• Avro
  • VARA
  • vpro
Aflevering Nr. 20 
 
Rubriek Politiek
Piet Reijers, kandidaat Recht door Zee Edam/Volendam
Bevat video
Opinie:De Korthals-doctrine
Paul Cliteur
De monarchie
Peter Rehwinkel, tweede kamerlid PvdA
Bevat video
WAO problematiek
Robin Linschoten
Bevat video
Het bezette land
Leon de Winter, schrijver, en Harry de Winter, televisiemaker
Bevat video
De invoer van drugs naar Nederland
zondag 20 januari 2002
terug naar de aflevering
Opinie:De Korthals-doctrine
Paul Cliteur
Maar toch is er voor Korthals nog hoop
De Korthals-doctrine
 
Onze grondwet zegt: “De koning is onschendbaar, de ministers zijn verantwoordelijk”. Dit is het belangrijkste artikel uit onze belangrijkste wet. Het regelt de ministeriële verantwoordelijkheid, het fundament van onze democratie.
Er zijn twee versies van die ministeriële verantwoordelijkheid, een laffe en een trotse. De laffe zegt: de minister is alleen verantwoordelijk voorzover hij wist wat zijn ambtenaren deden. Wist hij het niet en kon hij het dus niet vermijden, dan gaat de minister vrijuit.
De trotse conceptie wil van sorry niet weten. Ook al wist de minister niet wat zijn ambtenaren deden en kon hij dus niet ingrijpen, hij heeft voor zijn ambtenaren te staan. Geen mitsen en maren of sorry. Alleen de trotse conceptie houdt het ambtelijk apparaat en de minister scherp. De ministeriële verantwoordelijkheid is de zweepslag voor de ambtelijke dienst.
De trotse conceptie wordt ook wel de “Carrington-doctrine” genoemd. De Britse minister Lord Carrington stapte op door fouten van zijn ambtenaren, ook al kon hij daar niets aan doen. De Duitse minister Werner Maihofer deed hetzelfde.
In Nederland hebben we niet zoveel voorbeelden van de trotse doctrine, maar wel van de laffe. En hoe de laffe werkt konden we vorige week in dit programma zien bij de ondervraging van minister Korthals van justitie. De gewraakte schikkingen gesloten door het OM: de minister wist het niet, betreurde het wel. Daarna kwamen de bolletjesslikkers op Schiphol die vrijuit gingen. De minister wist het niet of te laat en beloofde weer beterschap.
De minister is nu “aangeschoten wild”. De oppositie laat hem bungelen en zo strompelt de arme Benk voort naar mei 2002.
Maar toch is er voor Korthals nog hoop. Hij kan zich een plaats verwerven in de vaderlandse geschiedenis als groot pleitbezorger van de democratische idee, zo ongeveer als zijn beroemde partijgenoot J.R. Thorbecke in de 19e eeuw. Een plaats bovendien die zijn naam zal laten voortleven, lang nadat zijn ministerschap is beëindigd. Er is een Carrington-doctrine, maar er kán ook een Korthals-doctrine komen. Een gat in de markt! Als de minister nu de rug recht houdt en even doorbijt, kan hij door het neerleggen van zijn functie veel groter worden dan door al zijn daden bij elkaar.
Als ik Korthals was, zou ik opstappen.