|
Albert Ayler
Free jazz muzikant
Toen Albert Ayler in 1970 dood uit de East River werd opgevist, had hij de status verworven van de belangrijkste free jazz muzikant die de jaren 60 hadden opgeleverd. Ayler, die in zijn muziek traditionele harmonieën en vast ritmes liet vallen, was geen bescheiden man: hij noemde John Coltrane ‘de Vader’, Pharoah Sanders ‘de Zoon’ en zichzelf … ‘de Heilige Geest’. Voor veel van zijn fans is hij dan ook het echte begin en het definitieve einde van de free jazz.
In tegenstelling tot tijdgenoten als John Coltrane of Eric Dolphy, was Ayler geen virtuoos die zich via de bebop, hardbop en freebop ontdaan had van alle regels van de jazz. Ayler speelde in rhythm ’n blues bands en toen hij soldaat was in diverse legerorkesten. Met zijn krachtige toon, onontkoombare volume en enorme vibrato klonk hij halverwege de jaren 60 nog het meest als een op hol geslagen straatorkest uit New Orleans. Er waren niet veel mensen die iets van zijn muziek begrepen en daarom week de saxofonist aan het begin van de jaren 60 al uit naar progressieve, jazzminnende naties als Denemarken en Zweden. Onder invloed van trompettist Don Cherry, met wie hij door Europa toerde, werd de invloed van volksmuziek steeds belangrijker in de melodieën van zijn composities. Zelf was Ayler ook invloedrijk. Het is zeker dat hij halverwege de jaren 60 een van de grote voorbeelden van John Coltrane was. En er zijn mindere volgelingen te bedenken …
|