nieuwe site?

Weblogs Imagine

Vinger aan de bloedende pols van het festival

Artistiek directeur Phil van Tongeren en programmeurs Barend de Voogd en Roel Haanen klappen uit de school in een weblog.

Aflevering 20, 25 april

Geraden? Dit zijn de locaties waar Friday the 13th I en II zijn opgenomen. Ik wilde misschien ook nog een nachtje spenderen bij Lake Luzerne waar ze Sleepaway Camp hebben gefilmd en natuurlijk gedag zeggen aan de Creature from the Black Lagoon in Big Bear Lake, California.

Buntzen Lake in Canada mag op mijn rondreis niet ontbreken, want daar hebben ze zowel Lake Pacid als de doodenge televisiefilm It en Freddy vs Jason opgenomen! Leuk zo’n merentocht, en je komt nog eens ergens. Dit meer sla ik maar even over, aangezien ik gister de gelijknamige film nauwelijks ben doorgekomen zonder mijn ondergoed te bevuilen.

Misschien moet ik het dit jaar dichter bij huis zoeken. Waarom niet hier op vakantie gaan naar Blackpark Lake in Iver Heath , Buckinghamshire, Engeland. Hier werd tussen 29 juli en 10 september 2007 Eden Lake opgenomen. Een praktische locatiekeuze, want als u in google maps een beetje uitzoomt ziet u rechtsboven de beroemde Pinewood studio’s liggen, waar ze de interieurshots hebben geschoten. Britse horrorfilms als The Curse of Frankenstein (1957), The Brides of Dracula (1960) en Blood on Satans Claw (1971 ) werden ook bij Black Park Lake opgenomen. Net als de James Bond-film Goldfinger (1964) trouwens.

Ik ben er dus uit. Dit moet wel de ultieme vakantiebestemming zijn! De plek waar de oude Hammer House of Horror gezellig pootje baadt met de nieuwe golf aan Britse horrorfilms.

Alleen: durf ik langs ‘Eden Lake’ wel mijn tentje op te slaan?
Barend de Voogd

Aflevering 19, 24 april

Dat moet ik even uitleggen. Ik zag de film toen in gezelschap van Mike Lebbing, met wie ik destijds in Schokkend Nieuws, in de daarvoor bedoelde rubriek Video Basta, allerlei oude videobanden uit onze collecties besprak. Het was niet de eerste keer dat ik Turkey Shoot in gezelschap van anderen bekeek. Daar is het bij uitstek de film voor. Elke keer weer leuk om te zien hoe je kijkgenoot reageert op de ongelofelijke wansmaak die de film in petto heeft.

Aanvankelijk leek Mike niet zo onder de indruk, maar aangekomen bij de scène waarin een kale, besnorde kampbewaker een schriel klein vrouwtje in elkaar schopt, riep Mike: ‘Spoel eens terug!’ Dat zou hij vaker roepen, waardoor Turkey Shoot zo’n beetje de rest van de avond in beslag nam.

Terugspoelen zal vanavond niet gaan, dus houd je eyes wide open.
 
PS. collegablogger Phil gaf gisteren Lake Mungo nog een klein duwtje in de rug. Ik wil graag hetzelfde doen voor een van mijn persoonlijke favorieten: Chad Ferrins eerste big-budgetfilm Someone's Knocking at the Door, de film met de meest krankzinnige openingsscène van het festival. Vanavond voor het laatst te zien, toevallig op hetzelfde tijdstip als Turkey Shoot. Acteur Timothy Muskatell, een vriend en vaste medewerker van Ferrin, vertrouwde me toe dat SKATD meer dan het tienvoudige kostte van Ferrins eerdere film The Ghouls, die voor.... $7.000 werd gedraaid. Ook not quite hollywood...
Roel Haanen

Aflevering 18, 23 april

Lake Mungo is een film als een langzaam werkend gif. Eerst maakt zich een soort loomheid van de kijker meester. Een vader, een moeder, een broer, een opa , een oma en vriendinnen vertellen over de puber Alice die tijdens een zwempartijtje is verdronken. Statische close-ups wisselen elkaar af; niet bepaald opwindende cinema. Maar dan beginnen foto- en videocamera’s ineens vage geestverschijningen binnen- en buitenshuis te registreren en ga je je als toeschouwer al wat ongemakkelijker voelen.

Een paar onthullingen verder openbaart zich een schrijnend familiedrama en tenslotte bekronen de makers de laatste fase van de ontrafeling van Alice’s persoonlijke hellevaart met een kippenvelmoment dat weer eens de kracht van echt goede horror bewijst. Voor mij is Lake Mungo in zijn synthese van fantastiek en menselijk drama misschien nog wel geslaagder dan de huidige koploper in de publiekswaardering.

Zaterdagmiddag is de laatste kans om deze outsider een duwtje omhoog te geven, want die 25ste plek die hij nu bezet is onverdiend. Neem een duik in Lake Mungo en komt happend naar adem weer boven.
Phil van Tongeren

Aflevering 17, 22 april

Voor de programmering zag ik dit jaar ondermeer The Girls Rebel Force of Competitive Swimmers, Samurai Zombie en Chanbara Beauty. De trailer van Samurai Princess is net on-line. De regisseur van The Machine Girl werkt momenteel aan RoboGeisha. En de maker van Tokyo Gore Police kondigde alvast Stop the Bitch Campaign aan. De titels vatten de films meestal aardig samen.

