|
Wiegel en Bolkestein
Voor degenen die menen dat politiek een bloedsport is, vormde het rapport Dekker ongetwijfeld een teleurstelling. Niemand werd weggestuurd, niemand trad vrijwillig af. Dat was ook niet nodig. De commissie was niet opgericht om mensen te veroordelen, maar om uit te zoeken waarom de verkiezingen van 2006 zo slecht verlopen waren. Verliezen mag immers geen gewoonte worden – de VVD is tenslotte geen D66, nietwaar?
Nu het debat over de verkiezingen is afgesloten, verschuift de aandacht naar het beroemde/beruchte debat over de koers. De Commissie had op dat punt weinig te melden. De enige die zich daar de afgelopen weken wel over uitsprak, was Rita Verdonk. De VVD moet het volgens haar hebben van een fatsoenlijk rechts profiel. Dat lijkt mij prima, hoewel een beetje overbodig. De VVD is immers al vanaf haar oprichting rechts en fatsoenlijk. Het tweede deel van haar aanbeveling was wat mij betreft een stuk problematischer. De lijn die gevolgd moet worden, is volgens haar namelijk die van ‘de traditie van Wiegel en Bolkestein’. Toen ging immers alles goed. Toen werd er nog gewonnen. Als ik Mark Rutte was, zou ik dat advies maar gewoon naast me neer leggen. De ‘traditie’ waar Verdonk naar verwijst, is namelijk gebaseerd op een sterk geromantiseerd beeld van het verleden. In werkelijkheid was de VVD onder Wiegel en Bolkestein goed maar niet groots, invloedrijk maar niet gezichtsbepalend. In de periode waarin zij de VVD domineerden, leverde de PvdA twee premiers, het CDA drie. En de VVD? Nul komma nul. In de tijd van Wiegel en Bolkestein was een tweede plaats misschien het hoogst haalbare. Maar waarom zou de VVD in het huidige politieke klimaat, waarin een partij met dertig zetels al het Torentje kan claimen, met zo’n uitslag genoegen nemen? Rutte moet proberen te doorgronden waarom zijn partij zelfs onder Wiegel en Bolkestein er nooit in slaagde de grootste te worden. Om het vervolgens zelf beter te doen. Als er in dat kader heilige huisjes moeten sneuvelen – de hypotheekrenteaftrek bijvoorbeeld, of het individualisme – dan moet dat maar. Alleen zo kan hij uitgroeien niet tot een nieuwe Wiegel of Bolkestein, maar tot een nieuwe Thorbecke of Cort van der Linden. Tot een winnaar dus, niet tot een eeuwige tweede.
|