filmjaar 2016

Dino's en ander gespuis

De Bankzitter over monsterfilms

Martin ten Broek ,

Woensdag komt Jurassic Park 2 op tv, donderdag volgt Jurassic Park 3, donderdag wordt ook Pitch Black uitgezonden. Wat is de beste creature feature?

Het is jammer dat de sequels van Jurassic Park niet in de schaduw kunnen staan van het eerste deel, maar ook wel een beetje begrijpelijk. Die eerste film was namelijk een erg slim gemaakte avonturenfilm.

In een scène aan het begin van de originele Jurassic Park irriteert paleontoloog Alan Grant (Sam Neill) zich aan een jongetje dat een velociraptor ongeveer net zo eng vindt als een kalkoen. Alan legt aan het joch uit waarom wat meer respect op zijn plaats zou zijn: 'Stel dat je in het Krijt zou leven, en je zou een velociraptor tegenkomen. Dan zou je je misschien muisstil houden, in de hoop dat hij je niet zou opmerken. De raptor zou geen actie ondernemen, je alleen maar aanstaren. En dan, plotseling,  zou je van de zijkant aangevallen worden door twee andere raptors, die je nog helemaal niet had opgemerkt. Raptors jagen namelijk in groepen.' Grant haalt een centimeters lange, scheermesscherpe raptorklauw te voorschijn, vertelt het joch op welke plekken ze zijn buik ermee zouden openrijten en dat ze dan, terwijl hij nog leefde, zouden beginnen met eten.

De scène is grappig, maar ook enorm effectief. De vrees voor velociraptors zit erin, bij het jongetje en bij de kijker. Regisseur Spielberg is er goed in om zijn schurken heel gedoseerd te introduceren. In Jaws, zijn andere klassieke monsterfilm, zie je van de haai zo nu en dan een rugvin, meer niet. Dat is trouwens maar goed ook, de rubberen haai waarmee Spielberg moest werken (later door de crew liefkozend 'Bruce' genoemd)  zag er bepaald niet levensecht uit. Maar gedurende de film was het publiek al zo bang voor Bruce geworden, dat het velen niet eens opviel dat het monster eigenlijk nogal nep oogde.

Een 'Sweded ' versie van Jurassic Park

De dino's uit Jurassic Park zien er veel beter uit dan de rubberen haai, toch gebruikt Spielberg in zijn dinosaurusfilm dezelfde techniek. Hij laat in het begin van de film weliswaar beelden van vriendelijke brachiosaurussen en aaibare triceratops zien, maar van de echte gevaarlijke dino's, de carnivoren met de scherpe tanden, toont hij in het eerste uur niet meer dan wat details. Een stuk huid. Een geniepig loerend oog. Pas in de tweede helft van Jurassic Park laat hij zijn afschrikwekkende boosdoeners in volle glorie zien.

Juist omdat die eerste film zo goed is, vallen de twee sequels enorm tegen. De mooie, subtiele opbouw van het origineel ontbreekt, van dik hout zaagt men planken is het devies. De dino's zijn groter, dat klopt, maar dat een T-Rex drie keer moet kauwen voordat hij je doorslikt, en een Spinosaurus maar twee keer, is voor het slachtoffer waarschijnlijk niet zo vreselijk relevant. Jurassic Park 2 en 3 zijn, kortom, maar matige monsterfilms.

Wie zin heeft in een echt enge monsterfilm kan beter kijken naar Pitch Black. In die film crasht een ruimteschip op een verre planeet. Daarna moeten de overlevenden op de vlucht voor buitengewoon moordzuchtige lokale roofdieren. De makers van de film hebben heel slim bedacht dat je de angst voor verscheurende monsters nog intenser kunt maken door hem te combineren met de angst voor het donker. Het werkt. Jurassic Park 2 en 3 zijn herhalingsoefeningen. Pitch Black is een nagelbijter.

The Lost World: Jurassic Park: woensdag 21 maart, 20:30 uur, RTL 7
Jurassic Park III: donderdag 22 maart, 20:30 uur, RTL 7
Pitch Black: donderdag 22 maart, 22:30 uur, RTL 7

Meer columns van De Bankzitter over het tv- aanbod