Ik denk dat Quentin Tarantino een beetje de aanstichter is. Deze heldinnen bestonden al langer, maar sinds het optreden van Go Go (Chiaki Kuriyama) in Kill Bill lust het westerse publiek ook Japanse schoolmeisjes met ploertendoder en sloopbal. Of misschien was het toch die verduivelde provocateur Takashi Miike toen hij Eihi Shiina in Audition die huiveringwekkende sado-erotische finale liet spelen.

Een blogger noemde dit type films onlangs ‘Japanese- horror-made-with-foreign-cult-audiences-in-mind’ en hij heeft geen ongelijk. De formule is leuk, maar gemakzuchtig. Van de nieuwe lichting films in dit subgenre kan er wat mij betreft nog niet een tippen aan de vaart en humor van The Machine Girl. Aan de andere kant: actrices als Minase Yashiro, Asami Jõ, Honoka , Natsume Nana, Sasa Handa en Yuria Hidaka hoefden dankzij hun medewerking aan bovengenoemde films tenminste één pornofilm minder te draaien.

De originaliteit van Japanse genrefilms gaat wel wat verder dan cuties en splatter alleen. Dat bewijst bijvoorbeeld Nightmare Detective 2, die vanaf donderdag draait. Hopelijk is daarvoor straks evenveel enthousiasme als voor de Japanse export van Machinegirls.
Barend de Voogd

Aflevering 16, 21 april

Wat hielp was dat de regisseur ook zichzelf had meegebracht om na de voorstelling op charmant chaotische wijze uit te leggen waarom hij de film voor mobiele telefoons had gemaakt. Maar de sterkste troef in het Stingray Sam- offensief is McAbee’s zesjarige dochtertje Willa, dat met haar blonde krulletjes en Bambi-ogen de Shirley Temple-rol in de film voor haar rekening neemt.

Willa was ook te zien in de korte, in opdracht van het Sundance Film Festival gemaakte film Reno én op McAbee’s digitale camera, met een gezongen ode aan de trein. Met Willa’s tekenkunst hadden we al eerder kennisgemaakt, toen haar vader ons weken geleden digitaal haar tekening van een weerwolfje toestuurde. Zo vader, zo dochter.

Klinkt allemaal een beetje klef? Nou en? Na Stingray Sam wil je niets liever dan je inschrijven bij de Cory-en-Willa-fanclub . Wij zijn al lid.
Phil van Tongeren

Aflevering 15, 20 april

Als voorbeeld noemde hij Shakespeare’s Hamlet: je kunt dat stuk op veel verschillende manieren spelen, met verschillende interpretaties voor de exacte motieven van het personage, maar elke opvoering van Hamlet zal uiteindelijk tot dezelfde conclusie leiden.

'Ouderwets,' vond Auriea Harvey van het Belgische Tale of Tales, dat experimentele games ontwikkelt. Waarom niet een keer een opvoering die eindigt met Hamlet en Ophelia die er samen vandoor gaan gelukkig verder leven? Omdat er zonder conflict geen verhaal is, opperde iemand uit de zaal. Hij bleef netjes bij Shakespeare toen hij er een voorbeeld aan toevoegde: als Romeo en Juliette niet sterven, is dat fijn voor hen, maar het heeft lang niet dezelfde emotionele impact.

Zie hier de crux: geef de kijker mogelijkheid om het verloop én de afloop van het verhaal te beïnvloeden, en waar blijft dan de vertelkunst? Bovendien, en dat aspect miste ik in de discussie, het zadelt de kijker op met morele keuzes die hem medeverantwoordelijk maken voor wat er met de personages gebeurt.

Stel je voor dat je als kijker beslist hoe het verkrachtingsdrama I’ll Never Die Alone verloopt:

Level 1
Vier meisjes zien op weg naar huis een gewonde vrouw langs de weg liggen. Moeten de meiden stoppen en helpen of doorrijden? Kies je doorrijden, dan is de film snel voorbij. Blijf je als kijker wel met een schuldgevoel achter. Stop je om te helpen, dan ga je naar het volgende level:

Level 2
Het slachtoffer sterft op de achterbank van je auto. Breng je haar naar de politie of rijd je ermee naar huis? Doe je dat laatste dan heb je wat uit te leggen aan je ouders. Doe je het eerste, dan kom je vier enge kerels tegen die verantwoordelijk zijn voor de dood van het meisje. We kiezen de politie.

Level 3
Nu worden we gedwongen een keuze voor de daders te maken . Wagen we het erop dat de meiden hun mond houden en laten we ze gaan? Of kiezen we optie 2: we nemen ze mee naar het bos om ze te verkrachten en een kopje kleiner te maken?

