In meerstromenland

Mark van de voort ,

Joey Roukens is een componist van deze tijd. In zijn muzikale landschap vloeien pop, minimal, filmmuziek, klassiek en postmodernisme spontaan samen. Zo ook in zijn nieuwe concert voor viool en ensemble, Roads to Everywhere.

Avondconcert
Donderdag, NPO Radio 4, 20.00-22.30 uur

De strijd om schoonheid of waarheid. De eigentijdse componist heeft het niet voor het uitkiezen. Hanteer je de aloude tonale, toegankelijke muziektaal dan bekleed je al snel een uitzonderingspositie onder collega’s en critici. Volg je de hartgrondig geaccepteerde, modernistische voetsporen uit de jaren vijftig en zestig vol doorwrochte compositieprincipes, dan laat het publiek het weer afweten. Wat rest is een gevecht zonder winnaars. Uiteindelijk geldt er voor iedere kunstenaar maar één regel: volg je hart.
Een Nederlandse componist die onvervaard kiest voor muziek met een kloppend hart, is de 33-jarige Joey Roukens. Een waar componeertalent, dat dit voorjaar een vioolconcert en orkestwerk in première ziet gaan. Eind 2014 opende zijn grootschalige Rising Phenix voor koor en orkest het vernieuwde TivoliVredenburg-complex in Utrecht. Het Nederlands Philharmonisch Orkest heeft hem dit concertseizoen tot huiscomponist gebombardeerd. Voor het orkest voltooit hij het orkestwerk Morphic Waves dat 18 juni in première gaat. ‘Een procesmatig werk waarbij ik golfbewegingen in muziek wil vatten,’ vertelt hij. ‘Als persoon ben ik behoorlijk wispelturig, dus zo’n conceptuele aanpak is heel nieuw voor me.’

‘De wenkbrauwen worden straks weer gefronst. Als het te gemakkelijk in het gehoor ligt, moet je meteen in het verweer als componist.’

Joey Roukens

Kwelling

Roukens is een componist van deze tijd. In het meerstromenland van zijn muzikale landschap vloeien pop, minimal, filmmuziek, klassiek en postmodernisme spontaan samen. Zo luistert hij net zo lief naar de nieuwste van Sufjan Stevens, gaat hij naar een concert van Ennio Morricone en raakt hij even later opgewonden van een klassieker van Mendelssohn, Mahler of Adams. Compositielessen volgde Roukens bij Klaas de Vries, maar hij studeerde ook psychologie in Leiden. De vlot van de tongriem gesneden Amsterdammer kan dan ook onverbloemd verwoorden wat zijn creatieve ziel beroert.
Zo ontkracht hij gelijk de mythe dat hij een gemakkelijke schrijver zou zijn. ‘Een compositie beginnen is een kwelling. Ik ben niet snel tevreden als ik componeer. Ja, noem me gerust een perfectionist. En dan ben ik nog niet eens de snelste. Ik werk heel intuïtief waarbij ik zonder een duidelijk scenario mijn pad uitstippel. Net als een filmer denk ik in scènes. Muzikale scènes die langzaam naar elkaar toegroeien en één coherent scenario vormen. Dat betekent langdurig knippen, plakken en schrappen voordat er een zo bevredigend mogelijke final cut af is.’ Hij verwijst naar een van zijn favoriete films, Inland Empire van David Lynch. ‘Zonder draaiboek begon Lynch gewoon zoveel mogelijk filmmateriaal te schieten. Na een intensieve montage blijft er uiteindelijk een samenhangende film over. Voor mij in ieder geval,’ grinnikt Roukens.
Zijn nieuwe concert voor viool en ensemble, Roads to Everywhere, volgt een zelfde route.  ‘Een kluwen aan verschillende muzikale paden ontvouwt zich. Van melodische invallen tot ritmische grooves. Maar alle scènes delen hetzelfde muzikale DNA, en als vanzelf ontstaan er organische verbindingen. Het verhaal schrijft zichzelf. Als componist moet je zorgen dat niemand in het oerwoud verdwaalt.’

Popliedje

Voor veel componisten is het vioolconcert een beladen genre. De grote, klassieke voorbeelden liggen voor het oprapen. Roukens denkt daar anders over. ‘Die traditie is juist een uitkomst. Ik omarm die erfenis.’ Of het nu de vioolarpeggio’s van Paganini zijn of de expressionistische schrijfwijze in Alban Bergs Vioolconcert, voor componist Roukens is de muziekhistorie een heerlijke hoorn des overvloeds. ‘Naast die knipoog naar het verleden is het ook een vioolconcert van deze tijd. Uit de dance gebruik ik gesyncopeerde ritmes, maar er passeren ook wilde jazzloopjes en ambient-achtige structuren.’ Solist Joseph Puglia en het Asko Schönberg ensemble mogen zich vastbijten in Roukens’ partituur. ‘Ik heb het ensemble bewust klein gehouden, met zo’n vijftien musici. Te vaak verdrinkt de solist in te ruim bezette vioolconcerten. Puglia krijgt nu alle gelegenheid om uit te pakken. Maar verwacht geen romantische bombast met een show stelende solist. Geen virtuositeit om de virtuositeit. Het gaat om de totaalklank.’
Roads to Everywhere is opgebouwd uit twee delen. Van een energiek, sterk ritmisch openingsdeel gaat het vioolconcert over in het opzienbarende ‘Across the Fields’. ‘Een heel langzaam, lyrisch deel met een melodie die zich in je hoofd nestelt. Als uitgangspunt heb ik een intiem popliedje gekozen. Het begint heel sereen en quasi naïef en wordt gaandeweg expressionistischer. Een van de meest melodische werken die ik tot nu toe geschreven heb.’ Roukens verwacht heel wat reacties op dit deel. ‘De wenkbrauwen worden straks weer gefronst,’ glimlacht hij. ‘In deze tijd wordt zo’n lyrische expressie te snel afgeserveerd. Als het te gemakkelijk in het gehoor ligt, moet je meteen in het verweer als componist.’

'Soms zou ik wel eens verder willen gaan. Thuis achter de piano improviseer ik geregeld in een Morricone- of Keith Jarrett-achtige stijl.'

Joey Roukens

Spanningen

Onder collega’s en critici proeft Roukens een weerstand. ‘In die zin voel ik me nogal een eenling als componist. Nederlandse collega’s als Joep Franssens en Willem Jeths zijn gelukkig wel weer op zoek naar schoonheid of een nieuwe plek voor een open tonaliteit. Sowieso zijn tonaliteit en samenklank verankerd in ons biologisch systeem. Daar kun je niet omheen.’ De angst voor het banale lijkt er goed in te zitten onder het componistengilde. Roukens laat zich niet afschrikken. Integendeel. ‘Soms zou ik wel eens verder willen gaan. Thuis achter de piano improviseer ik geregeld in een Morricone- of Keith Jarrett-achtige stijl. Puur voor mezelf. Eigenlijk is het regelrechte kitsch, die ik niet kan verwerken in mijn concertstukken. Ondertussen tast ik wel de grenzen van mijn muzikale denken af. Dat geeft spanningen. Maar grenzen zijn er om opgezocht en opgerekt te worden.’

Roads to Everywhere, vioolconcert van Joey Roukens, Asko Schönberg o.l.v. Clark Rundell, Muziekgebouw aan ’t IJ Amsterdam (17 maart),  TivoliVredenburg Utrecht (18 maart),
De Vereeniging Nijmegen (24 maart).