16-27 nov

beter zicht

Angela van der Elst ,

Met The Look of Silence geeft Joshua Oppenheimer nu ook de slachtoffers van de verzwegen genocide in Indonesië een stem. ‘Adi zegt het onzegbare.’

Dat lachje. Zowel na het gedetailleerd beschrijven van de manier waarop iemand aan stukken
is gesneden, als na het horen van een volstrekt ongepast geachte vraag. De lach van ongemak, woede en schaamte, van verontschuldiging en schuldgevoel misschien. Het internationaal gelauwerde The Act of Killing (2012) zit er vol mee, en ook in Joshua Oppenheimers tweede documentaire over de nasleep van de nooit veroordeelde massamoorden op vermeende communisten in Indonesië in 1965/66, The Look of Silence, komt het regelmatig voorbij. Wat moet je ook, wanneer je als mens geconfronteerd bent geweest met het monster in de ander, in jezelf? Hoe houd je de waanzin op afstand? Door te lachen, kennelijk.

Zo uitzinnig als The Act of Killing was, waarin Anwar Congo herinneringen aan de misdaden die hij beging naspeelde in in stijl variërende filmscènes, zo ingetogen is The Look of Silence. Maar even ontstellend. Hoofdfiguur nu is Adi Rukun, het veel jongere broertje van de destijds door ‘collega’s’ van Anwar vermoorde Ramli. Oppenheimer - Amerikaan van geboorte,
woonachtig in Denemarken - hoorde die naam voor het eerst toen hij ruim tien jaar geleden filmde op een Indonesische palmolieplantage. Ramli stond symbool voor de verzwegen, ontkende genocide, omdat mensen hem, als een van de weinigen, hadden zien sterven. Zijn gehavende lichaam werd gevonden.

Opticien Adi (44) is de zachtheid, sympathie en het geduld zelve. Geboren na de dood van zijn broer in een getraumatiseerd gezin, een getraumatiseerde samenleving, wil hij weten wat precies de angst van iedereen om hem heen veroorzaakt. Terwijl zijn kinderen op school leren dat de moordenaars van toen helden waren, kijkt hij naar de opnamen die Oppenheimer (40) sinds 2005 heeft gemaakt van, inderdaad, als heroïsch beschouwde ‘bekentenissen’. En hij gaat op zoek, naar de daders, met zijn koffertje vol opticienspullen in de hand en regisseur Oppenheimer aan zijn zij.

ontwapenend effect

Het is precies 49 jaar na het begin van de slachting waartoe generaal Soeharto opriep, wanneer we Oppenheimer spreken via Skype. Een maand eerder ging The Look of Silence in première in Venetië, in aanwezigheid van Adi, en werd daar meermalen bekroond. ‘Eerst reageerde ik met “nee, absoluut niet”, toen Adi die mensen wilde gaan ontmoeten’, vertelt Oppenheimer. ‘Ik kon daar geen verantwoordelijkheid voor nemen. Maar hij was vastbesloten. “Ik wil dat ze erkennen wat ze deden en dat ze zeggen dat het fout was”, zei hij. Zodat hij hun daden kon scheiden van hun menszijn, en ze vervolgens verder naast elkaar zouden kunnen voortleven, bevrijd van de doodsangst die alle nabestaanden en eigenlijk het hele land nog steeds in zijn greep houdt.’

Adi vroeg al langer naar de herinneringen van mensen tijdens zijn oogmetingen. ‘Ziet u zo scherper? Vrezen alle dorpsbewoners u? En dit glas, maakt dat uw zicht beter?’ Behalve een mooie metafoor bleek het een gouden ingang tot de gezochte ouden van dagen. Oppenheimer: ‘Adi kon het oogonderzoek zo lang laten duren als hij nodig had om de verhalen die hij wilde horen eruit te halen. Hij werd gezien als een soort dokter, iemand die je probeert
te helpen, en hij deed dat bovendien vaak gratis, dat heeft een ontwapenend effect.’

Ongelofelijk wat Adi doet en durft, beaamt Oppenheimer. ‘Hij zegt onzegbare dingen, confronteert daders met de gevolgen voor overlevenden terwijl die daders nog altijd aan de macht zijn. We namen daarom uitgebreide voorzorgsmaatregelen bij het draaien: mijn filmploeg was Deens, niet Indonesisch, onze telefoons waren leeg op de telefoonnummers van de ambassade na, Adi droeg geen identiteitsbewijs bij zich, er reed een tweede auto mee om een eventuele achtervolging te bemoeilijken, iedereen was overal klaar voor evacuatie.’

Dit alles was gebaseerd op Oppenheimers ervaringen vele jaren eerder. ‘Toen al wilde ik een film over de slachtoffers maken.’ Dit werd echter onmogelijk gemaakt door intimidaties van het leger en arrestaties door de politie, waarna hij de suggestie van bange nabestaanden ter harte nam: ‘Film the killers’. Dat leidde tot het waanzinnige, voor een Oscar genomineerde The Act of Killing. Een ander niet onbelangrijk detail bij de totstandkoming van The Look of Silence: The Act of Killing was reeds gemonteerd, maar nog niet uitgebracht, waardoor Oppenheimer nog enige vrijheid van bewegen had. Inmiddels kan hij het land niet meer in, vertelt hij aangedaan. ‘Ik heb er sinds 2001 gewoond en gewerkt, deze documentaires zijn mijn liefdesbrieven aan Indonesië, ik voel me nu een balling.’

tijdloos mysterieus

Behalve uit de ontmoetingen, die spannender en abjecter worden naarmate Adi de directe veroorzakers van het verdriet van zijn hoogbejaarde vader en moeder nadert, bestaat de film uit iets tijdloos mysterieus. Het is de sfeer van de opnamen van het dagelijks leven van diezelfde ouders. Zij is naar eigen zeggen ongeveer honderd, hij nog ouder, maar denkt zeventien te zijn. In zijn seniliteit is hij alles vergeten, ook Ramli. De zorg waarmee zijn vrouw in hun armoedige behuizing zijn uitgemergelde lijf en leden wast en verzorgt, staat in schril contrast met de manier waarop in 1965/66 met levende wezens werd omgegaan. In een groengrijze, tropische omgeving zonder een spoor van het bloed dat in die periode van collectieve, aangewakkerde haat overvloedig vloeide, dragen mensen in stilte hun lijden. Omringd door de pochende moordenaars van hun geliefden. In het hiernamaals zullen de vermoorden wraak nemen, denkt Adi’s moeder.

Het heldhaftige filmoptreden van Adi heeft voor hem persoonlijk grote gevolgen gehad: hij is met zijn gezin verhuisd naar een deel van Indonesië waar hij hopelijk veilig is. ‘Uit de schaduw van die gevaarlijke mannen,’ zegt Oppenheimer. ‘Zijn verlangen naar verzoening is zo enorm dat hij het risico van dat lot accepteerde.’ Een eenvoudig, onopgemerkt leven verruild voor een zichtbare plek aan het bevrijdingsfront, door de slachtoffers van de verzwegen geschiedenis waarmee hij is opgegroeid een stem te geven. De rest zal blijken.