Leuk tijdverdijf zo’n interactieve film? Misschien als je Jozef Fritzl heet. Ik zal niet ontkennen dat je nog ’s wat over jezelf te weten kunt komen, maar ik vrees dat de meeste kijkers daar in dit geval niet eens aan toe komen. Die zullen de kortste versie van de film kiezen.

Is het passieve filmkijken dan een veiligere ervaring? Zou ik niet durven zeggen. Bij een film als I’ll Never Die Alone kun je slechts hulpeloos toekijken . Jezelf in zo’n positie brengen, zou ik niet veilig willen noemen. Waarom we het dan doen? Dat is een onderwerp voor een andere keer.
Roel Haanen

Aflevering 14, 19 april

Vorig jaar stond ik tijdens mijn aankondiging van de Night of Terror op het podium van Tuschinksi 1 in een regen van langszeilende wc-rollen en welgemikte borrelnootjes, terwijl het gebrul vanuit de zaal binnen de kortste keren orkaansterkte bereikte. Had ik maar de macht van Charlton Heston als Mozes in The Ten Commandments om de orkaan mijn wil op te leggen.

In plaats daarvan stond ik in The Perfect Storm naast George Clooney op de brug van het visserschip dat manmoedig tegen de hoogste golf probeert op te klimmen en tenslotte reddeloos ten ondergaat in de golven.

Met een NoT noodgedwongen uitgesmeerd over drie zalen en de helft korter, leek een nog gruwelijker lot me dit jaar beschoren. Hoe zwaar zou ik onder vuur komen te liggen? Complete pakken wasmiddel in plaats van wc-rollen? Blikgroente in plaats van borrelnootjes? En zou de ondergang zich dit jaar wellicht afspelen op de schaal van de Titanic?

Laat ik zeggen dat het stevig onweerde tijdens het jaarlijkse ritueel, maar dat ik me achteraf niet hoefde te verschonen. Met dank aan het publiek dat blijkbaar bereid was door de zure appel van een geamputeerde NoT heen te bijten én aan bliksemafleider Jan Doense die bovenaan de trap in de lobby van het oude Tuschinski de Scream Queen Contest geroutineerd door het gebrul manoeuvreerde.

Trouwens, winnares Amber maakte met één misverstand over de NoT korte metten: dat alleen het mannelijk publiek in staat is een perfect storm van lawaai te produceren.
Phil van Tongeren    

Aflevering 13, 18 april

Geen angst: anime maakt een volwaardig deel uit van onze programmering en zal dat ook blijven doen zolang ze in het land van de rijzende zon en de elegante penseelstreek mooie dingen blijven maken. Aan de wil ontbrak het niet. Deze programmeur heeft zich zelfs nog door een niet ondertitelde dvd van .Hack//gu Trilogy proberen te worstelen.

Maar we zijn wél kieskeurig. We hanteren dezelfde maatstaven voor anime als voor gewone films en verwachten bovendien ook nog een mooie, poëtische, spectaculaire of innovatieve tekenstijl . En er zijn meer complicaties. .Hack//gu Trilogy bijvoorbeeld bleek - zoals veruit de meeste anime-titels - een OVA te zijn (Original Video Animation, soms ook afgekort als OAV). Dat wil zeggen: gemaakt om direct op dvd te worden uitgebracht. Gelukkig vindt u in steeds meer Nederlandse speciaalzaken grote hoeveelheden OVA, maar op IMAGINE zult u ze niet vinden.

Ten eerste is de lengte vaak een bezwaar. Ik liep bijvoorbeeld al helemaal warm voor Garden of Sinners, tot ik teleurgesteld ontdekte dat het een zevendelige serie betreft met afleveringen van ieder een uur. En de laatste aflevering is nog niet eens klaar! Hetzelfde probleem met de vijf afleveringen van Afro Samurai, nu populair vanwege de videogame en de stem van Samuel L. Jackson.

Er is wel een sequel van normale lengte. Maar Afro Samurai: Resurrection was te laat beschikbaar voor deze festivaleditie, en ook als dat niet zo was geweest, was ik op het tweede bezwaar gestuit: Wie wil er op een filmfestival kijken naar (a) een dvd op de beamer, die je (b) zelf al in huis kunt hebben? OVA’s zijn nu eenmaal gemaakt voor dvd of tv, en domweg niet beschikbaar op 35mm.

Bij veel OVA’s – en dat is het derde bezwaar – is bovendien zichtbaar dat in het seriële tekenwerk nu eenmaal minder aandacht en liefde is gaan zitten dan in de films die voor bioscooprelease worden gemaakt door bijvoorbeeld Hayao Miyazaki of Mamoru Oshii.

Want dat is wat mij betreft de grootste teleurstelling dit jaar. Ondanks de inzet van de Franse distributeur is het niet gelukt om The Sky Crawlers, de schitterende nieuwe anime van Mamoru Oshii, naar ons festival te halen. Het melancholische meesterwerk over jonge gevechtspiloten, oorlog en de onvermijdelijkheid van het lot, had niet mogen ontbreken. Helaas: in Europa circuleert slechts één ondertitelde festivalprint en die is tot nog toe aan Nederland voorbijgegaan.

