• vpro
vorige   volgende  
zaterdag 12 december 2009 22:46 verslag
Een gesprek met violist Christiaan Bor over zijn begeleider en vriend Geza Frid
‘Kwaliteit komt altijd bovendrijven’
Het werk van de Hongaars-Nederlandse componist Géza Frid (1904-1989) is altijd relatief onbekend gebleven. Maar de interesse voor de componist laait momenteel weer op. De laatste jaren verschijnen er in snel tempo verschillende cd’s met zijn werk. De eerste cd is een feit in 2005, daarna volgt de tweede in 2008 en dit jaar, 20 jaar na Frid’s dood, namen violiste Birthe Blom, pianist Martin Tchiba en celliste Ditta Rohmann de derde op. In de uitzending van 13 december brengen Blom en Tchiba Frid’s Podium-Suite voor viool en piano.
Violist Christiaan Bor kwam in de jaren zestig al in aanraking met de muziek van Géza Frid en met de man zelf. Hij was meteen een groot liefhebber van zijn muziek. Samen met wijlen zijn broer Dick Bor zocht hij in die tijd naar repertoire voor vioolduo’s en omdat Frid veel voor die bezetting had geschreven, kwamen ze in contact: ’Het werd een enthousiaste samenwerking. Frid werd onze begeleider en er ontstond een hechte vriendschap’ , legt Bor uit.
 
Christiaan Bor, oprichter van het Reizend Muziek Gezelschap, heeft wel een verklaring voor de opkomende aandacht voor de componist: ‘Frid was van de oude stempel, maar toen er een sterke lobby kwam naar een progressieve manier van muziek schrijven, kreeg deze de bovenhand en raakte zijn muziek in de vergetelheid. Maar zoals in alle kunstdisciplines zijn het golfbewegingen. Kwaliteit komt altijd weer bovendrijven. Dat zie je nu bij de composities van Frid. Een fantastische violiste als Birthe Blom pikt deze muziek toch op. Gewoon omdat het zo goed is! ’
 
Opgedragen werken
Tijdens de samenwerking met Christiaan en Dick Bor draagt Frid ook een aantal eigen composities op aan de broers. De ‘ Paganini-variaties voor twee violen’ (ontleent aan de 24ste caprice van Paganini) en het ‘ Concert voor drie violen en orkest’ (ook opgedragen aan Emmy Verhey). Volgens Bor is het duidelijk te horen dat dit concert voor die drie specifieke violisten geschreven is: ‘ Er zitten in elke partij bepaalde speelmanieren die typisch zijn voor mij, mijn broer en Emmy. Dat was meteen heel herkenbaar en het was natuurlijk een eer om het te mogen spelen.’ Hij vindt het jammer dat het stuk in de vergetelheid is geraakt: ’Het stuk is een unicum in de vioolliteratuur, alleen Vivaldi heeft ook iets voor die bezetting geschreven. Maar ik denk dat weinig orkesten drie solisten uitnodigen en dat het daarom na onze uitvoering in de eind jaren zestig weinig meer is gespeeld.’
 
Enthousiast begeleider
Géza Frid heeft nooit een carrière als solist geambieerd. Hij is als pianist vooral bekend als begeleider van onder andere de gebroeders Bor en zangeres Erna Spoorenberg. Bor:‘ Hij voelde muzikanten goed aan, had een grote repertoirekennis en was daarom ook een enthousiast begeleider. Het begeleiden heeft hem ook naar Nederland gebracht. Eind jaren twintig vormde hij een duo met de beroemde Hongaarse violist Szekély. Ze tourden samen door Europa en omdat Szekély zich in Nederland vestigde, volgde Frid hem.'
 
‘ Onderzoek alles en behoud het goede’
Als componist staat Frid bekend om zijn voorliefde voor de Hongaarse volksmuziek. Zeker in het begin van zijn componistenbestaan. Door zijn leermeesters Bartók en Kodály werd hij vrij traditioneel “opgevoed” en tijdens zijn studie hielp hij bijvoorbeeld Bartók met het vinden van oude volksmuziek uit zijn thuisland. Door die traditionele opvoeding worstelde hij begin jaren zestig met de progressieve manier van schrijven, de atonaliteit. Hij vond de nieuwe stijl wel interessant genoeg om nader te onderzoeken. Hij experimenteerde, maar het lukte hem niet zich volledig aan te passen aan de nieuwe stijl, omdat zijn overtuiging daar te ver van af stond. Frid’s conclusie: ‘ Onderzoek alles en behoud het goede!’ . Composities van Géza Frid staan bekend om het ritme. Ook Bor vindt dat kenmerkend voor Frid's stukken: ‘ Zijn kracht zit meer in de ritmiek dan in de “diepe” muzikale frases. Hij gaat heel speels met ritme om en drukt zo zijn eigen stempel op het werk.’ Die speelsheid zit niet alleen in de muziek van Géza Frid, maar ook in zijn persoon zelf, volgens Bor: ‘ Het was een levenslustige man met een enorm gevoel voor humor en dat hoor je terug in zijn muziek.’
 
Opus 108
Muziek schrijven heeft Frid nog tot op hoge leeftijd gedaan. In 1974 vertrekt hij naar Amerika voor de wereldpremière van een van zijn composities. Hij maakte toen ook van de gelegenheid gebruik om zijn vriend Christiaan Bor op te zoeken: ‘ Hij was rond de zeventig denk ik. In Washington speelde het National Symphony Orchestra de première van zijn Toccata en hij reisde van oost naar west en terug in een Greyhoundbus. Die lange reis heeft zijn gezondheid echt een “knauw” gegeven’ , verklaart Bor. Concerteren werd daarna moeilijk, maar componeren bleef hij doen. Zijn doel was de honderdste compositie te halen. En dat lukte. Uiteindelijk haalde Frid de opus 108. De inmiddels 85-jarige Frid komt in 1989 tragisch aan zijn einde. Hij werd door verzorgers in een te heet bad gezet in het verpleegtehuis. Twee weken later overleed hij in het brandwondencentrum in Beverwijk.