verzorgingstehuis

Arnon Grunberg ,

Ik heb een hekel aan dingen afzeggen en hoewel ik weet dat sommige mensen mij voor onbetrouwbaar houden, ben ik als het om afspraken gaat te vertrouwen.

Ik verschijn en doorgaans ook nog op tijd; als het om afspraken gaat ben ik een Pruis. Mijn reputatie moet met mijn relaties te maken hebben. Als ik het vanaf mijn 25ste bij één partner had gehouden, was ik nooit ‘onbetrouwbaar’ genoemd, maar dit terzijde.

Recentelijk werd ik verwacht in Wenen, maar ik had last van een ontstoken verstandskies. Nu sleepte ik het probleem van de verstandskies al enige weken met mij mee; mijn tandarts in Amsterdam had me laten weten dat de kies er net zo goed pas in oktober uit kon en gezien mijn agenda kwam oktober me eigenlijk ook het beste uit.

De kies zelf dacht er medio september anders over, of beter gezegd: de ontsteking rondom die kies. Een arts had tegen me gezegd dat de ontsteking wees op verminderde weerstand. De weerstand was kennelijk nog altijd verminderd.

Na enkele dagen met milde pijn liet ik de kies op een maandagmiddag trekken, wat tot nieuwe pijn leidde, iets waarvoor de kaakchirurg had gewaarschuwd.
Die maandagavond zou ik naar Wenen vliegen, maar naarmate de avond dichterbij kwam, bekroop de twijfel mij. Mijn wang was opgezwollen en ik voelde me koortsig. Op aanraden van de tandarts drukte ik bevroren doperwtjes tegen mijn wang – ‘erwtjes zijn beter dan ijs,’ had hij gezegd – maar de plicht riep. Toch begon het esthetische een rol te spelen. Ik dacht: met zo’n dikke wang kan ik mij niet in Wenen vertonen.

De mensen die op me wachtten liet ik weten dat ik het niet meer zou halen. Ze hadden er ongetwijfeld begrip voor. Een schuldgevoel kon ik niet onderdrukken, maar tegelijkertijd had ik de sensatie een dag op de dood te hebben gewonnen, een onverwachte vrije dag. Een dag die ik voornamelijk in bed doorbracht met bevroren doperwtjes, maar ook dat heeft zijn charme.

En het is training: ik was aan het oefenen voor het verzorgingstehuis.