Topografie

Esther Gerritsen ,

Ik had een heel leuke aardrijkskundeleraar bij wie ik weinig van topografie heb geleerd.

Hij knipte de landen uit, vergrootte of verkleinde ze, zette ze op hun kop en dan moesten wij raden welk land het was. Alsof landen zomaar konden krimpen of plots al hun buurlanden verliezen. De moed zonk me in de schoenen bij al die variabelen.
Als calculerende middelbare scholier besloot ik topografie over te slaan en me fanatiek op andere zaken te richten om zo alsnog op een voldoende uit te komen.
Later heb ik wel geprobeerd mijn topografische kennis in te halen, maar het bleef bedroevend.
Toen ik mijn rijbewijs haalde, was de routeplanner er al. Dus bij mijn eerste autoritten kwam er ook al geen kaart aan te pas die me inzicht gaf over mijn route.
Zo zijn vele bestemmingen voor mij al jaren verbonden aan tijd en niet aan plaats. Ik weet hoelang het duurt om naar Drenthe te rijden, met de trein, met de auto, de bus, en met en zonder file. Dat zijn zoveel verschillende tijden, dat het voelt alsof Drenthe zelf ook steeds ergens anders ligt.
Deze week kocht ik een kaart van Nederland en hing hem aan mijn muur. Toen ik rustig naar die kaart stond te kijken, besefte ik pas hoe vreemd het is dat juist topografie mij altijd zo grillig heeft geleken. Het moet bij die creatieve leraar zijn begonnen.
Ineens ontroerde die kaart me. Met mijn vingers raakte ik Drenthe aan, dat op mijn kaart appeltjesgroen is, en ik dacht: Drenthe ligt hier, boven Overijssel, en Drenthe zal daar altijd blijven liggen. Het zal een andere naam kunnen krijgen, ze kunnen het inlijven bij een andere provincie, maar altijd zal het daar blijven liggen. Grootse natuurrampen buiten beschouwing gelaten.
Juist het statische deed me goed en voor het eerste voelde ik de topografische liefde vlam vatten.
Ik raakte de provinciën een voor een aan. Ik aaide over Groningen, dat knalroze is op mijn kaart, en toen ik me net weer wilde verliezen in heerlijke gedachten over zijn onbeweeglijkheid, besefte ik dat dit nu juist de beweeglijkste plek van ons land is. Ik liet Groningen los, en starend naar dat rustige roze vlak boven op mijn kaart vond ik het pas echt erg dat ze de aarde daar willens en wetens laten bewegen. Je moet de aarde niet laten bewegen en de landen niet uitknippen, noch omdraaien, er is al genoeg dat  beweegt.