een idee?

138 minuten stilte

Door Eefje Vaghi ,

Sinds 1945 zijn we in totaal 138 minuten stil geweest om oorlogsslachtoffers te herdenken. Videokunstenaar Eefje Vaghi voegde al die minuten beeld en geluid samen tot één herdenking.

Als kind vond ik het reuze ingewikkeld om een oorlog te herdenken die zich ver weg of lang geleden afgespeeld heeft. Ernstig deed ik mijn best om ‘te herdenken’. De dodenherdenking op televisie laat zien hoe dat hoort. Deze massale stilte op tv, waarin het nooit echt stil is, heb ik altijd merkwaardig gevonden.

Het beeld- en audiomateriaal van de afgelopen negenenzestig jaar heb ik terug gemonteerd tot één herdenking van 2 minuten. Door alle herdenkingen door elkaar te snijden worden de strenge regels van het ritueel en de tijd die verstrijkt zichtbaar. De regie en montage van de televisie-uitzendingen heb ik zoveel mogelijk gevolgd. De audio is gestapeld, zodat te horen is hoe meerdere dodenherdenkingen samen klinken.

138 minuten in cijfers

In 1945 was de eerste herdenking van één minuut. In 1946 zijn de slachtoffers twee keer herdacht: op 3 mei met één minuut, en op 4 mei met twee minuten stilte. Sinds 1947 houden we twee minuten stilte op 4 mei. Er wordt sinds 1961 officieel een ruimere definitie gehanteerd, die alle oorlogsslachtoffers sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog herdenkt. Vandaag zijn we voor de zeventigste keer stil. Met vanavond erbij opgeteld hebben we precies 140 minuten herdacht.

De oudste radio-opname dateert van 3 mei 1946, en het oudste beeld komt uit 1948. De plechtigheid op de Dam, van het verlaten van de Nieuwe Kerk door de Koning en Koningin tot het begin van het defilé, wordt sinds 1987 op alle publieke zenders uitgezonden.

Het kost 138 minuten om van Umbrië naar Amsterdam te vliegen, een Kirchweih gans te braden en het is de gemiddelde tijd die een Australische vrouw per dag meer besteed aan het huishouden dan haar man.

credits

Concept, regie, montage: Eefje Vaghi
Soud Design: Pim van de Werken
Met dank aan Instituut voor Beeld en Geluid, NOS en Ruben Pest.