waarschuwt

Esther Gerritsen ,

Vrijdag 27 maart 2015

...ik stond in de weg, er werd naar me getoeterd, een moment om nerveus te worden, maar ik keek vrolijk naar mijn medereiziger en zei: ‘Geen paniek, daar is deze knop voor.’

Het Keizer Karelplein is berucht onder beginnende automobilisten, een Nijmeegs verkeersplein dat je liever niet op je rijexamen tegenkomt. Ik had al tien jaar mijn rijbewijs, toen ik dit jaar voor het eerst over dat Keizer Karelplein moest.
En ja hoor, midden op het plein ging het mis, ik stond in de weg, er werd naar me getoeterd, een moment om nerveus te worden, maar ik keek vrolijk naar mijn medereiziger en zei: ‘Geen paniek, daar is deze knop voor.’
Ik deed mijn waarschuwingslichten aan en reed niet verder.
Midden op het verkeersplein legde ik het principe uit aan de passagier die zelf geen rijbewijs had: ‘Kijk, nu denkt iedereen dat ik pech heb, ze hebben dus medelijden met me en kijken goed uit, zij passen op voor mij en ik hoef even niets te doen, het is een ideale knop.’
Deze week kwam de knop weer eens van pas. Ik miste een afslag op een provinciale weg, die ik toch echt wilde halen. Het was niet erg druk, ik reed een eindje achteruit, terwijl ik achter mij twee auto’s zag naderen.
Opnieuw had ik een passagier en ik zei tegen haar: ‘Gewoon even de waarschuwingslichten aan.’ De twee auto’s achter mij stopten en lieten me kalm mijn gang gaan, waarschijnlijk bezorgd.
Maar nu had mijn passagier zelf een rijbewijs, en zij leek iets minder overtuigd van mijn gebruik van de superknop, ook niet toen ik het magisch kalmerend effect toelichtte: ‘Zodra ik de knop induw wordt mijn opkomende verkeerspaniek afgewenteld op mijn medeweggebruikers.’ Aan haar ogen zag ik dat ik een deel van de paniek nu ook op haar afwentelde, en toen ik afsloeg en mijn waarschuwingslichten weer uitzette, reed een van die auto’s mij ineens luid toeterend voorbij.
Goed, misschien gebruikte ik de noodknop op onorthodoxe wijze, maar die claxon mocht zeker niet en ik verdedigde mij hardop: ‘Dit is een oneigenlijk gebruik van de claxon, die mag alleen worden gebruikt om aankomend gevaar af te wenden, hij had eventueel naar mij mogen toeteren toen ik nog bezig was, maar achteraf zeker niet!’
Ik kon foeteren op die ander wat ik wilde, ik wist ook wel dat het in elk mensenleven ooit tijd wordt om afscheid te nemen van het oneigenlijk gebruik van de waarschuwingssignalen.