Verder was er geen anime die door de ballotage kwam. Ook films met een goede pers, zoals Genius Party, Evangelion 1.0 en Straight Jacket, bleken tegenvallers.

Misschien is er iets over het hoofd gezien, maar de nieuwe Miyazaki natuurlijk niet. Ponyo on a Cliff by the Sea is een schitterende film, maar wel een voor de aller, allerkleinsten. Het lieve verhaal over de vriendschap tussen een vijfjarig jongetje en een prinsesje met een goudvisstaart vonden we toch iets te kinderlijk voor IMAGINE. Misschien hadden we ongelijk en treuren al die fans van de lange Night of Terror nu ook verschrikkelijk om Ponyo. Vanaf 23 juli kunnen ze het goudvisprinsesje in de bioscoop zien en me boos mailen op barend@ afff.nl (ook voor al uw anime-tips!).
Barend de Voogd

Aflevering 12, 16 april

Toen hij erachter kwam dat de nieuwe Chad Ferrin (Someone’s Knocking at the Door) op IMAGINE te zien was, in aanwezigheid van zijn idool, acteur Timothy Muskatell, draaide hij een beetje bij.
 
Gistermiddag was Menno aanwezig bij de eerste voorstelling van Someone’s Knocking at the Door en daarover schreef hij een liefdevolle blog, waarin hij bovendien een zelfgemaakt filmpje van de Q&A plaatste.

Scepsis is goed. Maar nog beter als je , zoals Menno, nagaat of je twijfel terecht is. Benieuwd tot welke conclusie hij komt na een weekje IMAGINE.
Roel Haanen

Aflevering 11: 16 april

Ondertussen kijk ik vanachter mijn computer naar de strakblauwe hemel buiten . Op andere dagen zou zich een blij gevoel van mij meester maken, vandaag wens ik dat een flinke partij bewolking de boel zo snel mogelijk komt versjteren.

Net als ik deze wens van een toelichting wil voorzien – een grijze hemel bevordert festivalbezoek - belt het radioprogramma Arbeidsvitaminen (in de ether sinds 1873) voor een ultrakort eentweetje over het festival. Het filmprogramma , de crisis, het ontbreken van een showballet (!) en een uitspraak van Simply Red’s Mick Hucknall (‘Als je niet van The Beatles houdt, is er iets mis met je ’) – het blijkt zich allemaal moeiteloos in een gesprek van een minuut of twee te laten persen.

Wanneer ik de telefoon neerleg en opnieuw naar buiten kijk, zie ik dat mijn bede om minder goed weer wel eens verhoord zou kunnen worden. De eerste wolken dienen zich aan. Onschuldig wit nog, maar toch. Binnen in mij klaart het op.
Phil van Tongeren

Aflevering 10: 14 april

Zé werd in 1963 geboren in de zwart-witfilm À Meia-Noite Levarei sua Alma / At Midnight I will Take Your Soul. Voor het eerst terroriseerde de duivelse doodgraver daarin een Braziliaans stadje met zijn zoektocht naar de perfecte vrouw. Want alleen zij die zijn sadistische martelingen doorstaat, zal in staat zijn hem het perfecte kind te schenken. Zé doodt en pijnigt, maar wordt zelf ook geplaagd door de geesten van zijn slachtoffers. En uit zijn lange, galmende monologen zal u duidelijk worden dat het hier om niets minder gaat dan een filosofische strijd met God en de mensheid.

‘Ziedaar de perfecte creatie der natuur: kinderen! Jammer, dat ze opgroeien tot idioten. Verloren in een doolhof van egoïsme… en gedomineerd door een kracht die niet bestaat: het geloof in de onsterfelijkheid van de ziel!’

Die eerste film werd in dertien dagen geschoten. Regisseur José Mojica Marins bracht die door op een dieet van 20 amfetaminepillen per dag, brak een been, regisseerde verder vanaf de brancard en leed onder herhaaldelijke zenuwinzinkingen. En hij speelde zélf de rol van Zé do Caixão. U begrijpt: de waanzin was niet altijd gespeeld. En die lange nagels? Die laat hij echt zo groeien.

De absurde fantasie en filosofie, de martelingen en de seksscènes maakten Zé razend populair. Marins maakte in de jaren zestig de ene naar de andere film, met sprankelende titels als Esta Noite Encarnarei no teu Cadáver , O Estanho Mundo de Zé do Caixao, Ritual dos Sádicos, Exorcismo Negro en Delírios de um Anormal. De studio van de regisseur, een oude synagoge, was een trekpleister van freaks, hippies en politieke subversieven. Tijdens live tv-shows liet Marins, gekleed als de doodgraver, mensen levend begraven, wormen eten en trok tanden zonder verdoving .

Brazilië was in de dagen een dictatuur en de sensor oordeelde: ‘ Educatieve waarde: nul. Een film voor junkies, geperverteerden en psychopaten.’ Na 1969 ging het snel bergafwaarts met Marins.

