• Avro
  • VARA
  • vpro
Aflevering Nr. 929 
 
Martijn Lampert
Researcher Motivaction
Bevat video
Dolf van den Brink
hoogleraar Financial Institutions
Bevat video
Hans Boutellier
Sociaal psycholoog / hoogleraar VU
Bevat video
Loek Winter
Medicus/ zorgondernemer
Bevat video
Zwaar werk
Column Désanne van Brederode 4 oktober 2009
Grimmig Nederland
zondag 4 oktober 2009
terug naar de aflevering
Zwaar werk
Column Désanne van Brederode 4 oktober 2009
Ooit kreeg de literator Simon Vestdijk de vraag of het werk wat hij deed niet verschrikkelijk zwaar was? Vestdijk antwoordde met een tegenvraag: ‘Je kunt er toch bij blijven zitten?’ In de paar maanden per jaar dat hij niet op bed lag met een depressie, schreef Vestdijk misschien duizenden woorden op een dag – zwaar was zijn werk alleen in geestelijke zin.
In de discussie over de verhoging van AOW-leeftijd, gaat het vaak over mensen met zware beroepen. Die zouden eerder moeten kunnen ophouden, zonder er drastisch in inkomen op achteruit te gaan. Iedereen lijkt te weten wat zware beroepen zijn. Verpleegkundigen, stratenmakers, metselaars - al die mensen belasten hun rug, hun knieën raken versleten, en op latere leeftijd, als hun conditie en herstelvermogen achteruit gaan, telt iedere inspanning dubbel. Zeker als ze hetzelfde werk al vanaf hun vijftiende doen.
Natuurlijk mogen deze mensen nooit de dupe worden van een nieuwe regeling. De oplossing voor hun laatste arbeidzame jaren lijkt een functie die fysiek minder belastend is, maar waarbij ze wel het plezier in hun vak kunnen behouden: mooi als ze jonge mensen hun kennis en ervaringen kunnen doorgeven, bijvoorbeeld als docent.
 
De meeste mensen hebben tegenwoordig een beroep waarbij je gewoon kunt blijven zitten. Om overgewicht en RSI-klachten te voorkomen doen ze tussendoor wat oefeningen. Ze maken een ommetje, of ze sporten een uurtje. Planmatig en plichtmatig. Maar houd je een fitte, beweeglijke geest als je dag in dag uit uitsluitend zittend denkwerk verricht? Er zijn nogal wat mensen die niet meer horen dat ze altijd hetzelfde zeggen, dat ze op problemen met altijd dezelfde standaardformules reageren.
Mensen die van zogenaamd verfrissende trainingen en conferenties terugkomen met altijd dezelfde inzichten, hooguit verpakt in ander jargon. Mensen met meningen over van alles, die echter niet merken welke kloof er gaapt tussen hun theorieën en de veelkleurige, veranderlijke praktijk.
En niemand die zegt dat ze misschien eens zouden moeten stoppen. Niemand die zegt: ?Je berijdt nu al jaren hetzelfde stokpaardje, het komt er steeds ongeïnspireerder uit, je doet het alleen maar uit gewoonte, of uit geldingsdrang ? maar het is óp. Je mag dan alles behalve een burnout hebben, maar wij ruiken de schroeilucht wel. God, wat een dorre boel.?
 

Niemand wil dat verpleegsters en bouwvakkers van hun pensioen moeten genieten in een rolstoel, met kapotte knieschijven, een vergroeide nek of een versleten heup. Over de geestelijke slijtage bij kantoormensen, van ambtenaren tot wetenschappers, van journalisten tot psychologen tot managers, geen woord.
 
Maar willen we dat deze mensen oud worden met een grauw, uitgedroogd, versteend of verroest, maar in elk geval volkomen opgebruikt brein, waar op het laatst alleen nog wat los zand van overblijft, dat meteen door je vingers glijdt? Tot je zevenenzestigste doorwerken hoeft geen straf te zijn, als mensen ook de kans krijgen om los te komen van vaste patronen, vooroordelen en robuuste zekerheden. Zodat ze in de jaren tot hun dood nog wat te overpeinzen hebt. Of kunnen doorgeven ? al is het maar één wijze les.