zondag
29
februari
2004
11:00
Ned 3
|
Vandaag een documentaire over John Coltrane, de jazzsaxofonist. Veel unieke opnamen met o.a. een optreden van Miles Davis.
William John Coltrane (1926 – 1967) werd op relatief late leeftijd bekend als solist op de saxofoon. Na veel omzwervingen kwam hij in 1955 op 29-jarige leeftijd als vaste saxofonist bij Miles Davis. Hij zei zelf dat hij bij Miles overtuigd raakte van wat hij werkelijk kon bereiken. Op zijn 30ste maakte hij zijn eerste eigen lp en startte een indrukwekkende carrière als muzikant en als mens. De speelwijze van Coltrane ontwikkelde zich in drie stadia. Tijdens zijn eerste periode, met Miles voor Columbia en onder eigen naam voor Prestige ving hij allerlei echo's op en verwerkte hij op een strikt persoonlijke wijze diverse invloeden. In het tweede stadium, dat overeenstemt met zijn debuut als kwartetleider, werd hij overweldigd door de passie van zijn persoonlijkheid. Moeizaam maar zeker voltrok hij zijn innerlijke stilistische opvattingen. Het was én een mathematische én een poëtische taal, die de luisteraar zenuwachtig maakte en rustig stemde. Tijdens zijn laatste periode wijzigde hij zijn kwartet en stelde hij zich vrijer op. Hij werd aangetrokken door de free jazz van Ornette Coleman en vooral Albert Ayler. John Coltrane was één van de grootste muzikanten uit de jazzgeschiedenis, een avontuurlijk explorant. Enkele albums van Coltrane die in een fraaie platenkast niet mogen ontbreken zijn bijv: ’Soultrane’, ’Giant Steps' en ‘A Love Supreme’. Op “Blue Train” wordt Coltrane, tenor saxofonist par excellence, begeleid door de toenmalige begeleidingsgroep van Miles Davis, met een nog zeer jonge Lee Morgan op trompet. “Blue Train” betekende in 1957 het debuut van John Coltrane op Blue Note, én het jaar waarbij Coltrane officiële erkenning kreeg. Over het fenomenale album 'Ballads' schrijft Jan de Jeu een aardig stukje en legt uit waarom dit album een vreemde eend in bijt is van het oeuvre van Coltrane: "Er doen meerdere verklaringen de ronde omtrent de reden waarom Coltrane besloot om juist dit album – en ook de daarmee vergelijkbare plaat ‘John Coltrane and Johnny Hartman’ die in hetzelfde jaar verscheen – op te nemen. De eerste is dat ‘The Heavyweight Champion’ – als notoire zoetekauw en ex heroïne verslaafde - een zeer slecht gebit had en in het voorafgaande jaar steeds meer mondproblemen kreeg waardoor hij gedwongen was om enkele maanden met spelen te stoppen. Op zich een heel plausibele reden want nadat hij in 1960 zijn eigen kwartet geformeerd had – met McCoy Tyner op piano, Elvin Jones op drums en Reggie Workman op bas – begon hij aan zijn experimentele, lichamelijk zware, en spiritueel intensieve, muzikale zoektocht waarbij hij 10 tot 12 uur per dag speelde. Het lijkt dan ook aannemelijk om bij het herstarten na een periode van rust te beginnen met lichamelijk minder belastend materiaal. De tweede reden heeft te maken met de repertoirekeuze van deze saxofonist die maakt dat hij in die periode zowel excentriek als onorthodox genoemd wordt. Zijn muziek wordt afgedaan met termen als ‘niet-muzikaal’ en ‘anti-jazz’. Producer Bob Thiele zou het album uit hebben willen brengen om aan te geven dat deze ‘modernist’, deze ‘angry young man who made his tenor saxophone scream out’, het wel degelijk in zich had om op muzikale en invoelende wijze ‘ballads from the great American songbook’ te vertolken."
|
Biografie
Documentaire of uitzending bestellen?
|