Gelukkig is Zé nu dus weer terug. In Embodiment of Evil kunt u bovendien fragmenten terugzien uit zijn oude successen. Tijdens het filmfestival in Sitges dit jaar, zag ik de oude Marins in de tuin van het gastenhotel staan. Wat had ik hem graag even de hand geschud. Maar ja, die nagels hè?
Barend de Voogd

Afelevering 9: 12 april

De meesten, onder wie collega Phil van Tongeren, zeggen Once Upon a Time in the West. Een minderheid gaat voor The Good, The Bad and The Ugly. Ik behoor tot die minderheid.

Once Upon a Time in the West is een grootse, majestueuze film. Maar ook een trage, plechtige en humorloze film. Geef mij maar de vaart en het plezier van The Good, The Bad and The Ugly. Het is het verschil tussen een katholieke mis bijwonen of een middagje naar de kermis. Gek eigenlijk, dat de minderheid de kermis verkiest.

Ji-Woon Kim lijkt ook tot die minderheid te behoren. Met The Good, the Bad, the Weird bracht hij een enthousiaste hommage aan Leone. En niet alleen aan de film waar hij in de titel naar verwijst, ook aan Giù la testa, of zoals de Engelse titel luidt: Duck , You Sucker.

Duck, You Sucker wordt nooit genoemd als beste Leone . Sterker: de film wordt vaak ten onrechte als mislukt gezien. Het is een krankzinnige en soms ongemakkelijke mix van politiek, actie en humor waarin een proletige Mexicaanse bandiet (Rod Steiger) en een Ierse bommenlegger (James Coburn) hun krachten bundelen om een bank te beroven. Gaandeweg raken de mannen steeds meer betrokken bij de Mexicaanse revolutie en komt het besef dat ze een hoger doel dienen.

Een echo van die politieke lading vinden we in Ji-Woon Kim’s film in de aanwezigheid van Koreaanse vrijheidsstrijders. Maar meer dan een echo is het niet. The Good, the Bad, the Weird is dan ook geen politieke film. Het is pure fun.

Dat deed me denken aan een uitspraak van Peter Delpeut in een interview met de Filmkrant, naar aanleiding van zijn en Mart Dominicus’ documentaire over het westerngenre Go West, Young Man! Delpeut beweerde daarin dat de westerns van Leone geen inhoud hebben: “Ze overstijgen het iconografische niet”. Zeker nooit Duck, You Sucker gezien.

Bij nader inzien is dat misschien wel de beste spaghettiwestern die Leone maakte. Duck, You Sucker heeft twee dingen voor op The Good, The Bad and The Ugly: de film heeft wat te vertellen en de personages maken een heuse ontwikkeling door. En hoe karikaturaal de rol van Rod Steiger ook is, wanneer hij zijn door het Mexicaanse leger afgeslachte familie terugvindt, krijg ik steeds weer een brok in mijn keel. 

Nog maar ’s een nachtje over slapen.

Roel Haanen

Aflevering 8: 10 april

Ik had op tv zojuist de thriller Midnight Lace gezien, waarin Doris Day in een mistig Londens park met de dood wordt bedreigd. Zou de booswicht zich inmiddels onder mijn bed hebben verstopt?
Verrukkelijk, die irrationele angst voor de grote boze boeman in het donker.

Maar waar gaat angst over in walging? Een paar jaar terug maakte ik als filmrecensent iets unieks mee : collega’s die tijdens een persvoorstelling vol afkeer de zaal verlieten. Ook ik voelde me onbehaaglijk bij wat zich op het doek afspeelde. Maar, come on guys , een recensent die wegloopt omdat het hem of haar allemaal teveel wordt? Dat is zoiets als een oorlogscorrespondent die flauwvalt bij het eerste druppeltje bloed. De film in kwestie was Irréversible, het afhaakmoment de minutenlange verkrachtingsscène in de voetgangerstunnel. Wie bleef zitten, werd voor zijn ‘ moed’ beloond. Irréversible, dat zijn verhaal in omgekeerde volgorde vertelt, eindigt op een moment dat er nog geen vuiltje aan de lucht is en je het slachtoffer wel zou willen toeschreeuwen die fatale avond toch vooral thuis te blijven. Geen film die onze machteloosheid tegenover het onomkeerbare indringender weet vast leggen.

Enfin, het duurde even, maar begin dit jaar diende zich opnieuw een film aan, die het incasseringsvermogen van de kijker zwaar op de proef stelt. In het Argentijnse I’ll Never Die Alone (No Moriré Sola) van regisseur Adrián García Bogliano worden vier jonge vrouwen door drie kerels mishandeld en verkracht. Het stramien dat wordt gevolgd is ontleend aan vergelijkbare films uit de jaren zeventig: The Last House on the Left en I Spit on Your Grave. Het verschil met Irréversible stemt ongemakkelijk: I’ll Never Die Alone biedt inhoudelijk geen intellectuele ontsnappingsroute; het is pure exploitation. Maar het is ook een staaltje superieur filmmaken. Uiteindelijk brengt de film een gespleten gevoel teweeg: terwijl de gebeurtenissen zelf nauwelijks om aan te zien zijn, houdt de briljante vorm je onverbiddelijk in een houdgreep.

