Tegen het eeuwigdurend nu

elja Looijestijn ,

Onze gegevens, sites en foto’s verdampen waar je bij staat. Tegenlicht gaat op zoek naar hulp bij digitaal geheugenverlies.

VPRO Tegenlicht – Digitaal geheugenverlies
Zondag, NPO 2, 21.05-22.00 uur
 
Hoe digitaler we gaan leven, hoe kwetsbaarder alles wat we vastleggen is. Een kleitablet gaat tienduizenden jaren mee, een boek een paar eeuwen, een videoband enkele decennia. Maar de cd’s waarop we onze muziekcollectie hebben gebrand zijn binnen een paar jaar vergaan. Laat je een harde schijf per ongeluk vallen, dan kan alles wat erop staat weg zijn. Daar komt nog bij dat de computers van nu floppy- of minidisks allang niet meer af kunnen spelen. Ook gangbare software vernieuwt zich razendsnel. Een website van een paar jaar geleden loopt in de huidige browsers meestal krakend vast.

Dat maakt de gigantische hoeveelheid foto’s, filmpjes, tekst en programmacodes die we met zijn allen produceren enorm vluchtig en relativeert de stelling ‘het internet onthoudt alles’. Het opslaan van belangrijk cultuurgoed gaat niet vanzelf. En bovendien is het steeds meer in handen van commerciële partijen als Google en Facebook, die ermee kunnen doen wat ze willen. 

ellen mandemaker

Over hoe we ons huidige cultuurgoed toch kunnen behouden, gaat de Tegenlicht-aflevering ‘Digitaal geheugenverlies’ van regisseur Bregtje van der Haak.
Zij bezocht onder meer het Internet Archive in San Francisco. ‘Als we het verleden kwijtraken leven we in een eeuwigdurend nu,’ zegt oprichter Brewster Kahle, een internetondernemer die zijn fortuin stak in gigantische servers waarop miljoenen webpagina’s worden bewaard. Met de online Wayback Machine maakt hij die beschikbaar voor het grote publiek. Hij is ook begonnen met het digitaliseren van papieren boeken. ‘Het is belangrijk om te kunnen achterhalen wat er echt gebeurd is,’ zegt hij, ‘zodat mensen het verleden niet kunnen veranderen.’
The Long Now Foundation wil cultuur vastleggen voor de komende millennia en runt een aantal ambitieuze projecten gestart om dat te bewerkstelligen. Ook was Van der Haak bij de Egyptische

bibliotheek van Alexandrië, die een deel van de collectie van het Tropenmuseum in Amsterdam overnam. Ook in Nederland zijn er partijen met dit onderwerp bezig. 

Deleted city
In 2009 werd Geocities, een soort digitale stad waar iedereen een eigen website kon beginnen, door eigenaar Yahoo opgeheven. Een groep vrijwilligers vond dat dit stukje geschiedenis niet verloren mocht gaan en besloot het te back-uppen. Richard Vijgen houdt zich als ontwerper bezig met data en gebruikte deze gigantische hoeveelheid informatie voor zijn project ‘Deleted city’.
Vijgen: ‘Het was voor het eerst dat online een grote gemeenschap ontstond, die leidde tot een massamedium en een beursgenoteerd bedrijf. Op een gegeven moment werd Geo­cities ingeruild voor een nieuw concept, de huidige sociale media. Het verloor zijn waarde en de eigenaar trok de stekker eruit. Dat zal nog veel vaker gebeuren, en nu speelt ons leven zich nog veel meer online af dan toen. Er komt een moment dat Facebook ermee stopt. Wat zal er dan gebeuren met alles wat we daarop achter hebben gelaten?’

Het is moeilijk een plek te vinden voor het verleden op internet, vindt Vijgen. ‘Het is een heel vluchtig medium en speelt zich real time af. Veel data-opslag gebeurt nu achteloos. Maar de vraag is hoe we onze culturele uitwisselingen willen bewaren. Aan wie vertrouw je je leven toe en in hoeverre heb je er zeggenschap over? Dat draait om onafhankelijkheid, autonomie en digitale zelfbeschikking.’  

Bieslog
GertJan Kuiper, manager projectleiders bij VPRO Digitaal, heeft dagelijks te maken met de vraagstukken rond het opslaan van digitaal materiaal. Niet alleen beeld- en geluidsbestanden, maar ook websites behoren tot het VPRO-archief. ‘Browsers en mediaspelers veranderen zo snel. En als je niet blijft up­daten, werkt zo’n site na verloop van tijd niet meer. Hoe geavanceerder sites worden, hoe moeilijker ze zijn op te slaan. We moeten nadenken over wat we doen om ze te archiveren: beeld en geluid goed bewaren, screenshots of een filmpje om de werking en stijl van de site vast te leggen. In het verleden hebben we een paar mooie projecten op cd-rom gemaakt. Maar we hebben niet de apparatuur om die af te spelen.’

Kuiper is samen met het Instituut voor Beeld en Geluid bezig met een ‘testcase’ rond Bieslog, het weblog dat Wim de Bie tussen 2001 en 2008 bijhield. ‘We konden de site niet meer onderhouden. We hebben het hele bestand aan Wim de Bie gegeven, maar we willen natuurlijk graag dat het beschikbaar blijft voor het publiek. Hopelijk kan dit project als blauwdruk dienen voor de vele omroepsites die nu in de vergetelheid raken.’  

NCDD
De Nationale Coalitie Digitale Duurzaamheid is een initiatief van onder andere de Koninklijke Bibliotheek en het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid. Programmamanager Marcel Ras: ‘In de komende vijf tot tien jaar hopen we een gezamenlijke infrastructuur te bouwen voor het opslaan van digitale informatie. Dat zijn opslagfaciliteiten die meegaan met de tijd. Het systeem moet bijhouden of een bepaald bestandsformaat in onbruik raakt, en dan vanzelf actie ondernemen. Natuurlijk moet dat wel gecontroleerd worden.’
Een ingewikkelde en vooral heel kostbare aangelegenheid, maar hard nodig. ‘We worden steeds afhankelijker van digitale gegevens. Kijk maar wat er gebeurt als er een storing is bij internetbankieren. Stel je voor dat de gegevens bij de Belastingdienst ineens allemaal gewist zouden zijn. Dat zou een ramp zijn.’

Ras bewaart zijn persoonlijke waardevolle bestanden – vooral foto’s – op twee aparte harde schijven, waarvan er een niet bij hem thuis ligt. Elk jaar controleert hij of ze nog werken, en eens in de zoveel jaar vervangt hij ze. ‘Als consument is het handig om gebruik te maken van standaard bestandsformaten als jpg en pdf en meerdere harde schijven. Clouddiensten zijn redelijk veilig, maar ik zou er niet 100% op vertrouwen. Je moet in de gaten houden of je bestandsformaten niet in onbruik raken. En denk niet dat Microsoft of Google je problemen gaat oplossen, hou het in eigen hand.’