|
Paul Koek
Mede-oprichter van de opleiding Beeld & Geluid
R.A.M interviewde een aantal (oud)studenten van Paul Koek en vroeg hen naar hun ervaring met de opleiding Beeld & Geluid en met Paul Koek als docent.
De faculteit Beeld & Geluid is opgericht in 1990, toen het Koninklijk Conservatorium samen ging met de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunst. De fusie maakte een nieuwe richting mogelijk die de traditie van elektronische muziek combineerde met de ontwikkeling van muziektheater, en nieuwe mediakunst vormen: Beeld & Geluid. Het is een experimentele kunstopleiding waarin getracht wordt kunst te ontwikkelen waarbinnen verschillende disciplines worden gecombineerd. Het ideaal is dat door het onderzoek naar deze vormen nieuwe kunstvormen ontstaan. Soms lijkt het te lukken, soms blijft het een combinatie van twee of meer disciplines. De studenten hebben een heel verschillende achtergrond, theater, muziek, beeldende kunst enz. Het is te vergelijken met veel opleidingen die zich bezig houden met 'nieuwe media'. Specifiek voor Beeld en Geluid is het gegeven dat deze studie is gegroeid vanuit een conservatorium in plaats van een kunstacademie en dat ook theater-achtige vormen en performance een rol kunnen spelen in de studie. De bijdrage van Paul Koek is daarbij heel belangrijk, zijn achtergrond als musicus, zijn weg naar het muziektheater, zijn samenwerking met mensen als Dick Raaymakers, en ZTHollandia. Veel studenten lopen stage of volgen repetities bij Hollandia. Ook andere docenten hebben meegewerkt aan producties van Hollandia enz. Het theater, de ontwikkeling van producties daar, zoals het werken in een team, het combineren van disciplines, die dingen zijn belangrijke elementen binnen de opleiding Beeld en Geluid, en daarbij hangt veel af van de aanwezigheid van Paul. Hierdoor hebben we contact met een traditie, een proces van vernieuwing en ook de specifieke aanpak, methodiek van Paul. De opleiding bestaat uit vier jaar. Twee keer per jaar is er een presentatie van een individueel project. Daarnaast is er tijd voor buitenschoolse projecten, zoals stages, exposities, e.d. Deze zijn onder begeleiding van minimaal twee docenten, je begeleiders, van Beeld & Geluid. De lessen zijn heel divers. De leraren van Beeld & Geluid zijn allen zelf werkzaam in het gebied waarin zij les geven. Je krijgt dus les van kunstenaars uit verschillende disciplines. Enkele voorbeelden van de lessen: experimentele film, (elektronisch) muziektheater, kunstgeschiedenis van de 20e eeuw, metamedia, visual arts, schetsmethoden, human interface, klank en ruimte, enz. Je bent als student voornamelijk bezig met welke zintuigen je aanspreekt; de verhouding die het beeld ten opzichte van het geluid heeft en andersom, en met de technische en praktische aspecten die op je pad komen bij het vervolmaken van je idee. Enkele voorbeelden van projecten die getoond worden bij de presentaties: filmpjes, abstract en realistisch met zelf gecomponeerd geluid/muziek; installaties, bewegende 3D-objecten die geluid produceren; performances, korte ‘acts’. Tijdens de opleiding zijn er geen richtingen waarvoor je kunt kiezen of waarin je je kunt specialiseren. Je wordt compleet vrij gelaten in wat je maakt en wordt hier ook in gestimuleerd. Tijdens de opleiding heb je de faciliteiten van twee scholen (Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten en het Koninklijk Conservatorium) om veel dingen te leren en uit te proberen. Wat je wel ziet is dat veel studenten tijdens de opleiding een eigen stijl ontwikkelen, die gepaard gaat met de richting van één of meerdere disciplines. Paul Koek geeft les in muziektheater. Hij geeft zijn lessen, zoals de meeste leraren bij Beeld & Geluid, in project vorm, en doet dat op een zeer bevlogen manier. De studenten werken met hem aan een project, waarbij meestal uitgegaan wordt van een theatertekst, theaterconcept, muziekstuk of geluidscompositie. Deze wordt veel besproken en ook onderzocht, voornamelijk op de vloer; in spel en later ook in muzikaliteit van het spel, de tekst of het concept. Het is voor alle studenten een goede ervaring om de stappen van het maakproces te doorlopen en te ervaren. En inzicht te krijgen in theatrale aspecten en muzikale aspecten en de vereniging hiervan. Een student typeerde Koek als een ‘leider met een vriendelijke grip’. Hij bedoelde daarmee dat Koek een heel precies idee heeft van wat hij met een voorstelling wil maar altijd openstaat voor ideeën van zijn studenten. Koek zet zijn plannen uit en gaat vervolgens met zijn studenten in overleg. Het experiment staat hierbij hoog in het vaandel. In zijn muziektheaterproducties werkt hij met mensen van allerhande disciplines: beeldende kunst, theater, muziek, film. Karakteristiek voor zijn projecten is volgens zijn studenten dat hij zelf uitgaat van de muziek, niet van het toneel en dat muziek nooit slechts een ondersteunende, maar juist een intrinsieke rol speelt in voorstellingen. Maar ondanks dat Koek een musicus in hart en nieren is, zoekt hij in zijn voorstelling altijd naar een perfecte synergie tussen het theater en de muziek. En daarbij wordt niets of niemand tekort gedaan. “De samenwerking tussen de musicerende acteur en de acterende muzikant verloopt constructief zodra er gelijkwaardigheid op het toneel heerst.”
|