Dat is niet de thrill van de angst waarvan je ergens wel weet dat hij ongegrond is. I’ll Never Die Alone is een ‘ onveilige’ film die zijn kijkers aanzet tot voyeuristisch kijkgedrag waar eigenlijk geen goed excuus op van toepassing is. Het is wat het is: een film zonder geruststellende subtext, dubbele bodem of metafoor. Je kijkt ernaar als naar de paddestoelwolk van een atoombom: in bewonderend afgrijzen.
Phil van Tongeren

Aflevering 7, 7 april

Dat moet een vies baantje zijn.

Zo vies is ons werk gelukkig niet, maar ook wij moeten wel eens nee zeggen. En dat is nooit leuk. Het valt nog mee als je een sales agent of distributeur moet teleurstellen. Die heeft vaak persoonlijk veel minder geïnvesteerd in zo’n film. Maar juist bij die kleine, obscure films van vaak beginnende filmmakers – zeg maar: de filmende Ria ’s – is het lastig. Daar heb je vaak rechtstreeks contact met de maker die bloed , zweet en tranen, en vaak ook al zijn spaargeld, in die film heeft gestopt. Daar moet je respect voor hebben. En dan is het hoe dan ook lullig om een film af te wijzen, vooral als het een geval van net-niet is.

De meeste afgewezen filmmakers reageren heel beleefd op zo’n afwijzingsmail, sommigen teleurgesteld, een enkeling laat niks van zich horen.

Dit jaar had ik voor het eerst iemand die gewoon geen ‘nee’ accepteerde. Op mijn afwijzingsmail ontving ik van de regisseur, die verder anoniem zal blijven, een boos antwoord: hoe we het in ons hoofd haalden zijn film af te wijzen. Zijn film was bijzonder! Hadden wie die ene positieve recensie dan niet gelezen? Hij eiste een heroverweging. Nadat ik uitlegde dat we uit honderden films moesten kiezen en dat die van hem helaas buiten de boot was gevallen, eiste hij inzage in het ‘juryrapport’. Toen ik hem vertelde dat er geen juryrapport was, dreigde hij zijn collega-filmmakers te waarschuwen voor ons festival. Om een Idols- vergelijking te maken: hij was die kandidaat die weigert plaats te maken voor de volgende en eist dat Gordon en Jerney hem nog één kans geven.

Ik vond het sneu. Het onderstreepte maar weer eens de oneerlijke verhouding tussen iemand die iets creëert en iemand die alleen maar beoordeelt. Had ik hem het ‘ juryrapport’ moeten geven? Met andere woorden: vertellen wat we van zijn film vonden? Ik denk van niet. Dat is niet onze taak als programmeurs. Bovendien: wat had het toegevoegd? Hooguit een kwestie van adding insult to injury.
Roel Haanen

Aflevering 6, 4 april

Aan het woord is regisseur Brian Trenchard-Smith en de film waarover hij met zoveel zelfspot spreekt is – hoe kan ook het anders? – Stunt Rock uit 1978. Een jeugdzonde van onze eigen ‘Lovely Monique van de Ven. How could I say no?’ Wel, hierom:
Brian Trenchard-Smith is een van de helden in Not Quite Hollywood , een vrolijke documentaire over de wilde, sexy en explosieve B-films die Australië in de jaren ’70 en ’80 voortbracht. U mag deze Eye’s Wide Opener niet missen. Trenchard-Smith was de man die ex-Bond George Lazenby ervan overtuigde zich voor zijn film in de fik te laten steken! Hij was ook de man die de film regisseerde die Imagine meteen na Not Quite Hollywood vertoont: het ongelofelijk sadistische Turkey Shoot.

Brian Trenchard-Smith vertelde onlangs tijdens een filmfestival in België wat de film had moeten worden: ‘1984 meets The Camp on Blood Island and they play The Most Dangerous Game.’ In plaats daarvan werd het Turkey Shoot: ‘A train wreck of a movie’.

Acteur en producent David Hemmings verscheen om negen uur ’s ochtends op de set met een fles wijn aan de mond en vergokte een deel van het budget bij de paardenraces. De eerste vijftien pagina’s van het script - een achtervolgingsscène door een futuristische stad - werden nog voor de opnames verscheurd. Te duur, oordeelde de producent. De acteur die de gekke helikopterpiloot zou spelen vroeg teveel geld, en de helikopter zelf kon men eigenlijk ook niet betalen. ‘I thought: Oh shit! How can I make up for this? Well: blood is cheap. So I took a page out of Lucio Fulci’s book. Exploding heads, what’s not to like?’

