Amerikaanse leest geschoeide humor is grof en tegendraads, en de acteurs — in het echt ook goed bevriend — hebben zichtbaar plezier. Ook de vele bijrollen zijn in orde, met onder anderen Hans Kesting als politierechercheur. Al is helaas ook weer de onvermijdelijke, zichzelf spelende BN'er opgetrommeld.

Maar halverwege implodeert de film, wanneer het toch al rommelige verhaal zich in allerlei ongeloofwaardige bochten begint te wringen (iets met een app die in no-time heel veel moet zien op te brengen) om tot een bevredigend slot te komen.

Wat vooral irriteert, is dat elke grap wel tien keer herhaald wordt, omdat de personages nooit meer worden dan stereotypes. En ook de stompzinnigheid van de vier vrienden begint zich te wreken. Zo denkt Timo daadwerkelijk dat de politie hem vrijuit laat gaan als hij met een koffer vol drugs (in werkelijkheid poedersuiker) wordt gepakt. Acceptabel in een film als Dumb & Dumber, maar niet in een verhaal over vier ogenschijnlijk succesvolle Amsterdamse jongens.

Kortom: Homies is nogal een zootje.