|
|
|
|
|
 |
|
De geschiedenis van Cyprus wordt gekenmerkt door een komen en gaan van kolonisten. De eerste nederzettingen
dateren al van 7000 jaar voor Christus. In het koperen tijdperk (3500-2500 v. Chr.) ontstaan de eerste handelsbetrekkingen als
grote hoeveelheden koper worden ontgonnen en verscheept naar onder andere Kreta en Egypte. In de eeuwen daarna wordt Cyprus bezet
en vervolgens weer verlaten door Anatoliërs, Phoeniciërs, Assyriërs, Egyptenaren, Perzen en Romeinen. Laatstgenoemden blijven ruim
vier eeuwen aanwezig en brengen grote welvaart naar het eiland.
Het Romeinse rijk valt uiteen en wordt in tweeën verdeeld. Cyprus komt bij het oostelijke Byzantijnse Rijk,
met Constantinopel als hoofdstad. Ruim honderd jaar later wordt de Orthodoxe kerk van Cyprus autonoom en wordt de macht van
de Cypriotische bisschoppen steeds groter, waardoor er een eerste ‘eigen’ Cypriotische cultuur ontstaat. |
|
| |
|
|
|
 |
|
 |

De eeuwen daarna kenmerken zich wederom door de strijd van verschillende bevolkingsgroepen om
het eiland. Het zijn met name Arabieren en Byzantijnen die elkaar te lijf gaan om de macht. In de 12e eeuw gaan
voor het eerst Westerse volken zich met het eiland bemoeien.
|
|
|
 |
|
 |
| |
Het is de Engelse koning Richard Leeuwenhart die in 1191 Cyprus onder toezicht stelt van zijn land. Kort daarop volgt een periode van ware
koehandel met het eiland. Leeuwenhart wil Cyprus verkopen aan de tempeliers, een rijke geestelijke ridderorde. Maar die
ondervinden veel weerstand van de Cypriotische bevolking en geven het land terug aan de Engelsen, die op hun beurt het
eiland doorgeven aan de Franse edelman Guy De Lusignan. Hij verdeelt het rijk onder een aantal Franse edelen.
In 1372 komt het tot gevechten tussen het huis van De Lusignan en Venetianen die naar het eiland waren gekomen. Deze
laatste krijgen eind 15e eeuw de macht in handen. De Cypriotische bevolking schiet weinig met de machtsovername op;
zowel de Franse edelen als de Venetianen buitten het land vooral uit ten koste van de bevolking. Wanneer de Turken in
1570 Cyprus binnenvallen worden ze dan ook als bevrijders binnengehaald.
De Turken herstellen de Grieks-Orthodoxe kerk in ere en verdelen een deel van het land onder de tienduizenden Griekse Cyprioten.
Het andere (kwalitatief betere) land ging naar de Turkse kolonisten die naar het eiland waren gekomen. Hoewel de
Turkse minderheid zich verspreidt over het hele land, blijven de bevolkingsgroepen streng gescheiden. De kiem voor het
huidige gespleten Cyprus is dan al aanwezig.
|
|
 |
Het Turks-Osmaanse rijk komt onder druk te staan door achtereenvolgens de Griekse vrijheidsoorlog tegen
het Osmaanse regime en de Russisch-Turkse oorlog van 1828. De Turken roepen de hulp in van Engeland, wat in 1878 uiteindelijk
leidt tot de overname van Cyprus van de Turken door de Engelsen. Officieel blijft het eiland onder Turkse soevereiniteit
maar Engeland krijgt het dagelijks bestuur. De Britten pompen behoorlijk wat geld in het land en de bevolking neemt snel toe
in omvang. Maar ondanks de welvaart blijft de meerderheid van de Cyprioten zich verbonden voelen met Griekenland. Als de Eerste
Wereldoorlog uitbreekt kiest de bevolking de zijde van Duitsland. Hierop annexeert Engeland Cyprus en in 1925 wordt het land
een Britse kroonkolonie, uiteraard onder protest van de Grieks-Cyprioten.
|
|
|
 |
 |
|
 |
 |
|
| |
In 1948 verwerpt de Cypriotische Assemblee voorstellen voor een Britse grondwet. In 1950 wordt een volkstelling gehouden waarbij
96% van de bevolking tegen Engeland en voor Enosis, de eenwording met Griekenland, stemt. De Britse gouverneur negeert de uitslag en Cyprus
blijft onder Brits gezag.
Met de komst van de aartsbisschop Makarios III begint echter een rigoreuze wending in de Cypriotische geschiedenis. Onder zijn
leiding komt het volk massaal in opstand tegen de Britse aanwezigheid en voert de guerillabeweging EOKA gewelddadige acties uit. Makarios wordt
verbannen maar de onderhandelingen over Cyprus gaan door. Die leiden in 1960 tot een verdrag tussen Griekenland, Engeland en Turkije. Cyprus wordt
een onafhankelijke staat met een Grieks-Cypriotische president en een Turks-Cypriotische vice-president.
Maar de samenwerking tussen de verschillende partijen verloopt stroef, en in 1963 laaien de vijandelijkheden weer op. De VN stuurt een
vredesmacht en een bemiddelaar naar Cyprus; tevergeefs. Er volgen economische blokkades en in de hoofdstad Nicosia ontstaan demarcatielijnen
tussen de Griekse en Turkse volkswijken.
|
|

|
| |
 |
|
| |
|
 |
In 1974 gaat het echt mis als Griekse militaire leiders alsnog Enosis af proberen te dwingen door middels een
aanslag op Makarios een staatsgreep te plegen. Om de Turkse minderheid te beschermen, stuurt de Turkse regering direct het leger naar
Cyprus die het noordelijk deel van het eiland bezet. Vanaf dan is Cyprus verdeeld in een Turks en een Grieks deel. De Turkse leider
Denktash wordt de president van Turks-Cyprus. Hij roept in 1983 de Turkse Republiek Noord-Cyprus uit, die echter alleen wordt erkend
door Turkije.
|
|
 |
Sinds die tijd wordt er onderhandeld over een hereniging van het eiland, maar de gesprekken lopen steeds stuk op de conflicterende eisen van beide partijen. In november
2002 komt de VN met het plan Cyprus naar Zwitsers voorbeeld (eigenlijk Bosnisch, maar dat klinkt wat minder aantrekkelijk) op te delen in twee
redelijk autonome deelstaten met een relatief zwakke federale regering. De EU laat weten dat als het conflict niet wordt opgelost, alleen het
Grieks-Cypriotische deel zal worden opgenomen. De toetreding zet dan ook flinke druk op de ketel aan beide zijden om tot een snelle oplossing te
komen. Met name van Turkse zijde wordt veel verwacht, nu Ankara weet dat de eigen toetredingskansen flink verbeteren als het meewerkt aan een
oplossing voor het eiland. Toetreding tot de EU zou dus wel eens een einde kunnen maken aan een van de meest complexe diplomatieke puzzels die de
internationale gemeenschap de afgelopen jaren heeft bezig gehouden.
|
 |
 |
 |
| |
terug naar boven |
|
 |
|