Inderdaad . Het resultaat is meer dan vermakelijk. Vooral dankzij oud-worstelaar Roger Ward in de rol van kampbewaarder en de sadistische concentratiekampcommandant genaamd Thatcher. Dat was genoeg om de film in 1982 schandaalsucces te bezorgen – vooral in het illegale videocircuit van Groot-Brittannië natuurlijk. Trenchard-Smith  had nog veel meer wild-ass ideeën. Een van zijn meest recente films heet Aztec Rex (‘Jurassic Park eats Cortez’) en hij werkt momenteel aan een sekskomedie voor nostalgici: Porky’s: The College Years. ‘What’s not to like ?’
Barend de Voogd

Aflevering 5, 2 april

Het is een prettig nostalgisch artikel waarin Bart echter ook een bittere constatering doet: “The Weekend of Terror veranderde in het Amsterdam Fantastic Film Festival, dat het 25-jarig jubileum aangrijpt om met een nieuwe naam nog meer afstand tot het horrorgenre te nemen.”

Behalve een bittere constatering is het ook een foutieve. Sterker: het is flauwekul.

Welke afstand? Het klopt dat de programmering, sinds het oude Weekend of Terror uitgroeide tot een festival van een week, breder is geworden. Het publiek lijkt die avontuurlijke programmering te waarderen. Vorig jaar scoorden een romantische Beatlesmusical, een roadmovie in het hiernamaals en een praterige SF -film hoger dan La Terza Madre of Diary of the Dead, de horrorfilms van oude helden. Tegelijk was het voor het eerst in jaren dat een horrorfilm (Rec) met de Silver Scream Award aan de haal ging.

Dat er iets bij is gekomen, betekent niet dat er iets af is gegaan. Wie geen zin heeft in die poëtische poppenfilm in zaal 1 of Deense psychologische thriller in zaal 2 gaat toch lekker naar de spookhuisfilm in zaal 3? Keuze genoeg.

Bovendien: er zijn tijdens het festival per saldo nog steeds meer horrorfilms te zien dan tijdens het oude WoT. Ook dit jaar. Van de ruim vijftig films is meer dan de helft te classificeren als horror. Daarbij durf ik te beweren dat het programma van dit jaar een van de hardste in jaren is, met films als Martyrs, Deadgirl, I’ ll Never Die Alone, The Butcher en de remake van Last House on the Left. Daar staan dan weer rare buitenbeentjes tegenover als Fear Me Not, Before the Fall, From Inside en Suspension. Films waarvoor in het oude WoT geen plaats was.

Met de naam IMAGINE geeft het festival aan dat hier de verbeelding centraal staat. Dat is al jaren zo, sinds het WoT werd begraven. Alleen kwam dat in de naam Amsterdam Fantastic Film Festival onvoldoende tot uitdrukking, omdat veel mensen ‘fantastic’ interpreteren als ‘geweldig’, ‘te gek’, ‘fantastisch’.

Over nut en noodzaak van de naamsverandering mag iedereen een mening hebben, maar de suggestie dat dit ten koste gaat van één bepaald genre, is nonsens. Ik daag Bart uit om alle 26 als horror geclassicificeerde titels uit het programma te bekijken (vooruit, de helft mag ook), dan praten we daarna verder over die afstand tot het horrorgenre.
Roel Haanen

Aflevering 4, 31 maart

Aldus ikzelf over de eerste editie van The Weekend of Terror in het uitgaansblad Agenda van mei 1984. Een paar maanden eerder had ik initiatiefnemer Jan Doense geïnterviewd en bij die gelegenheid vrijkaartjes gebietst voor het vrijdagse en zaterdagse nachtbraken. Jan hield zich aan de afspraak, maar ik bezorgde hem niet de beloofde voorpubliciteit. Het stuk over het festival zou zelfs pas zo’n 3 maanden (!) na het evenement zelf worden gepubliceerd. En toen had ik nog het gore lef ook om er in bovenstaande zuinige bewoordingen over te berichten.

Hoe het tussen Jan en mij is goedgekomen, weet ik niet meer. Wel dat ik dat jaar nog op zijn verjaardag werd uitgenodigd en voor de gelegenheid een uit de kluiten gewassen keukenmes meebracht. Het waren de hoogtijdagen van de slasher movie, nietwaar? Jan sneed er de taart mee aan en liet mij ongemoeid. Mr. Horror, een doetje, altijd al geweest. Maar wel de man, pardon ridder, op wiens erfenis ik nu mag voortbouwen. Respect. 
Phil van Tongeren

Aflevering 3, 28 maart

Mooie, vreemde Eli uit Let The Right One In (Låt den rätte komma in). Een somber meisje met zwart haar, blauwe ogen en een donkere huid. Tweehonderd jaar oude Eli. Eeuwig - zolang ze maar mensenbloed drinkt.

Let the Right One In is het Zweedse meesterwerk van Tomas Alfredson over de bleke twaalfjarige Oskar die voortdurend wordt gepest, totdat hij Eli ontmoet. Een volbloed vampierfilm (een van haar slachtoffers hangt leeg te bloeden in het park!) die je tegelijkertijd een brok in de keel bezorgt. Een ontroerend verhaal over het Zweden van 1982, pestkoppen, eenzaamheid en tedere puberliefde.

