|
Dichter Fred Papenhove over de met de Halewijnprijs 2009 bekroonde bundel ‘De hemel is vol zwaluwen’, schrijver Atte Jongstra over wansmaak, muzikant Tjerk Ridder over zijn caravantocht zonder auto, een atelierbezoek bij de schilder Robert Vorstman die het Nederlandse landschap vastlegt, en schrijfster en fotografe Linda Roodenburg over antropometische fotografie.
EERSTE UUR Maarten Westerveen spreekt met de dichter Fred Papenhove die binnenkort voor zijn bundel ‘De hemel is vol zwaluwen’ de Halewijnprijs 2009 krijgt uitgereikt. De bundel bevat twintig korte, autobiografische leugens. De gedichten roepen de levens op van verschillende mensen: hoe die levens eruitzien of eruitzagen, zonder dat er namen worden genoemd. TWEEDE UUR Wansmaak is heerlijk. Dat is de overtuiging van schrijver Atte Jongstra. Hij is dol op alles wat lelijk is, vooral omdat het zo inspirerend contrasteert met schoonheid. Het is de schaduw die niet zonder het licht kan. Anton de Goede praat met schrijver Atte Jongstra over wansmaak, mede n.a.v. de Holland Doc-reeks 'Wansmaak met een grote W'. Contact met muzikant Tjerk Ridder, die vanuit Utrecht met een caravan vertrokken is, maar zonder auto. Hij lift naar de Europese Culturele Hoofdsteden van 2010: het Ruhr gebied in Duitsland, Pecs in Hongarije en Istanbul in Turkije. Onderweg worden de mensen die hem een lift geven gevraagd naar hun ‘Verse voornemen’; Wat is belangrijk te realiseren waar je trots op kan zijn? Deze voornemens worden ingeblikt, met op het blik de versheidsdatum, de datum waarop het voornemen gerealiseerd moet zijn. DERDE UUR Gijsbert van der Wal gaat op atelierbezoek bij de Amsterdamse schilder Robert Vorstman, die het Nederlandse landschap vastlegt in al zijn alledaagse schoonheid. Gebouwen aan weerszijden van het IJ, overkoepeld door hoge wolkenluchten. Een kruispunt in Amsterdam-Noord tegen de avond. Vorstmans werk is momenteel te zien in Galerie De Vis in Harlingen, en bovendien van 14 tot en met 17 januari op de Realismebeurs in de Passengersterminal in Amsterdam. Een gesprek met schrijfster en fotografe Linda Roodenburg, die vindt dat volkenkundige musea kopschuw zijn en ten onrechte weinig studie maken van de zogeheten antropometische fotografie. “Laat volkenkundige musea en antropologen over hun gêne heen stappen en zich roeren in debatten over mensen en culturen,” aldus Roodenburg. Welke gêne bestaat er precies? En wat kunnen volkenkundige musea dan doen wat ze nu nalaten? Léjò Schenk, directeur van het Tropenmuseum in Amsterdam, reageert.
|
Fred Papenhove
Wansmaak
Robert Vorstman
|