filmondernemer

maarten van bracht ,

Als bioscoopondernemer en filmdistributeur bracht Jean Desmet begin vorige eeuw het nieuwe medium film aan de man. Eye en Andere tijden eren hem met een tentoonstelling en een aflevering.

Andere tijden: Jean Desmet, handelaar in dromen
Dinsdag, NPO 2, 21.20-22.00 uur
 
Van de meeste bankiers en bestuursvoorzitters kun je je afvragen waaruit, gelet op hun riante inkomens, hun bijdrage aan de samenleving nu eigenlijk bestaat. Hun kleurloze bestaan steekt maar bleekjes af bij de biografieën van veelzijdige pioniers en ondernemers die echt iets op gang en tot stand hebben gebracht.
Neem Jean Desmet (1875-1956), bioscoop­exploitant, filmdistributeur, vastgoedondernemer. Een leven van kermisjongen tot miljonair, dat bol staat van initiatieven en verbeeldingskracht. Desmet, geboren in Brussel, moest na de vroege dood van beide ouders als gezinsoudste voor vijf broers en zussen zorgen. Hij verkocht eerst aardewerk op kermissen en jaarmarkten, daarna was hij kermis­exploitant met een rad van avontuur en een spiraalvormige glijbaan. Toen deze attracties werden verboden c.q. te gevaarlijk geacht, schafte Desmet in 1907 een reisbioscoop aan, een noviteit. Zijn Imperial Bio Grand Cinematopgraph werd voorzien van een twintig meter brede gevel met art-decoversieringen. In deze luxueuze bioscooptent werden filmprogramma’s gepresenteerd, samengesteld uit korte ‘rolprenten’ die Desmet in het buitenland had aangeschaft, met beelden van verre oorden, actualiteiten, komische sketches, allerlei optische effecten, close-ups, trucages, droombeelden – het publiek was verbaasd en opgetogen over de vele mogelijkheden van het nieuwe medium. Naast zijn trekpleister hield Desmet verblijf in een fraai ingerichte woonwagen, die het publiek zelfs mocht bezichtigen – tegen betaling van tien cent. 
Dankzij dit succes kon Desmet in 1909 zijn eerste vaste bioscoop openen, Cinema Parisien in Rotterdam, gevolgd door bioscopen in Amsterdam, Rotterdam, Bussum, Amersfoort en Delft. Steeds lag de nadruk er op entourage en exclusiviteit. Ook had hij een aandeel in bioscopen in Eindhoven en Vlissingen. Boven zijn bioscoop op de Nieuwendijk in Amsterdam, ook Parisien geheten, opende hij zijn Internationaal Filmverhuurkantoor Jean Desmet. Hij liet al zijn bioscopen exploiteren door familieleden. Aangezien er voor een voorstelling van twee uur wel vijf tot zeven korte films nodig waren, die in een vaste ­bioscoop wekelijks moesten worden ververst, bouwde Desmet een flinke collectie op. Hij had een goed oog voor de smaak van het publiek en schotelde het een slimme mix voor, met steeds een opgeruimde ‘uitsmijter’. 

Partie Tandem

Licht ontvlambaar
In 1910 bedacht Desmet, steeds gespitst op nieuwe ontwikkelingen, dat filmkopieën verhuren minstens zo lucratief is als ze eenmalig verkopen en ook meer oplevert dan bioscopen uitbaten. Door in Duitsland en Frankrijk gebruikte kopieën van complete filmprogramma’s aan te kopen en die vervolgens te verhuren aan bioscoopeigenaren, maar ook aan hotels, cafés en concertzalen, groeide Desmet uit tot een van de grote filmdistributeurs in Nederland. De melodramatische film Gebrochene Schwingen (1913) bijvoorbeeld bracht zijn geld wel op: Desmet wist hem in totaal 43 keer te verhuren.
Toen in de jaren tien de concurrentie toenam en bovendien de Eerste Wereldoorlog uitbrak, kreeg Desmet het moeilijk. Omdat de filmproductie stagneerde en de aanvoer van kopieën uit Frankrijk stokte, moesten Amerikaanse films soelaas bieden, maar het lukte Desmet niet om met de Amerikanen, die niks moesten hebben van onafhankelijke distributeurs, een goede zakelijke relatie op te bouwen. Hij stopte met films aankopen en deed zijn bioscopen in de verkoop. Alleen Parisien in Amsterdam werd aangehouden. Ook heeft hij geprobeerd zijn filmcollectie te verkopen. Tevergeefs, want de korte film raakte uit de gratie omdat de lange speelfilm in opkomst was, maar gelukkig bleven zijn films behouden. Al bewaarde Desmet ze niet uit filmhistorisch besef, maar om ze te gelde te kunnen maken. De meeste films uit de eerste jaren van de cinema zijn overigens verloren gegaan; afgedankt, vergaan of verbrand, want het toenmalige filmmateriaal nitraat was licht ontvlambaar.

Obsession d'Or

De Desmet-collectie bestaat uit 933 films, afkomstig uit Frankrijk, Amerika, Italië, Duitsland, Engeland en Denemarken – haast geen uit Nederland –, duizend filmaffiches, 1500 foto’s en een groot papieren bedrijfsarchief; alle administratie en correspondentie werd door hem bewaard. Het geheel werd, als eerste filmcollectie, in 2011 opgenomen in de Unesco-Werelderfgoedlijst voor documenten. Nu vormt het archief van Desmet een van de belangrijkste onderdelen van de collectie van filmmuseum Eye, dat een voorbeeldige tentoonstelling over Desmet presenteert en waar op grote schermen een groot aantal films uit de collectie-Desmet te zien is. 

Artheme promene

Wolkenproject
Zakenman Desmet stapte in 1916 over op vastgoed en werd financier. Hij had een meerderheidsaandeel in twee vastgoedmaatschappijen met woningen in Amsterdam. Ook als huisbaas bleek Desmet een goed zakenman, maar toch hebben zijn ondernemingszin en verbeelding op filmgebied hem nooit helemaal verlaten. Niet alleen hield hij bioscoop Parisien in Amsterdam aan, ook werkte hij, als een voorloper van Joop van den Ende, jarenlang aan het project Flora Palace, waarvoor in 1928 een nieuw vastgoedbedrijf werd opgericht. Flora Palace in de Amstelstraat, op de plek waar later discotheek de It stond, moest naar plannen van Jan Wils, de architect van het Olympisch stadion, een enorm uitgaanscomplex worden: een theater met 2250 stoelen, een cabaret, ijsbaan en daktuin met een café-restaurant. Helaas brandde het complex af en werd het project afgeblazen, al bleef Desmet er tot vlak voor zijn dood – hij overleed in 1956 in zijn riante villa in Aerdenhout – mee bezig. Ook van het zogeheten wolkenproject, met als doel het projecteren van reclameboodschappen op wolken, is niets terechtgekomen.
Tastbaar is wel het fraaie art-deco-interieur van de Amsterdamse Parisien-bioscoop dat in 1987 door Desmets kleindochter Ilse Hughan aan het toenmalige Filmmuseum aan het Vondelpark werd geschonken, waar nu AvroTros is gehuisvest. Hetzelfde, nagebouwde interieur bevindt zich ook in de september vorig jaar geopende bioscoop Filmhallen in Amsterdam-West. 
 
Jean Desmets droomfabriek. De avontuurlijke jaren van de film (1907-1916), Eye Amsterdam t/m 12 april