Eli wordt gespeeld door debutante Lina Leandersson. ‘Lina heeft van zichzelf al die oude vrouw in zich, een natuurlijke treurigheid. Sommige kinderen hebben dat,’ beschreef Alfredson haar liefdevol toen ik hem in januari interviewde. Vervolgens biechtte de regisseur aan deze onbekende op hoezeer hij zelf vroeger werd gepest. De man die hiervoor vooral jeugdfilms maakte, vertelde dat hij zijn timide hoofdrolspelers selecteerde ‘omdat ze niet zo graag wilden’. Kortom: hier sprak niet alleen een talentvol regisseur, maar ook een ontzettend aardig en integer mens die niet vergeten is hoe het is om kind te zijn.

Toen we te spreken kwamen over de scène waarin Oskar wordt afgeranseld door pestkoppen stokte het gesprek. ‘Een van de pestkoppen begon op de set te huilen .’ Alfredson aarzelde even en vertelde toen verder: ‘Ik probeerde de jongen gerust te stellen maar hij kon niet meer stoppen. “Dit ben ik niet!” De tranen bleven komen. Toen heb ik het maar zo gelaten. Juist daardoor is het een heel sterke scène geworden, vind ik. De huilende pestkop.’

De regisseur raakte zichtbaar geëmotioneerd bij de herinnering. Zo’n man is Alfredson. En zo’ n prachtmens verdient het volle vertrouwen dat zijn jonge acteurs hem gaven. En de onvergetelijke Eli. Alfredson is dit jaar te gast op IMAGINE. We let the right one in.
Barend de Voogd

Aflevering 2, 25 maart

De nog immer kwieke Jan Doense (74), aartsvader van het festival, verzorgt de Tim Oliehoek-lezing, vernoemd naar de veelbelovende filmmaker die omkwam bij een explosie op de set van zijn veertiende film in de reeks Spion van Oranje. Bij dezelfde gelegenheid doneert Doense zijn ridderorde aan het festivalmuseum, dat eerder al zijn beroemde gebloemde colbertje aan de collectie mocht toevoegen .

Het ingevroren lichaam van filmmaker Dario Argento, in 2030 op negentigjarige leeftijd overleden, wordt ter gelegenheid van het vijftigjarig jubileum van Imagine ontdooid. De nog nadruipende filmmaker aanvaardt dankbaar de Grateful Dead Award van het festival.

Imagine lacht in zijn vuistje wanneer eerder dat jaar het IFFR op de vingers wordt getikt. Het Rotterdamse festival blijkt de bezoekersaantallen kunstmatig te hebben opgekrikt tot één miljoen door zelf vervaardigde menselijke hologrammen de festivallocaties binnen te smokkelen.

De 84-jarige Dick Maas presenteert op het festival zijn eerste film mét boodschap: Flodder in de Ruimte . Waarin Johnny Flodder op een van de ringen van Saturnus kindsoldaten probeert vrij te kopen.

De directie van Imagine kondigt aan plaats te zullen maken voor nieuw bloed. Roemer, de oudste zoon van zakelijk leidster Liselotte van der Burgt, wordt de nieuwe artistieke directeur. Zijn jongere broer Hidde neemt de zakelijke leiding op zich en benoemt zijn schaakcomputer tot marketing manager.

Een revolutionair computerprogramma, ontwikkeld als gevolg van een zesjarige, wereldwijde scenaristenstaking, smeedt bestaande scenario’s samen tot een nieuw verhaal. Paul Verhoeven (95) heeft de primeur met Basic Blackbook RoboTroopers.
Phil van Tongeren

Aflevering 1, 8 februari

Omdat de oude naam lang niet voor iedereen helder was en nog een mond vol bovendien. Legio zijn mijn ontmoetingen met mensen die bij het horen van ‘ Amsterdam Fantastic Film Festival’ van dezelfde Pavlov-reactie blijkgaven: ‘O ja , dat horrorfestival.’ Ook een reden dus om op zoek te gaan naar een passender etiket. En wat is er passender dan een naam die de festivalbezoeker uitnodigt zijn verbeelding de vrije loopt te laten: ‘Stel je eens voor dat...’

Sinds een vierkoppige programmeursstaf vrijwel meteen na een festivaleditie aan de slag gaat voor de volgende, blijkt de wereld van de fantastische film een stuk groter en een stuk rijker dan voorheen. Ook dit jaar leverde weer een torenhoge stapel films op, die lang niet allemaal in de bekende genrehokjes zijn in te delen. Natuurlijk zijn ze er, de fantasy-, horror- en sf-titels, en reken maar dat we de beste ervan u niet zullen onthouden.

Maar schrik niet van de vreemde en verwarrende films waarmee we u uitdagen ‘out of the box’ te denken. Dat doen we trouwens al langer dan vandaag en dat blijven we doen, dit jaar bijvoorbeeld met een themaprogramma sciencefiction dat zich weinig aantrekt van zogenaamde genredefinities.

Het is diezelfde eigenwijsheid die ons inspireerde het 25-jarige bestaan van het festival niet te vieren met een nostalgische terugblik, maar juist met een sprong in de toekomst . Vandaar sciencefiction, maar ook een symposium waarin we met deskundigen speculeren over de toekomst van het medium zelf. Stel je eens voor dat... 
Phil van Tongeren

Met dank aan het Imagine. Meer over het festival vind je hier.