filmjaar 2016

Gefrustreerde Amerikaanse mannen

Geen hartverwarmende Hollywoodromantiek

Rick de Gier ,

Greenberg lijkt op het eerste gezicht de zoveelste romantische komedie met Ben Stiller. Maar verwacht van regisseur/scenarist Noah Baumbach (The Squid and the Whale) geen hartverwarmende Hollywoodromantiek.

Noah Baumbach (1969) heeft er even over gedaan om tot ons land door te dringen. Zijn bekendste film The Squid and the Whale uit 2005 verscheen hier alleen op dvd, terwijl hij toen in eigen land al een poos bezig was. Begin jaren negentig leverde hij als student aan de prestigieuze Vassar-universiteit al humoristische essays aan The New Yorker – ongetwijfeld op basis van literair talent, al kon het vast geen kwaad dat zijn eveneens schrijvende ouders, Jonathan Baumbach en Georgia Brown, tot de culturele elite van New York behoorden.


Noah Baumbach
Eenmaal afgestudeerd maakte Baumbach een lowbudgetfilm over zijn belevenissen op de campus: Kicking and Screaming (1995). Twee jaar later volgde Mr. Jealousy, een soort Generatie X-variant op een relatiekomedie van Woody Allen. De critici konden Baumbachs snedige dialogen wel waarderen en noemden hem een talent om in de gaten te houden. Waarna er jarenlang niets meer van hem werd vernomen.

Baumbach bleek het met opzet rustig aan te doen. Hij werkte aan een autobiografisch scenario over zijn jeugd in Brooklyn en de scheiding van zijn ouders, waarvoor hij een specifiekere toon en visuele stijl wilde ontwikkelen. Ter inspiratie bestudeerde hij vooral werk van Europese meesters als Truffaut, Bergman en Rohmer. Niet meteen de eerste namen waar je aan denkt bij een frisse, licht absurdistische Amerikaanse tragikomedie, maar dat werd The Squid and the Whale toch wel. De prijzen, waaronder een Oscarnominatie voor het scenario, regenden binnen.

Het is nogal wat, hoe Baumbach zijn eigen familie in de film afschildert. Vooral pa moet het ontgelden: in de vertolking van Jeff Daniels is hij verstandelijk en neerbuigend tot in het extreme, het soort lachwekkende hork dat doet denken aan Royal Tenenbaum en Steve Zissou, de memorabele antihelden uit de films van Wes Anderson. Dat is geen toeval, Baumbach en Anderson zijn goed bevriend en werkten diverse malen samen.

In een interview op de dvd van The Squid and the Whale geeft Baumbach toe dat hij zijn ouders wel iets had uit te leggen toen de film uitkwam. Maar, zegt hij, als schrijvers konden ze wel begrijpen dat hij dit persoonlijke verhaal eerst van zich af moest schudden voor hij zich op nieuws kon storten. ‘Je kunt het uitbannen van oude demonen noemen .’

Venijnig
Het is de vraag hoe effectief die uitbanning is geweest, want in zijn volgende film Margot at the Wedding (2007) schetst Baumbach een nog zwartgalliger familieportret. Minder direct autobiografisch misschien – Nicole Kidman en Jennifer Jason Leigh spelen twee zussen die elkaar het licht in de ogen niet gunnen – maar wederom vol gal richting het elitaire schrijverswereldje in New York. De personages zijn zo venijnig dat je als kijker opgelucht ademhaalt wanneer na anderhalf uur de aftiteling in beeld verschijnt, hoe raak er ook wordt gesproken en geacteerd.

Dat stemt weinig hoopvol – als Baumbachs films steeds pijnlijker worden, is zijn nieuwste prent Greenberg dan nog wel door te komen? Het valt gelukkig mee. Baumbach lijkt zijn persoonlijke frustraties ditmaal iets meer op afstand te houden, wellicht geholpen door echtgenote Jennifer Jason Leigh, die meedacht over het verhaal en suggereerde het vertrouwde New York eens in te ruilen voor Los Angeles.

Voor de duidelijkheid: hoofdpersoon Roger Greenberg ( Ben Stiller) blijft een typisch Baumbach-personage – zelfingenomen, neurotisch, kleinzielig –, maar het goede nieuws voor de kijker is dat hij wordt omringd door veel sympathiekere tegenspelers. En dat je hem tegen het einde van de film ondanks alles in het hart sluit. Wat zeker ook een verdienste is van Stiller, die de beste, meest complexe rol van zijn carrière speelt.

