Hack je eigen bot

Elja Looijestijn ,

Het VPRO Medialab in Eindhoven organiseert regelmatig hackathons. De VPRO Gids deed mee en bouwde een bot.

De VPRO heeft een naam hoog te houden als het gaat om het bijhouden van de nieuwe ontwikkelen op het gebied van technologie en media. Sinds april vorig jaar staat in Eindhoven daarom het VPRO Medialab. Midden op het Strijp-S terrein, in het hart van de innovatieve creatieve industrie, werkt een klein groepje mensen aan innovaties op mediagebied. Het doel is om nieuwe manieren te ontwikkelen om de verhalen van de VPRO te vertellen. Daarom organiseert het Medialab evenementen en werken ze zo veel mogelijk samen met allerlei techneuten en creatievelingen. Een manier om dat te doen is de hackathon. Daarin werken kleine groepjes in twee dagen een idee uit. Aan het eind moeten ze een prototype presenteren.

Eerdere hackathons gingen over virtual reality, muziek en gezichts- en emotieherkenning. Deze twee dagen in september gaat de VPRO op zoek naar een bot. Een bot is een computerprogramma dat op een persoonlijke manier direct met de gebruiker communiceert. Zo zijn er al veel bedrijven die bots gebruiken als klantenservice, maar ze zijn ook handig als nieuwsvoorziening, psycholoog of agendahulpje. Een goede bot werkt met kunstmatige intelligentie: hij leert van zijn gebruikers en wordt zo steeds slimmer en beter in zijn vak. In de toekomst zullen mensen steeds meer gaan communiceren met robots, maar het gesprek verloopt nu nog niet altijd even vlotjes. Bots begrijpen mensentaal vaak niet goed, wat leidt tot frustraties.

Ben Bot

De groep van ongeveer dertig mensen die zich in Eindhoven verzamelt, bestaat uit programmeurs, studenten en ontwerpers van binnen en buiten de VPRO. Zelfs de redacteur van de VPRO Gids is welkom op de hackathon, want er is niet alleen technisch vernuft, maar ook creatieve input en kennis van taal nodig.

Zonder tijd te verdoen aan lange introducties, beginnen we op donderdagochtend met de klassieke brainstorm. Iedereen moet zo veel mogelijk ideeën voor bots op post-its schrijven en die op de muur van het Medialab plakken. Binnen no time is die gevuld met gekleurde papiertjes. Het aantal woordspelingen met ‘bot’ blijkt oneindig. Er zijn voorstellen voor Ben Bot, de botte bot en Berend Botje. Uiteindelijk groepeert projectleider Annelies Termeer de ideeën in verschillende categorieën en verdelen de hackers zich over de groepen. Nog geen uur na het openingswoord worden de laptops opengeklapt en kan het hacken beginnen.

Ik heb me aangemeld bij het team dat een bot wil maken die tips geeft uit het gigantische VPRO-videoarchief. De rest van mijn groepje bestaat uit drie vrienden, die allemaal bij dezelfde start-up werken: de BotBoys. Een expert in het onderwerp en drie mensen die zich dagelijks bezighouden met maken van bots; dat kan eigenlijk niet meer misgaan.

Ik ga op zoek naar de leukste filmpjes van Rembo & Rembo en de Beestieboys, terwijl mijn nieuwe collega’s Martin Klapwijk en Guido van Stiphout nadenken over de handigste opzet voor onze bot. Felix Paulusma is de hardcore programmeur van het stel. Hij sluit zich het liefste af met zijn koptelefoon op om ingespannen voor mij onbegrijpelijke code in te tikken, precies zoals ik mij een hacker had voorgesteld.

De bot die mijn groepje ontwikkelt laat de gebruiker steeds kiezen tussen twee plaatjes, om zo op een VPRO-filmpje naar smaak uit te komen. Wij moeten de communicatie tussen bot en mens zo soepel mogelijk zien te krijgen. Ik leer geweldige nieuwe termen zoals ‘dirty hack’ en ‘random fluff’. Dat laatste is het gekwebbel dat het communiceren met de bot leuk en gezellig moet maken. Daar blijken de hackers gelukkig zelf ook goed in te zijn, want om een uur of acht gaat de groep richting het nabijgelegen hotel. Bij een biertje in de bar praten we nog uren door over talen, programmeertalen, internetnostalgie en flexibele floppy’s.

AanBot

Er blijkt nog een cliché waar. De echte hackersnerds zijn geen ochtendmensen: sommigen komen veel te laat op de tweede dag. Vanavond moeten we onze bots presenteren aan een jury, dus we gaan vast aan de slag met een gelikte presentatie. We bedenken een briljante naam (AanBot), verzinnen grapjes en sturen gifjes heen en weer. Ik wist niet dat hacken zo veel kon lijken op klieren met mijn vrienden op de middelbare school. De bot hoeft nog niet helemaal vlekkeloos te zijn, maar we willen wel graag een werkend prototype hebben. Ondanks de deadline is de sfeer gemoedelijk. Om drie uur ‘s middags spreekt de organisatie zelfs van ‘verdacht weinig stress’. Zijn we allemaal zo goed of hebben we de lat te laag gelegd?

Na de onvermijdelijke pizza is het showtime. Een vier man sterke jury met belangrijke types uit de technologiewereld en van de VPRO beoordelen de bots op beleving, toepasbaarheid en de ‘wow-factor’. De andere groepen hebben bijvoorbeeld een interactief verhaal gemaakt gebaseerd op de jeugdserie Eng en een digitale verpersoonlijking van Kanye West.

Erg veel indruk maakt de NOS-bot, die stukjes uit het journaal aan elkaar plakt, waardoor een hilarische montage ontstaat. De hele zaal moet lachen en de programmeurs achter mij zuchten bewonderend als ze de gebruikte code op het scherm zien. ‘Deze gaan we niet meer winnen,’ fluistert Guido in mijn oor. Onze presentatie gaat echter niet slecht, wij zijn de enige die de jury met de bot kan laten spelen en ook de anderen in de zaal gaan meteen aan de slag met onze AanBot.

Na een kort beraad is de jury unaniem in zijn oordeel: de grappige nieuwsbot wint inderdaad, ‘ondanks een waardeloze presentatie’. Zij gaan naar huis met de prijs: een doe-het-zelf-robot. Maar de BotBoys en ik krijgen een eervolle vermelding en Geert-Jan Bogaerts, hoofd Digitaal bij de VPRO, wil graag in Hilversum verder praten over het idee. Wie weet krijgt u dus in de toekomst uw kijktips niet meer van een gids, maar van een bot.