Greenberg is eigenlijk een literaire creatie, licht Baumbach toe in een promotioneel interview: ‘Ik wilde graag iets maken in de traditie van Amerikaanse romans waar ik erg van houd, de boeken van Philip Roth en Saul Bellow en John Updike over mannen die op een dieptepunt in hun leven zijn aanbeland. Een aantal van die romans is in de loop der tijd wel verfilmd, maar er lijkt steeds iets te verdwijnen in de vertaling, omdat die verhalen zo specifiek in romanvorm zijn verteld. Daarom wilde ik eens proberen een dergelijk verhaal te vertellen in pure filmtaal.’

Platencontract
Geen gewone ouwe zeur dus, die Roger Greenberg, maar een Gefrustreerde Amerikaanse Man in de lijn van Roth’s Zuckerman, Bellow’s Herzog en Updike’s Rabbit. Vijftien jaar geleden lachte het leven Greenberg nog toe: hij woonde in zonnig Los Angeles, had een leuke vriendin en speelde in een band die zou worden opgepikt door een platenmaatschappij. Zijn neurotische aard gooide echter roet in het eten: hij weigerde het platencontract te ondertekenen uit angst zijn ‘ artistieke integriteit’ te verliezen, liet zijn vriendin in de steek en vertrok halsoverkop naar New York.


Greenberg

Inmiddels is Greenberg veertig en nog aan het bijkomen van een maandenlang verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis. Hij werkt als parttime timmerman en slijt zijn vrije tijd met het schrijven van klachtenbrieven aan organisaties die hem onbehoorlijk zouden hebben bejegend. Wanneer zijn succesvolle broer uit L.A . vraagt of Roger een paar weken op diens huis en hond wil komen passen, vat hij de gelegenheid aan om een poosje uit te rusten, oude vrienden op te zoeken en mogelijk het leven weer op te pakken dat hij ooit achterliet.

Maar dat valt tegen: die vrienden hebben zich intussen gesetteld en zitten niet te wachten op zo’n rusteloze, onvolwassen schim uit het verleden. De ongemakkelijke ontmoetingen lopen steeds uit op ruzietjes over vervlogen zaken – ruzies die Greenberg zelf uitlokt. Is er dan geen enkele verlichting voor de getroubleerde protagonist?

Jawel, heel voorspelbaar in de vorm van een dame. Florence (charmant-lijzige nieuwkomer Greta Gerwig) is de personal assistant van Rogers broer, die aanbiedt boodschappen voor hem te doen en hem door de stad rond te rijden (typerend detail: Greenberg rijdt principieel geen auto). Dat deze innemende twintiger door Rogers schijnbare misantropie heen prikt en zich niet laat afschrikken is nobel, maar ook niet helemaal pluis. Florence is zelf ook een gekwetste, dolende ziel, die veel te gemakkelijk over zich heen laat lopen.

Na het moeilijk verteerbare Margot at the Wedding maakt Greenberg meer kans Noah Baumbachs definitieve doorbraak bij het grote publiek te worden. Al zullen kijkers die op basis van de trailer en hoofdrolspeler een romantische komedie verwachten bedrogen uitkomen. Te lachen valt er zeker, maar altijd met kromme tenen, en romantisch is de relatie tussen de twee hoofdpersonen moeilijk te noemen. Hun pogingen tot lichamelijk contact leveren een paar van de ongemakkelijkste seksscènes uit de recente filmgeschiedenis op.

En een verhaal met kop en staart is er eigenlijk ook niet. De literaire vergelijking snijdt misschien nog het meeste hout – Greenberg is een scherpe, poëtische, bedachtzaam gecomponeerde karakterstudie. Twee voor de prijs van één zelfs, want Florence wordt even complex en geloofwaardig neergezet als Roger.

Baumbach laat zijn creaties op elkaar los en kijkt simpelweg toe wat er gebeurt . Compromisloos, maar ook zonder te oordelen. Conclusies worden overgelaten aan de kijker. Die mag psycholoogje spelen en speculeren wat er na de aftiteling gebeurt, wat nog boeiende gesprekken kan opleveren aan de borreltafel. Knap werk van de filmmaker, die helemaal geen gek figuur slaat naast die grote Amerikaanse verhalenvertellers die hij zo bewondert.